IEFBE 2163

Prejudicieelgestelde vragen HvJ EU over recht op verwijdering koppelingen

Prejudicieelgestelde vragen aan HvJ EU 24 april 2017, IT 2271; IEFbe 2163; C-136/17 (G.C. e.a.) Privacy. Richtlijn 95/46/EG. De vier verzoekers hebben alle vier Google verzocht om verwijdering van ongewenste koppelingen van hun namen aan bijvoorbeeld filmpjes op YouTube of krantenartikelen. Als Google weigert wenden zij zich tot de Franse gegevensbeschermingsautoriteit (CNIL) om Google tot actie te dwingen, maar CNIL sluit de klachten zonder actie te ondernemen af. Verzoekers starten daarop een procedure wegens bevoegdheidsoverschrijding. Het HvJEU heeft in zijn arrest C-131/12 bepaald in welke gevallen informatie uit zoekmachines als ‘verwerking van persoonsgegevens’ moet worden gekwalificeerd. In de Franse wet is opgenomen dat de wet van toepassing is op verwerking van gegevens waarvan de verantwoordelijke op Frans grondgebied is gevestigd [in welke (rechts)vorm dan ook]. Google heeft een dochter in Frankrijk en valt dus onder de werkingssfeer van de Franse wet. Er is ook een bepaling in de wet opgenomen betreffende het ‘recht op het laten verwijderen van koppelingen’ indien aan de voorwaarden daartoe is voldaan. In dat geval is de exploitant van de zoekmachine verplicht tot verwijdering over te gaan.

Is het verbod voor andere voor de verwerking verantwoordelijken om gegevens te verwerken die onder de leden 1 en 5, van artikel 8, van richtlijn 95/46 vallen, onder voorbehoud van de in deze richtlijn bepaalde uitzonderingen, ook van toepassing op deze exploitant als verantwoordelijke voor de verwerking die bestaat in de activiteit van deze zoekmachine?