IEFBE 2498
  • Hoven van Beroep - Cours d'Appel
    14 nov 2016
  • Studieburo A tegen Studiebureau B

Studieburo heeft onvoldoende aangetoond een persoonlijke stempel te hebben gegeven aan lastenboeken

Rechtbank van Koophandel Gent 13 maart 2014, IEFbe 2498 (Studieburo A tegen Studiebureau B) en Hof van beroep Gent 14 november 2016, IEFbe 2498 (Studieburo A tegen Studiebureau B) Auteursrecht. Partijen zijn gespecialiseerde studiebureaus en als rechtstreekse concurrenten van elkaar te beschouwen. Volgens Studieburo A tonen de lastenboeken van Studiebureau B slaafse gelijkenissen met haar eigen lastenboeken, zodanig dat er sprake is van inbreuk op haar auteursrechten. De rechtbank oordeelde dat aan de lastenboeken geen auteursrecht toekomt en wees de vordering van Studieburo A af. Het hof bevestigt het bestreden vonnis.  Studieburo A heeft niet aangetoond dat zij met haar eventuele diverse keuzes haar werk een persoonlijke stempel gegeven heeft, die de persoonlijkheid van de auteur weerspiegelt. De vorderingen worden afgewezen.

Rechtbank van Koophandel Gent:

Nu vaststaat dat aan de lastenboeken geen auteursrecht toekomt, dient de vraag naar mogelijke inbreuken erop niet nader onderzocht te worden: de vaststelling van slaafse kopiename kadert in een regelgeving betreffende oneerlijke handelspraktijken, die geen rechtsgrond vormt waarop de vordering blijkens de dagvaarding gesteund wordt.

De vordering dient als niet aangetoond te worden afgewezen.

Hof van beroep Gent:

Uit de vaststelling dat de lastenboeken van de partijen verschillen wat de liftinstallatie en de sanitaire toestellen betreft, volgt de originaliteit in de zin van de genoemde wetgeving en rechtspraak niet vanzelf. Studieburo A moet aantonen dat zij met haar eventuele diverse keuzes haar werk een persoonlijke stempel gegeven heeft, die de persoonlijkheid van de auteur weerspiegelt. Toevoeging van een wezenlijke inhoud, kwalitatieve of esthetische criteria zijn niet relevant. Die persoonlijke stempel, die de persoonlijkheid van de auteur weerspiegelt is in de huidige zaak onvoldoende aangetoond.

Bron afbeelding