Reclamerecht - Droit de la publicité

IEFBE 2637

Geen verboden vergelijkende en misleidende reclame voor isolatiemateriaal Betopor

Gent - Gand 22 jan 2018, IEFBE 2637; (Isolatie & Constructie tegen Verpola), http://www.ie-forum.be/artikelen/geen-verboden-vergelijkende-en-misleidende-reclame-voor-isolatiemateriaal-betopor

Hof van beroep Gent 22 januari 2018, IEFbe 2637 (Isolatie & Constructie tegen Verpola) De redactie is op zoek naar: Rb van Koophandel Gent (afd. Brugge) 28 februari 2017​, om deze aan dit bericht toe te voegen redactie@ie-forum.be. Isolatie & Constructie drijft handel onder de benaming Isotrie en is actief in de bouwsector, meer bepaald in het spuiten van polyurethaan (“PUR”) in bepaalde fasen van het bouwproces als isolatiemateriaal. Ook Verpola is actief in de bouwsector en commercialiseert een gamma van isolatiechapes onder de naam “Betopor”. Op de website van Verpola zijn (hyper)links aanwezig naar negatieve artikelen over PUR. Isotrie meent dat Verpola zich hierdoor schuldig maakt aan verboden vergelijkende en misleidende reclame. De rechter in eerste aanleg wees de hoofdeis en tegeneis af als ongegrond. Het hof bevestigt het bestreden vonnis. De artikelen op de website van Verpola voldoen aan het objectiviteitsvereiste. Het vormen geen gratuite en louter subjectieve uitingen. Er is geen sprake van verboden vergelijkende reclame. Er is ook geen sprake van misleidende reclame, want Verpola maakt aannemelijk dat de plaatsing van Betopor voldoende thermische weerstand biedt.

IEFBE 2641

Conclusie AG: De Tabaksrichtlijn verbiedt dat smaak, geur- of smaakstoffen of andere additieven op het etiket staan vermeld

HvJ EU - CJUE 4 jul 2018, IEFBE 2641; ECLI:EU:C:2018:530 (Planta Tabak), http://www.ie-forum.be/artikelen/conclusie-ag-de-tabaksrichtlijn-verbiedt-dat-smaak-geur-of-smaakstoffen-of-andere-additieven-op-het
Planta Tabak

Conclusie AG HvJ EU 4 juli 2018, IEF 17815; IEFbe 2641; LS&R 1625; RB 3162;  ECLI:EU:C:2018:530; C‑220/17 (Planta Tabak) Merkenrecht. Tabak. Reclame. Verbod om tabaksproducten met een kenmerkend aroma in de handel te brengen. Overgangsperiode voor tabaksproducten met een kenmerkend aroma waarvan het verkoopvolume in de gehele Europese Unie 3 % of meer van een bepaalde productcategorie vertegenwoordigt. Verbod van elementen of kenmerken die verwijzen naar een smaak, geur- of smaakstoffen of andere additieven, of het ontbreken daarvan. Toepassing op tabaksproducten met een kenmerkend aroma die na 20 mei 2016 nog steeds in de handel mogen worden gebracht. Conclusie AG:

1)      Bij het onderzoek van de eerste prejudiciële vraag, onder b), is niet gebleken van feiten of omstandigheden die de geldigheid kunnen aantasten van artikel 7, leden 1, 7 en 14, [Tabaksrichtlijn].

2)      Artikel 13, lid 1, onder c), van richtlijn 2014/40 moet aldus worden uitgelegd dat het de lidstaten verplicht om te verbieden dat op de etikettering van verpakkingseenheden, op de buitenverpakking en op het tabaksproduct zelf elementen of kenmerken worden aangebracht die verwijzen naar een smaak, geur- of smaakstoffen of andere additieven, en zulks ook wanneer het niet om reclame-uitingen gaat en het gebruik van de ingrediënten nog is toegestaan.

IEFBE 2475

EHRM: Advertenties verwijzend naar Jezus en Maria niet in strijd met openbare zeden

EHRM - Cour eur. D.H. 30 jan 2018, IEFBE 2475; Application no. 69317/14 (Sekmadienis LTD. tegen Litouwen), http://www.ie-forum.be/artikelen/ehrm-advertenties-verwijzend-naar-jezus-en-maria-niet-in-strijd-met-openbare-zeden

EHRM 30 januari 2018, IEF 17481; RB 3092; IEFbe 2475; Application no. 69317/14 (Sekmadienis LTD. tegen Litouwen) Mediarecht. Reclame. Uit het persbericht: Kledingbedrijf Sekmadienis Ltd. publiceerde een reeks advertenties op haar website die de Litouwse rechtbanken en andere instanties als beledigend en in strijd met de openbare zeden beschouwden. In de advertenties werden beelden en bijschriften gebruikt die verwezen naar Jezus en Maria. Het Hof constateerde dat, ondanks het feit dat de advertentie een aantal klachten had opgewekt, de advertenties niet onnodig aanstootgevend waren en geen haat zaaiden. Ook hadden de nationale autoriteiten niet voldoende gemotiveerd waarom het gebruik van religieuze symbolen in strijd was met de openbare zeden. De nationale autoriteiten hebben geen goed evenwicht gevonden tussen enerzijds de bescherming van de openbare zeden en de rechten van religieuze personen en anderzijds het recht van Sekmadienis op vrijheid van meningsuiting.

IEFBE 2467

Vragen aan HvJ EU over het vermelden van de oorsprong van een product

HvJ EU - CJUE 18 jan 2018, IEFBE 2467; C-686/17 (Zentrale zur Bekämpfung unlauteren Wettbewerbs Frankfurt am Main), http://www.ie-forum.be/artikelen/vragen-aan-hvj-eu-over-het-vermelden-van-de-oorsprong-van-een-product
Champignons

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ EU 18 januari 2018, RB 3085; IEFbe 2467; C-686/17 (Zentrale zur Bekämpfung unlauteren Wettbewerbs Frankfurt am Main) Etikettering. Via minuza: Verzoekster is de Duitse vereniging ter bestrijding van oneerlijke mededinging. Verweerster teelt en verhandelt gekweekte champignons met de vermelding ‘Oorsprong: Duitsland’. Het productieproces van de champignons verloopt in verschillende stappen. Samengevat komt het erop neer dat de productiecyclus voorafgaand aan de oogst in België en/of Nederland plaatsvindt. 

IEFBE 2448

Vraag aan HvJ EU: Is gebruik modelovereenkomst waarbij consument in aanwezigheid van koerier een definitief besluit moet nemen over een transactie een aggressieve handelspraktijk door ongepaste beïnvloeding?

HvJ EU - CJUE 21 dec 2017, IEFBE 2448; C-628/17 (Orange Polska), http://www.ie-forum.be/artikelen/vraag-aan-hvj-eu-is-gebruik-modelovereenkomst-waarbij-consument-in-aanwezigheid-van-koerier-een-defi

Prejudiceel gestelde vraag aan HvJ EU 21 december 2017, RB 3067; IEFbe 2448; C-628/17 (Orange Polska). Oneerlijke handelspraktijken. Via minbuza: Verzoeker (Orange Polska) sluit met consumenten overeenkomsten betreffende het verrichten van telecommunicatiediensten en brengt wijzigingen in de voorwaarden van de overeenkomst, onder meer bij verkoop op afstand (online en telefonisch). Verzoeker heeft op zijn webpagina modelovereenkomsten opgenomen, die voor consumenten in de eerste fase van het opgeven van een bestelling via een speciale link toegankelijk waren. Verzoeker eiste voor de totstandkoming van de overeenkomst en de aanvang van de dienst dat de consument de overeenkomst betreffende het verrichten van telecommunicatie-diensten tijdens het bezoek van de koerier ondertekende. Wanneer tijdens het bezoek geen ondertekening plaatsvond, had dat tot gevolg dat er geen overeenkomst werd gesloten, en dat de consument ofwel zich naar een vast verkooppunt moest begeven ofwel opnieuw een bestelling moest opgeven. 

IEFBE 2442

HvJ EU: Bij nationale bepalingen die strafrechtelijke sancties inhouden maar geen technisch voorschrift zijn geldt mededelingsplicht

HvJ EU - CJUE 20 dec 2017, IEFBE 2442; C-255/16 (Anklagemyndigheden tegen Falbert), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-bij-nationale-bepalingen-die-strafrechtelijke-sancties-inhouden-maar-geen-technisch-voorschri

HvJ EU 20 december 2017, IEFbe 2442; IT 2447; RB 3062; ECLI:EU:C:2017:983; C-255/16 (Falbert). Reclamerecht. Kansspelen. Informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften. 

Artikel 1 van [InfoSoc-richtlijn 98/34/EG], moet aldus worden uitgelegd dat een bepaling van nationaal recht zoals die welke in het hoofdgeding aan de orde is, waarbij strafrechtelijke sancties worden gesteld op het zonder vergunning aanbieden van kansspelen, loterijen of weddenschappen op het nationale grondgebied, geen technisch voorschrift in de zin van die bepaling is, dat moet worden meegedeeld op grond van artikel 8, lid 1, van die richtlijn. Daarentegen moet een nationale bepaling zoals die welke in het hoofdgeding aan de orde is, waarbij strafrechtelijke sancties worden gesteld op het maken van reclame voor kansspelen, loterijen of weddenschappen waarvoor geen vergunning is afgegeven, wél als technisch voorschrift in de zin van deze bepaling worden aangemerkt, zodat het op grond van artikel 8, lid 1, van richtlijn 98/34 moet worden meegedeeld, voor zover uit de ontstaansgeschiedenis van die nationale bepaling duidelijk blijkt dat deze tot voorwerp en doel had een reeds bestaand reclameverbod uit te breiden tot diensten van onlinekansspelen. Het staat aan de nationale rechter om na te gaan of dit daadwerkelijk het geval is.

 

IEFBE 2403

Conclusie AG: Een consument verliest niet zijn hoedanigheid na langdurig gebruik van een particulier Facebookaccount om activiteiten te ontplooien

HvJ EU - CJUE 14 nov 2017, IEFBE 2403; ECLI:EU:C:2017:863 (Schrems tegen Facebook), http://www.ie-forum.be/artikelen/conclusie-ag-een-consument-verliest-niet-zijn-hoedanigheid-na-langdurig-gebruik-van-een-particulier

Conclusie AG HvJ EU 14 november 2017, IEF 17276; IEFbe 2403; IT 2410; RB 3032; ECLI:EU:C:2017:863 (Schrems tegen Facebook) vgl. IT 1878 . Voor „socinfluencers”, „prosumers” (professionele consumenten) zijn hun persoonlijke accounts op sociale netwerken een onmisbaar instrument voor hun werk. Een consument verliest niet zijn hoedanigheid indien hij – na langdurig gebruik van een particuliere Facebookaccount om zijn rechten uit te oefenen – boeken publiceert, lezingen houdt (soms ook tegen betaling), websites exploiteert, giften inzamelt om de rechten te kunnen uitoefenen. Bevoegdheid in zaken betreffende consumentenovereenkomsten – Begrip ,consument’ – Sociale media –Facebookaccounts en Facebookpagina’s – Cessie van vorderingen door consumenten die woonplaats hebben in dezelfde lidstaat, in een andere lidstaat en in een derde land – Collectief verhaal.

IEFBE 2379

Vragen aan HvJEU: zijn sigaretten met gementholiseerde bestanddelen verboden onder de Tabaksrichtlijn?

HvJ EU - CJUE 13 jun 2017, IEFBE 2379; C-439/17 (British American Tobacco), http://www.ie-forum.be/artikelen/vragen-aan-hvjeu-zijn-sigaretten-met-gementholiseerde-bestanddelen-verboden-onder-de-tabaksrichtlijn

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJEU 13 juni 2017, IEF 17183; RB 3003; LS&R 1515; IEFbe 2379; C-439/17 (British American Tobacco). Tabak. Consumentenbescherming. Via MinBuZa: Verzoekster (British American Tobacco GmbH) komt op tegen een beslissing van verweerster (Freie und Hansestadt Hamburg) waarbij haar het in de handel brengen van het product Lucky Strike Click Flow Switch-sigaretten is verboden. Deze sigaretten bevatten een capsule met menthol houdende vloeistof in de filter die door knijpen wordt afgegeven. Met het oog op de inwerkingtreding van bepaalde voorschriften van de wet betreffende tabaksproducten en verwante producten heeft verzoekster zich tot verweerster als de voor haar bevoegde toezichthoudende autoriteit gericht. Verzoekster heeft in haar brief uiteengezet dat met de overgangsbepaling van §47(4) TabakerzG, op grond waarvan het verbod in §5(1) punt 1a TabakerzG, om sigaretten en shagtabak met een kenmerkend aroma in de handel te brengen, pas met ingang van 20.05.2020 van toepassing is, het verdergaande voorschrift als vervat in de overgangs-bepaling van de richtlijn niet correct in Duits recht is omgezet. Daardoor mogen op grond van het verbod in §5(1) punt 1b TabakerzG sigaretten en shagtabak waarbij de menthol zich bevindt in de bestanddelen niet zijnde het eigenlijke tabaksrolletje, niet meer in de handel worden gebracht, zelfs indien op die manier een kenmerkend aroma in de zin van §5(1) punt 1a TabakerzG wordt gecreëerd. Dit is in strijd met het Unierecht. De verschillende behandeling van de beide productvarianten – mentholsigaretten die door de toevoeging van menthol aan bestanddelen is gementholiseerd, en sigaretten waarbij het tabaksrolletje is gementholiseerd – heeft geen basis in de richtlijn en is ook niet objectief gerechtvaardigd.