Gepubliceerd op donderdag 8 oktober 2026
IEFBE 4347
Gerecht EU - Tribunal UE ||
7 okt 2026,
Gerecht EU - Tribunal UE 7 okt 2026,, IEFBE 4347; ECLI:EU:T:2026:641 (MID season For When It's Not Quite Cold Not Quite Warm), https://www.ie-forum.be/artikelen/gerecht-eu-euipo-beoordeelde-beschrijvend-karakter-en-onderscheidend-vermogen-van-mid-season-op-basis-van-onjuiste-betekenis

Gerecht EU: EUIPO beoordeelde beschrijvend karakter en onderscheidend vermogen van ‘MID season’ op basis van onjuiste betekenis

Gerecht EU 7 oktober 2026, IEF 23912; IEFbe 4347; ECLI:EU:T:2026:641 (MID season For When It's Not Quite Cold Not Quite Warm). Milestone Sportswear Handels GmbH heeft verzocht om nietigverklaring van het Uniebeeldmerk ‘MID season For When It’s Not Quite Cold Not Quite Warm’, dat op naam van John Peter Srl is ingeschreven voor onder meer tassen, kleding en detailhandelsdiensten in de klassen 18, 25 en 35. Volgens Milestone Sportswear is het merk beschrijvend en mist het onderscheidend vermogen in de zin van artikel 7 lid 1 onder b en c van Verordening (EU) 2017/1001 (UMVo). De nietigheidsafdeling van EUIPO wees het verzoek af, waarna ook de kamer van beroep oordeelde dat het merk niet beschrijvend was en voldoende onderscheidend vermogen bezat. De kamer van beroep ging ervan uit dat het relevante Engelstalige publiek de woorden ‘mid season’ uitsluitend zou begrijpen als het midden van een van de vier seizoenen. Het Gerecht oordeelt echter dat de kamer van beroep hiermee een beoordelingsfout heeft gemaakt. Uit de door Milestone Sportswear overgelegde woordenboekfragmenten en voorbeelden uit de modebranche blijkt dat ‘mid season’ ook kan verwijzen naar overgangsseizoenen, zoals de lente en de herfst. De toevoeging ‘For When It’s Not Quite Cold Not Quite Warm’ ondersteunt deze betekenis, omdat daarmee wordt verwezen naar weersomstandigheden waarin het niet bijzonder koud of warm is.

Het Gerecht benadrukt dat een teken onder artikel 7 lid 1 onder c UMVo valt wanneer ten minste één van de mogelijke betekenissen ervan een kenmerk van de betrokken waren of diensten aanduidt en het relevante publiek daarin onmiddellijk en zonder verder nadenken een voldoende rechtstreeks en concreet verband met die waren of diensten herkent. Door uitsluitend uit te gaan van de betekenis ‘midden van een seizoen’ heeft de kamer van beroep miskend dat het teken ook kan verwijzen naar de overgangsseizoenen. Deze beoordelingsfout werkt door in haar onderzoek naar het verband tussen het teken en de betrokken waren en diensten. Daarmee heeft de kamer van beroep artikel 7 lid 1 onder c UMVo geschonden. Ook haar oordeel dat het merk voldoende onderscheidend vermogen bezit in de zin van artikel 7 lid 1 onder b UMVo berust op dezelfde onjuiste uitleg van het teken en kan daarom niet in stand blijven. Het Gerecht verklaart beide middelen gegrond en vernietigt de beslissing van de kamer van beroep van 12 november 2025. Het verzoek om het merk zelf nietig te verklaren wordt wegens onbevoegdheid afgewezen.

29      In the present case, it is apparent from the file relating to the proceedings before EUIPO submitted to the Court that, in support of the application for a declaration of invalidity, the applicant produced – in addition to dictionary extracts concerning the definitions of the individual terms ‘mid’ and ‘season’ – numerous extracts from websites, from which it is apparent that the expression ‘mid season’ is commonly used in the fashion industry to be suggestive of clothing or accessories suitable for changing weather conditions, which are, in particular, characteristic of intermediary or transition seasons between a dry season and a wet season or between summer and winter, like the transition in spring and autumn when the temperatures are generally cooler than in summer but warmer than in winter.

30      It is also apparent from the file relating to the proceedings before EUIPO submitted to the Court that, in support of its action against the decision of the Cancellation Division, the applicant produced other dictionary extracts concerning the definition of the expression ‘mid season’ rather than each of the individual terms of which it is composed. In essence, according to those documents, the expression ‘mid season’, or its variants ‘mid-season’ and ‘midseason’, refers to a temperate period of the year, between the extreme temperatures of winter and summer, that is to say, more specifically, spring and autumn.

31      It follows that, after reading the evidence produced by the applicant during the proceedings before EUIPO, the Board of Appeal was not entitled to disregard the fact that, in at least one of its potential meanings, for the purposes of the case-law cited in paragraph 19 above, the element ‘mid season’ of the contested mark refers to the transitional seasons of the year, such as spring and autumn, when the weather conditions are not too warm or too cold.

32      That statement is supported by the presence, in the contested mark, of the element ‘for when it’s not quite cold not quite warm’, which, by referring to a significant (‘quite’) absence (‘it’s not’) of coolness (‘cold’) and a significant (‘quite’) absence (‘it’s not’) of warmth (‘warm’), refers implicitly but unequivocally to weather conditions characterised by temperatures that are neither very high nor very low, which an English-speaking public will immediately be able to understand.

33      Accordingly, it must be held that, by finding in paragraphs 46 and 47 of the contested decision that the element ‘mid season’ did not possess any specific meaning in the fashion industry and that it will be exclusively understood by the relevant public as meaning ‘middle of the spring, summer, autumn and winter’, the Board of Appeal committed an error of assessment.