IEFBE 3141

Beantwoording prejudiciële vragen in Ferrari-zaak

HvJ EU - CJUE 22 okt 2020, IEFBE 3141; ECLI:EU:C:2020:854 (Ferrari), http://www.ie-forum.be/artikelen/beantwoording-prejudici-le-vragen-in-ferrari-zaak

HvJ EU 22 oktober 2020, IEF 19533, IEFbe 3141; ECLI:EU:C:2020:854 (Ferrari) Merkenrecht. Ferrari produceerde in de jaren tachtig en negentig sportwagens onder de naam Testarossa. Het Landgericht Düsseldof heeft de doorhaling gelast van de Testarossa-merken, omdat Ferrari geen normaal gebruik meer van deze merken zou maken. Ferrari heeft tegen deze beslissing hoger beroep ingesteld bij het Oberlandesgericht Düsseldorf, omdat Ferrari tweedehandsauto’s verkoopt die zijn voorzien van dit merk en nog steeds onderhoudsdiensten levert voor de Testarossa. Dit leidde tot prejudiciële vragen aan het HvJ EU, over de uitleg van het begrip ‘normaal gebruik’. Art. 12 lid 1 Richtlijn 2008/95 EG moet aldus worden uitgelegd dat van een merk ook normaal gebruik wordt gemaakt, wanneer de houder tweedehands waren verkoopt die onder dit merk in de handel zijn gebracht en wanneer de houder bepaalde diensten verricht die betrekking hebben op de onder dat merk verkochte waren.

IEFBE 3140

Michiel Haegens: Gleissner-merken onder vuur in de Benelux

Het Benelux Bureau voor de intellectuele eigendom lijkt een streep te hebben gezet door de merkenactiviteiten van zelfbenoemd serie-ondernemer Michael Gleissner. In haar uitspraak van 20 oktober jl. oordeelt het Bureau dat de merkaanvraag van Gleissner te kwader trouw is verricht en om die reden nietig wordt verklaard. En die uitspraak legt een bom onder alle merkinschrijvingen waar Gleissner achter zit. En dat zijn er in de Benelux al ruim 570 (!), wat ook bleek uit ons eerder gepubliceerde onderzoek.

Gleissner had via een van zijn bekendste depotondernemingen, CKL Holdings NV, een merkaanvraag ingediend (en een inschrijving gekregen) voor het merk ONEWORLD. Datzelfde merk wordt door Oneworld Alliance LLC gebruikt voor een wereldwijde vliegtuigalliantie van 13 maatschappijen waaronder British Airways en Iberia. Uit de uitspraak blijkt dat CKL eerst de bestaande merkinschrijvingen van Oneworld Alliance heeft aangevallen op basis van niet-gebruik en tegelijkertijd een eigen aanvraag heeft gedaan voor het merk, waarmee een later hersteldepot van Oneworld Alliance dus altijd later in rang zou zijn.

IEFBE 3139

Jas maakt inbreuk op positiemerk van kledingbedrijf VF

14 okt 2020, IEFBE 3139; (VF International tegen Carrefour Belgium), http://www.ie-forum.be/artikelen/jas-maakt-inbreuk-op-positiemerk-van-kledingbedrijf-vf

Franstalige ondernemingsrechtbank Brussel 14 oktober 2020, IEF 19525, IEFbe 3139; A/20/00893; A/20/01109 (VF International tegen Carrefour Belgium) In deze zaak wordt geoordeeld dat de verdeling van de hierboven rechts afgebeelde jas, verdeeld door Carrefour en Kano, inbreuk maakt op het hierboven links afgebeelde positiemerk van kledingbedrijf VF. Het positiemerk van VF heeft een groot onderscheidend vermogen en het teken aangebracht op de jassen verdeeld door Carrefour kan aanleiding geven tot verwarring.

Een vertaling en samenvatting van de belangrijkste overwegingen uit het Franstalige vonnis:

IEFBE 3138

Schadevergoeding wegens foutief beslag en roekeloos geding

22 okt 2020, IEFBE 3138; (Eiser tegen OVS Home), http://www.ie-forum.be/artikelen/schadevergoeding-wegens-foutief-beslag-en-roekeloos-geding

Ondernemingsgrechtbank Gent 22 oktober 2020, IEFbe 3138; A/19/01407 (Eiser tegen OVS Home) Auteursrecht. Eiser ontwerpt kunstwerken die zich kenmerken door het gebruik van gerecycled papier. Eind 2018 stelt eiser vast dat OVS Home een werk te koop heeft aangeboden dat hij als een illegale reproductie beschouwt van zijn werk ‘Colours’. Volgens eiser maakt OVS Home derhalve inbreuk op zijn auteursrechten. Eiser heeft een beschrijvend beslag met bezwarende maatregelen doen uitvoeren. Niet is gebleken van eigen vrije en creatieve keuzes van eiser. Het werk van eiser voldoet in het licht van het vooraf bestaand vormgevingserfgoed niet aan de vereiste van originaliteit en is derhalve niet auteursrechtelijk beschermd. De vorderingen van eiser worden afgewezen. De tegenvorderingen van OVS Home worden gedeeltelijk toegewezen. Eiser moet in totaal € 7.500,- schadevergoeding betalen wegens misbruik en verlies van beslagmaatregelen en wegens het tergende en roekeloze geding.

IEFBE 3137

Toch (normaal) onderscheidend vermogen en verwarringsgevaar WOW

20 okt 2020, IEFBE 3137; (Stichting WOW tegen WOW Lijnbaan en Saladdin Restaurant), http://www.ie-forum.be/artikelen/toch-normaal-onderscheidend-vermogen-en-verwarringsgevaar-wow

Hof Den Haag 20 oktober 2020, IEF 19522, IEFbe 3137; C/10/575752/KG ZA 19-540 (Stichting WOW tegen WOW Lijnbaan en Saladdin Restaurant) Merkenrecht. Handelsnaamrecht. Vervolg op [IEF 18611]. In eerste aanleg zijn de vorderingen van Stichting WOW afgewezen. Anders dan Saladdin heeft aangevoerd en door de voorzieningenrechter is aangenomen, beschikt het woordmerk van Stichting WOW over een (normaal) onderscheidend vermogen voor de waren en diensten waarvoor Stichting WOW dat heeft ingeschreven. Gelet op het onderscheidend vermogen van het WOW-woordmerk, de hoge mate van overeenstemming, de soortgelijkheid van de waren en diensten en het normale tot lage aandachtsniveau van het relevante publiek, is er sprake van reëel gevaar voor directe of indirecte verwarring. Saladdin heeft met het gebruik van het teken WOW inbreuk gemaakt op de merkrechten en handelsnaamrechten van Stichting WOW. Het bestreden vonnis wordt vernietigd. Saladdin wordt bevolen om iedere inbreuk op het Benelux-woordmerk WOW van de Stichting te staken, ieder gebruik van strijdige handelsnamen te staken en de handelsnamen ‘Wow Lijnbaan B.V.’ en ‘WOW Burgers & Chicken’ uit te laten schrijven uit het handelsregister.

IEFBE 3136

Vervallenverklaring wegens geen normaal gebruik

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 14 okt 2020, IEFBE 3136; ECLI:NL:RBDHA:2020:10161 (Pharma tegen Glenwood), http://www.ie-forum.be/artikelen/vervallenverklaring-wegens-geen-normaal-gebruik

Rechtbank Den Haag 14 oktober 2020, IEF 19516, LS&R 1872, IEFbe 3136; ECLI:NL:RBDHA:2020:10161 (Pharma tegen Glenwood) Merkenrecht. Normaal gebruik. Pharma en Glenwood brengen beide specialistische farmaceutische producten op de markt. Glenwood is houdster van het internationale woordmerk DESEO (hierna: ‘het Glenwood-merk’) en gebruikt dit merk voor libido-verhogende capsules. Glenwood heeft het Duitse merk verkocht aan Pharma. Vervolgens is Pharma onder het teken DESEO een homeopathische vloeistof op de Duitse markt gaan brengen en heeft Pharma via een spoedinschrijving het Beneluxwoordmerk DESEO ingeschreven. Pharma vordert vervallenverklaring van het Benelux-deel van het Glenwood-merk op grond van artikel 2.27 lid 2 en artikel 2.23bis BVIE. Pharma stelt dat Glenwood binnen het territoir van de Benelux gedurende een ononderbroken tijdvak van vijf jaar geen normaal gebruik heeft gemaakt van het Glenwood-merk voor de waren waarvoor dit merk is ingeschreven.

IEFBE 3135

Uitspraak EUIPO moet worden afgewacht

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 21 okt 2020, IEFBE 3135; (Ledar tegen Ikea), http://www.ie-forum.be/artikelen/uitspraak-euipo-moet-worden-afgewacht

Rechtbank Den Haag 21 oktober 2020, IEF 19515, IEFbe 3135; C/09/586364 / HA ZA 20-33 (Ledar tegen Ikea) Merkenrecht. Vonnis in incident. Het Duitse bedrijf Ledar verhandelt op het gebied van verlichting diverse producten onder de merken LEDARC en LEDAR. Ikea c.s. verkoopt (led)lampen met gebruikmaking van het teken LEDARE. Ledar vordert – samengevat – een verklaring voor recht dat Ikea c.s. inbreuk heeft gemaakt op de merkrechten van Ledar en een verbod tot iedere (verdere) inbreuk. Ikea heeft bij het EUIPO verval van het LEDARC-merk en de nietigheid van het LEDARC-merk en het LEDAR-merk ingeroepen. Ikea c.s. vordert bij wijze van incident om de procedures op grond van artikel 128 lid 4 jo. 132 lid 1 UMVo te schorsen, wegens de aanhangige procedures bij het EUIPO. De procedure in de hoofdzaak wordt geschorst, totdat het EUIPO definitief uitspraak heeft gedaan aangaande de geldigheid van de merken.

IEFBE 3134

Reinier Wijnstra benoemd in Bureau van UNION-IP

UNION-IP (Union of European Practitioners in Intellectual Property) is een vereniging voor professionals uit het hele gebied van het IE-recht. Ze bestaat reeds sinds 1961 en onderscheidt zich van andere verenigingen doordat ze uitsluitend IP-professionals verenigt die werkzaam zijn in Europa. Op een bijeenkomst eerder dit jaar koos het Executive Committee Reinier Wijnstra als vice-president. Hiermee is de Nederlandse groep weer vertegenwoordigd op het hoogste niveau.

Ga voor meer informatie naar www.union-ip.org.

IEFBE 3133

Noot Charles Gielen bij Montis/Goossens

Charles Gielen

Charles Gielen heeft een noot geschreven bij de zaak Montis/Goossens [IEF 19168] verschenen in NJ 2020/320-322.

‘Iets meer dan 13 jaar nadat de Nederlandse meubelproducent Montis een sommatie wegens inbreuk op haar auteursrecht op de fauteuil Charly en de stoel Chaplin aan Goossens stuurde, wees de Hoge Raad het hier geannoteerde arrest in de bodemprocedure. De lange weg begon met een kort geding dat leidde tot het eerste arrest van de Hoge Raad (Montis I) van 30 okt. 2009 (NJ 2009/540, IER 2010/37 m.nt. S.J. Schaafsma en AMI 2010/2, nr. 6, m.nt. M.M.M. van Eechoud). De bodemprocedure die volgde, leidde tot het tussenarrest van de Hoge Raad van 13 dec. 2013 (Montis II, NJ 2015/307, IER 2016/67 m.nt. S.J. Schaafsma) waarbij vragen werden gesteld aan het Benelux Gerechtshof (BenGH), dat op 27 maart 2015 een tussenarrest wees (A 2013/2, NJ 2015/308) en op zijn beurt vragen van uitleg stelde aan het Hof van Justitie (HvJEU) die werden beantwoord bij arrest van 20 okt. 2016 (C-169/15). Dit arrest, alsmede het eindarrest van het BenGH van 17 juli 2018 zijn in deze aflevering van de NJ opgenomen. Met Montis III is nu de eindstreep van de jarenlange strijd gehaald, die in het nadeel van Montis is uitgevallen. Overigens is daarmee het auteursrecht op de Charly en de Chaplin nog niet van het strijdtoneel verdwenen; op 29 mei 2020 nam A-G Drijber bij de Hoge Raad conclusie in de zaak van Montis tegen ene Klaver (ECLI:NL:PHR:2020:542) waarin Montis zich ditmaal op het Franse auteursrecht op beide producten beroept.’

Lees hier verder.

IEFBE 3132

Eerste klankmerkregistratie

Het Merkenregister / Merkenbureau van Saoedi-Arabië – Saudi Authority for Intellectual Property (SAIP) – heeft voor het eerst in zijn geschiedenis een klankmerk aanvaardbaar geacht om als merk geregistreerd te mogen worden.

De wetgeving van Saoedi-Arabië is al sinds september 2016 aangepast om meer soorten merken te mogen registreren dan alleen woordmerken en logo’s. Volgens artikel 2 van de Gulf Cooperation Council mogen trouwens naast klankmerken ook geuren worden geregistreerd als merk in het Merkenregister van SAIP.

Aanvragers die een klank of geluid als merk in Saoedi-Arabië willen registreren, kunnen hun geluidsmerken indienen in de vorm van muzieknotenschrift, een schriftelijke beschrijving of een mp3-bestand, op voorwaarde dat de klank of het geluid onderscheidend en uniek is. Voor geuren gelden mutatis mutandis vergelijkbare vereisten.

De gelukkige eigenaar van deze registratie is Saudi Telecom Company (STC). Luister hier naar het klankmerk.

IEFBE 3130

Grifoni Waterman: eerste uitspraak HvJ EU over netneutraliteit en zero-rating

Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft op 15 september 2020 zijn eerste arrest over netneutraliteit en zero-rating gepubliceerd [IT 3249]. De zaak die aan het HvJ EU is voorgelegd, heeft betrekking op twee mobiele telefoonabonnementen van Telenor in Hongarije. Beide abonnementen hadden een datalimiet maar het gebruik van bepaalde applicaties telde niet mee voor het dataverbruik. Dit soort abonnementen worden “zero-rated” abonnementen genoemd. Bovendien hebben beide abonnementen de snelheid van het dataverkeer sterk vertraagd zodra de datalimiet werd bereikt, met uitzondering van de ‘zero rated-applicaties’. Het HvJ EU oordeelde dat dit soort zero-rated abonnementen in strijd is met de Europese regels omtrent netneutraliteit.
Lees verder.

IEFBE 3129

HvJ EU: kleurpatronen op bus of trein kan een merk zijn

HvJ EU - CJUE 8 okt 2020, IEFBE 3129; ECLI:EU:C:2020:813 (Aktiebolaget Östgötatrafiken), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-kleurpatronen-op-bus-of-trein-kan-een-merk-zijn

HvJ EU 8 oktober 2020, IEF 19470, IEFbe 3129; ECLI:EU:C:2020:813 (Aktiebolaget Östgötatrafiken) Merkenrecht. Östgötatrafiken heeft aanvragen voor ‘positiemerken’ gedaan bij het bureau voor intellectuele eigendom in Zweden voor de beschildering van verschillende voertuigen. Deze aanvragen zijn afgewezen, omdat ze elk onderscheidend vermogen misten. De Zweedse rechter heeft vervolgens prejudiciële vragen gesteld aan het HvJ EU [IEF 18629] over de uitleg van artikel 3 lid 1 onder b van de Merkenrichtlijn. Volgens het HvJ EU moet deze bepaling aldus worden uitgelegd dat bij de beoordeling van het onderscheidend vermogen voor een teken dat bedoeld is om uitsluitend en systematisch te worden aangebracht op een groot deel van de bussen en treinen, ‘slechts’ rekening gehouden dient te worden met de perceptie van het relevante publiek. Anders dan bij vormmerken, hoeft voor de kleurpatronen op een bus of trein niet te worden nagegaan of het teken significant afwijkt van de norm of van wat in de de betrokken economische sector gangbaar is.

IEFBE 3131

Dirk Visser: beschildering van bus en trein kan een merk zijn

Dirk Visser

Kleurpatronen die bestemd zijn om te worden aangebracht op de zijkant van bussen en treinen kunnen ook als merk worden ingeschreven. Daarvoor is nodig dat het relevante publiek ze als merk herkent. Niet hoeft te worden onderzocht of ze 'aanzienlijk afwijken van de norm of de gewoonten van de betrokken economische sector'. Ze moeten wél bedoeld zijn om uitsluitend en systematisch op een specifieke manier te worden aangebracht op een groot deel van de bussen en treinen. (HvJ EU, 09-10-2020)

IEFBE 3128

Vorderingen in vrijwaringsincident gedeeltelijk toegewezen

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 9 sep 2020, IEFBE 3128; ECLI:NL:RBDHA:2020:9215 (VUB en Ablynx tegen QVQ), http://www.ie-forum.be/artikelen/vorderingen-in-vrijwaringsincident-gedeeltelijk-toegewezen

Rechtbank Den Haag 9 september 2020, IEF 19469, LS&R 1867, IEFbe 3128; ECLI:NL:RBDHA:2020:9215 (VUB en Ablynx tegen QVQ) Octrooirecht. Vrijwaringsincident. Zie eerder [IEF 18996]. In de hoofdzaak vorderen de Vrije Universiteit Brussel (hierna: VUB) en Ablynx samengevat dat de rechtbank uitvoerbaar bij voorraad verklaart QVQ te verbieden de aan de octrooihouder voorbehouden handelingen te verrichten en daarnaast voor recht te verklaren dat QVQ in Nederland inbreuk heeft gemaakt op de (zogenoemde) Hamers-octrooien. QVQ vordert in incident voorwaardelijk dat haar wordt toegestaan Ablynx en het Vlaams Instituut voor Biotechnologoie (hierna: VIB) te dagvaarden in vrijwaring ten aanzien van de gepretendeerde vorderingen van de VUB, omdat Ablynx en het VIB de VUB vertegenwoordigen in alle zaken ten aanzien van de Hamers-octrooien voor zover deze niet in licentie zijn gegeven aan Unilever. Aan de voorwaardelijkheid kent de rechtbank geen betekenis toe. Een vrijwaring komt naar zijn aard pas aan de orde in geval van een veroordeling in de hoofdzaak. Het past niet in het systeem van de wet om de eisende partij in vrijwaring op te roepen. De vordering tot oproeping in vrijwaring van Ablynx stuit daarop af. QVQ wordt wel toegestaan het VIB in vrijwaring te doen dagvaarden. De hoofdzaak wordt verwezen naar de rol van woensdag 23 september 2020.

IEFBE 3127

Schadevergoeding wegens overname journalistieke werken

Hoven van Beroep - Cours d'Appel 7 sep 2020, IEFBE 3127; (Appellant en Enea tegen Vancia Car Lease), http://www.ie-forum.be/artikelen/schadevergoeding-wegens-overname-journalistieke-werken

Hof van beroep Gent 7 september 2020, IEFbe 3127; 2019/AR/476 (Appellant en Enea tegen Vancia Car Lease) Auteursrecht. Inbreuk. Appellant en zijn vennootschap Enea zijn de auteur resp. de uitbater van de autonieuwswebsite auto55.be. De autoleasingmaatschappij Vancia Car Lease heeft zonder toestemming deze artikelen overgenomen op haar website. In eerste aanleg werd geoordeeld dat Vancia Car Lease inbreuk pleegde op de auteursrechten van appellant en werd Vancia Car Lease veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van € 100,- ex aequo et bono per overgenomen artikel. In hoger beroep wordt bevestigd dat de 78 kwestieuze artikelen auteursrechtelijk beschermd zijn en dat Vancia Car Lease inbreuk maakt op de auteursrechten van appellant. De schadevergoeding wordt verhoogd tot € 0,15 per teken, vermeerderd met een toeslag van 25%. De methode van de gederfde licentievergoeding wordt dus toegepast.

IEFBE 3126

HvJ EU wijst hogere voorziening van Edison af

HvJ EU - CJUE 16 sep 2020, IEFBE 3126; ECLI:EU:C:2020:714 (Edison tegen EUIPO), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-wijst-hogere-voorziening-van-edison-af

HvJ EU 16 september 2020, IEF 19453, IEFbe 3126; ECLI:EU:C:2020:714 (Edison tegen EUIPO) Merkenrecht. Edison heeft bij het EUIPO een Uniemerkaanvraag ingediend voor het beeldmerk dat het woordelement EDISON bevat. Na de inschrijving heeft Edison het EUIPO verzocht om in te schrijven dat zij afstand doet van een deel van de waren van klasse 4 van de classificatie van Nice waarvoor het merk was ingeschreven. Edison stelde voor om de oorspronkelijk aangewezen waren van die klasse te herdefiniëren. Het EUIPO weigerde, omdat dit zou leiden tot uitbreiding van de lijst van waren waarop de inschrijving van het Uniebeeldmerk EDISON betrekking op had. Het Gerecht heeft het beroep van Edison verworpen. Edison betoogt dat het Gerecht de draagwijdte van de termen ‘verlichtingsstoffen’, ‘brandstoffen (waaronder motorbenzine)’ en ‘motorbrandstoffen’ in de zin van de achtste editie van de classificatie van Nice onjuist heeft beoordeeld, waardoor het ‘elektrische energie’ ten onrechte heeft uitgesloten van klasse 4 ervan. Volgens Edison heeft het Gerecht alleen de 'ontologische' kenmerken van elektrische energie in aanmerking genomen en is het voorbijgegaan aan de 'functionele' kenmerken ervan. De hogere voorziening wordt afgewezen.

IEFBE 3125

Terugtrekking Verenigd Koninkrijk heeft geen gevolg voor bescherming ouder merk

Gerecht EU - Tribunal UE 23 sep 2020, IEFBE 3125; ECLI:EU:T:2020:433 (Bauer Radio tegen EUIPO), http://www.ie-forum.be/artikelen/terugtrekking-verenigd-koninkrijk-heeft-geen-gevolg-voor-bescherming-ouder-merk

Gerecht EU 23 september 2020, IEF 19447, IEFbe 3125; ECLI:EU:T:2020:433 (Bauer Radio tegen EUIPO) In 2013 deed de Weense Simon Weinstein bij het EUIPO een Uniemerkaanvraag betreffende het woordteken MUSIKISS. In 2014 heeft Bauer Radio oppositie ingesteld tegen de inschrijving van het aangevraagde merk, deze oppositie is gebaseerd op de oudere woord- en beeldmerken KISS, die in het Verenigd Koninkrijk zijn ingeschreven. 
Ondanks de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie, behoudt de zaak haar voorwerp. Er kon wel degelijk oppositie worden ingesteld op grond van de oudere KISS-merken tegen MUSIKISS. Het EUIPO en Weinstein voeren twee middelen van niet-ontvankelijkheid aan, ontleend aan artikel 66, lid 2, van verordening 2017/1001 en aan artikel 72, lid 4, van deze verordening. Deze middelen worden afgewezen.

IEFBE 3124

HvJ EU: Italiaanse wet in strijd met vrijheid van vestiging

HvJ EU - CJUE 3 sep 2020, IEFBE 3124; ECLI:EU:C:2020:627 (Vivendi tegen Mediaset), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-italiaanse-wet-in-strijd-met-vrijheid-van-vestiging

HvJ EU 3 september 2020, IEF 19438, IT 3254, IEFbe 3124; ECLI:EU:C:2020:627 (Vivendi tegen Mediaset) Telecommunicatierecht. Mededingingsrecht. Prejudiciële beslissing. Zie eerder [IT 3047]. Het Franse Mediabedrijf Vivendi is de moedermaatschappij van een groep die actief is in de mediasector. In 2016 is Vivendi een vijandige overname van aandelen van Mediaset gestart. Volgens Mediaset handelt Vivendi in strijd met het Italiaanse recht. De Italiaanse wet bepaalt dat het voor een onderneming verboden is om een omzet te behalen die meer bedraagt dan 10% van de totale in het geïntegreerd communicatiesysteem gerealiseerde omzet, wanneer die onderneming een aandeel van meer dan 40% van de totale in die sector gerealiseerde omzet heeft. De bepaling is in strijd met de vrijheid van vestiging, omdat de beperking niet geschikt is om de doelstelling – de bescherming van het pluralisme op informatiegebied en in de media – te verwezenlijken. Bovendien maakt de betreffende bepaling, anders dan het EU-recht, geen onderscheid tussen de productie en de overbrenging van inhoud. Dat de drempel van 10% door Vivendi wordt bereikt is niet noodzakelijkerwijs een aanwijzing dat er een gevaar bestaat voor het pluralisme in de media, omdat die drempel niks zegt over of en in welke mate Vivendi in een positie is om de inhoud van de media te beïnvloeden. De Italiaanse bepaling is in strijd met de vrijheid van vestiging ex art. 49 VWEU.

IEFBE 3123

HvJ EU beantwoordt prejudiciële vragen over ‘netneutraliteit’

HvJ EU - CJUE 15 sep 2020, IEFBE 3123; ECLI:EU:C:2020:708 (Telenor), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-beantwoordt-prejudici-le-vragen-over-netneutraliteit

HvJ EU 15 september 2020, IT 3249, IEFbe 3123; ECLI:EU:C:2020:708 (Telenor) Telecommunicatierecht. Zie eerder [IT 2728]. Telenor is een aanbieder van internettoegangsdiensten. Telenor biedt aan haar klanten twee soorten pakketten aan, die – afhankelijk van welke versie je kiest – een bepaalde hoeveelheid data bieden en daarnaast onbeperkt gebruik van bepaalde apps bieden. Het Hof legt voor het eerst de verordening 2015/2120 uit waarin de ‘neutraliteit van het internet’ is verankerd. Artikel 3 verordening 2015/2120 moet aldus worden uitgelegd dat dergelijke pakketten onverenigbaar zijn met lid 2, gelezen in samenhang met lid 1 van dit artikel, voor zover deze pakketten de uitoefening van de rechten van eindgebruikers beperken, en onverenigbaar zijn met lid 3 van dat artikel, voor zoveel de blokkerings- of vertragingsmaatregelen berusten op commerciële overwegingen.

IEFBE 3122

Franse rechter acht Eli Lilly's pemetrexed-octrooi geldig

Franse jurisprudentie - Jurisprudence française 11 sep 2020, IEFBE 3122; (Eli Lilly tegen Frensenius), http://www.ie-forum.be/artikelen/franse-rechter-acht-eli-lilly-s-pemetrexed-octrooi-geldig

Tribunal Judiciaire de Paris 11 september 2020, IEF 19430, LS&R 1857, IEFbe 3122; 17/10421 (Eli Lilly tegen Frensenius) Zie eerder [IEF 19261], [IEF 19082], [IEF 17690], [IEF 18534]. Deze zaak ziet op de (equivalente) beschermingsomvang van Europees octrooi EP (NL) 1 313 508, waarvan Lilly houdster is. De Franse rechter acht het pemetrexed-octrooi van Lilly geldig en legt Frensenius Kabi een permanent inbreukverbod op.