Uitspraak ingezonden door Quirijn Meijnen, LMO Advocaten.
Doorhaling DJ ROSSI afgewezen: geen bewijs van depot te kwader trouw
BBIE 20 juli 2026, IEF 23736; IEFbe 4272; nr. 3000858 ([verzoeker] tegen Traveltex Beheer). In deze zaak beslist het BBIE op een vordering tot doorhaling van het Benelux-woordmerk DJ ROSSI. Het merk is op 27 juni 2022 aangevraagd en op 7 september 2022 ingeschreven voor waren in klasse 9 en diensten in de klassen 35 en 41. [verzoeker], een Britse dj en producer die sinds 2018 optreedt onder de artiestennaam ROSSI., stelt dat [verweerder] het merk te kwader trouw heeft aangevraagd. Volgens [verzoeker] wist of behoorde [verweerder] te weten van zijn gebruik van ROSSI. en diende het depot uitsluitend om hem het verdere gebruik van dat teken te verhinderen, de positie van [verweerder] in onderhandelingen en procedures te versterken en de gebruiksplicht van een eerdere, in 2013 vervallen merkregistratie te omzeilen. [verweerder] betwist dit en voert aan dat zijn bestuurder al sinds 1990 als dj optreedt onder de namen ROSSI en DJ ROSSI, tussen 2003 en 2013 over een eerdere Benelux-registratie van DJ ROSSI beschikte en het bestreden merk heeft aangevraagd om deze bestaande merkpositie opnieuw te beschermen.
Uitspraak ingezonden door Alexander Heirwegh en Dieter Delarue, Co & Delarue.
La Mer-, Mirante- en Penida-meubels maken inbreuk of dreigen inbreuk te maken op model- en auteursrechten van Tribù
Ondernemingsrechtbank Brussel 22 juli 2026, IEF 23735; IEFbe 4271; A/25/02427; A/25/03798 (Tribù tegen [verweersters]). In deze samengevoegde zaken stelt Tribù, een Belgische onderneming die actief is in het ontwerp, de productie en de commercialisering van outdoor designmeubilair, dat twee Griekse vennootschappen via een website en commerciële documentatie de La Mer plus sofa, La Mer sofa, La Mer plus lounge armchair, La Mer sunlounger, Mirante dining armchair en Penida armchair afbeelden en aanbieden. Volgens Tribù maken deze meubels inbreuk op vier ingeschreven Uniemodellen en een internationaal model dat in de Europese Unie bescherming geniet, alsmede op haar auteursrechten op de Tosca sofa, Tosca lounge chair, Tosca lounger, Amanu dining chair en Suro armchair. Tribù vordert onder meer vaststelling en staking van de modelrechtelijke en auteursrechtelijke inbreuken, oplegging van een dwangsom en verstrekking van informatie over de herkomst en verhandeling van de aangevochten meubels. Verweersters betwisten onder meer de internationale bevoegdheid van de Belgische rechter, de geldigheid en beschermingsomvang van de ingeroepen modellen, de auteursrechtelijke bescherming, de gestelde inbreuken en het procesbelang van Tribù ten aanzien van enkele inmiddels offline gehaalde meubels. Zij beroepen zich voor de La Mer sunlounger tevens op een verklaring uit 2019. In reconventie vorderen zij nietigverklaring van de modelregistraties, staking van een beweerdelijk misleidende marktpraktijk door Tribù en schadevergoeding wegens tergend en roekeloos geding.
Oorspronkelijk gepubliceerd op AI-Forum.
GEMA wint van Suno: memorisatie in een AI-model geldt opnieuw als auteursrechtinbreuk
Het Landgericht München I stelt de Duitse auteursrechtenorganisatie GEMA opnieuw in het gelijk. Ditmaal in haar zaak tegen Suno, aanbieder van de bekende generatieve AI-muziekdienst. Volgens de rechtbank heeft Suno zonder toestemming een reeks beschermde muziekwerken verveelvoudigd, waaronder in de AI-modellen zelf en via de gegenereerde output. Suno moet de inbreuken staken, informatie verstrekken en schadevergoeding betalen.
Vooral twee onderdelen vallen op. De Duitse rechter past Amerikaans auteursrecht toe op de training die in de Verenigde Staten plaatsvindt en verwerpt Suno’s beroep op fair use. Daarnaast beschouwt de rechtbank de ‘memorisatie’ van muziek in een AI-model opnieuw als auteursrechtelijk relevante verveelvoudiging. Daarmee kan het vonnis belangrijke gevolgen hebben voor aanbieders van generatieve AI. Terughoudendheid is echter geboden: de volledige motivering is nog niet gepubliceerd en de uitspraak is niet onherroepelijk.
Mr. S.K. Martens Academie 2026/2027
Belangstellenden kunnen zich nu aanmelden voor de volgende editie van de Mr. S.K. Martens Academie. Deze officiële specialisatieopleiding intellectueel eigendoms- en procesrecht is bedoeld voor advocaten, rechters en (bedrijfs)juristen die hun juridische kennis en praktische vaardigheden verder willen verdiepen. De opleiding bestaat uit acht masterclasses en vier live online sessies en start naar waarschijnlijkheid in het najaar 2026.
De nadruk ligt op de praktische bescherming en handhaving van intellectuele eigendomsrechten. Deelnemers werken in kleine groepen met actuele jurisprudentie, recente praktijkvoorbeelden en concrete businesscases. Ook de invloed van AI op de rechtspraktijk maakt deel uit van het programma. De hoofddocenten zijn Marijn Kingma, Peter Teunissen en Jorn Torenbosch.
Na succesvolle afronding van het mondelinge examen ontvangen deelnemers een certificaat in het intellectueel eigendoms- en procesrecht. De opleiding levert 54 tot 60 PO-punten op. Daarnaast krijgen deelnemers toegang tot het alumninetwerk en gedurende één jaar kosteloos toegang tot verschillende IE-publicaties en databanken van deLex, zoals AI-Forum, Auteursrecht, BMM Bulletin, Berichten Industriële Eigendom en Mediaforum.
Aanmelden of een offerte op maat aanvragen kan via info@delex.nl.
Artikel geschreven door Stefaan Meuwissen, Knowledge Lawyer I.P. bij Hogan Lovells International LLP.
AI roept nieuwe vragen op in domeinnaamgeschillen
Stefaan Meuwissen, 21 juli 2026.
Generatieve AI kan binnen enkele seconden een professioneel ogende UDRP-klacht of reactie opstellen, compleet met ogenschijnlijk relevante rechtsleer, gestructureerde juridische argumenten en verwijzingen naar zaken. Dat heeft een voordeel: het kan de praktische drempels voor deelname verlagen en ertoe leiden dat meer verweerders inhoudelijk reageren in plaats van verstek te laten gaan, en door AI ondersteunde reacties zouden uiteindelijk eerder regel dan uitzondering kunnen worden. Er is echter ook een keerzijde. De vloeiendheid en schijnbare autoriteit van door AI gegenereerde tekst kunnen ernstige zwaktes verhullen,waaronder verzonnen gezaghebbende bronnen, onjuiste citaten, irrelevante juridische analyses en feitelijke stellingen waarvoor geen gelijktijdig bestaand bewijs beschikbaar is. AI verandert ook het bewijs waarop partijen zich beroepen. Zoekresultaten, website-inhoud, bedrijfsplannen en waarderingen van domeinnamen kunnen inmiddels allemaal door AI worden gegenereerd. In sommige gevallen maakt het door AI gegenereerde materiaal zelf deel uit van het betwiste gedrag, bijvoorbeeld een website die vrijwel volledig door een geautomatiseerd hulpmiddel is gebouwd en die volgens een partij kwade trouw zou aantonen. Voor advocaten en panelleden is de praktische vraag voortaan zelden of AI is gebruikt. De vraag is of het resulterende stuk of bewijs nauwkeurig, relevant, verifieerbaar en voldoende is om vast te stellen wat de UDRP daadwerkelijk vereist.
Uitspraak ingezonden door Xavier Koehoorn, Dillinger Law & Kristien Wevers, GSJ Advocaten.
Argenta moet gegevens rekeninghouder verstrekken voor onderzoek naar mogelijke merkinbreuk
Ondernemingsrechtbank Antwerpen 2 juli 2026, IEF 23711; IEFbe 4266; IT 5391; A/26/02126 (Volkswagen tegen Argenta Spaarbank). In deze zaak vordert Volkswagen dat Argenta Spaarbank wordt bevolen de identiteit en contactgegevens te verstrekken van de houder van een bankrekening waarop inkomsten uit vermeend nagemaakte wieldoppen met het Volkswagen-logo zijn ontvangen. Volkswagen heeft vastgesteld dat dergelijke wieldoppen via 2dehands.be worden verkocht. Uit een door de anti-namaakorganisatie ABAC-BAAN verrichte proefaankoop blijkt dat de betrokken verkoper gebruikmaakt van een bankrekening bij Argenta. Volkswagen verzoekt om verstrekking van de volledige naam, de adresgegevens, het eventuele ondernemingsnummer, het telefoonnummer en het e-mailadres van de rekeninghouder, om te kunnen onderzoeken of sprake is van een inbreuk op haar merkrechten en daartegen zo nodig op te treden. Argenta betwist de vordering tot verstrekking van deze gegevens in essentie niet en gedraagt zich wat dat betreft naar de wijsheid van de rechtbank. Zij verzet zich wel tegen de oplegging van een dwangsom, omdat zij aankondigt het vonnis te zullen naleven.
Aanmelden voor de Mr. S.K. Martens Academie
Belangstellenden kunnen zich nu aanmelden voor de volgende editie van de Mr. S.K. Martens Academie. Deze officiële specialisatieopleiding intellectueel eigendoms- en procesrecht is bedoeld voor advocaten, rechters en (bedrijfs)juristen die hun juridische kennis en praktische vaardigheden verder willen verdiepen. De opleiding bestaat uit acht masterclasses en vier live online sessies en start naar waarschijnlijkheid in het najaar 2026.
De nadruk ligt op de praktische bescherming en handhaving van intellectuele eigendomsrechten. Deelnemers werken in kleine groepen met actuele jurisprudentie, recente praktijkvoorbeelden en concrete businesscases. Ook de invloed van AI op de rechtspraktijk maakt deel uit van het programma. De hoofddocenten zijn Marijn Kingma, Peter Teunissen en Jorn Torenbosch.
Na succesvolle afronding van het mondelinge examen ontvangen deelnemers een certificaat in het intellectueel eigendoms- en procesrecht. De opleiding levert 54 tot 60 PO-punten op. Daarnaast krijgen deelnemers toegang tot het alumninetwerk en gedurende één jaar kosteloos toegang tot verschillende IE-publicaties en databanken van deLex, zoals AI-Forum, Auteursrecht, BMM Bulletin, Berichten Industriële Eigendom en Mediaforum.
Aanmelden of een offerte op maat aanvragen kan via info@delex.nl.
Gerecht: te late onderbouwing verzoek tot nietigverklaring TEAM blijft buiten beschouwing
Gerecht EU 16 juli 2026, IEF 23701; IEFbe 4264; ECLI:EU:T:2026:477 (Team Beverage tegen EUIPO en Zurich Deutscher Herold Lebensversicherung). Team Beverage verzoekt het EUIPO om nietigverklaring van het Uniewoordmerk TEAM, dat is ingeschreven voor verzekeringsdiensten in klasse 36. Zij beroept zich op artikel 59 lid 1 onder a, gelezen in samenhang met artikel 7 lid 1 onder b en c, UMVo, maar vermeldt bij de indiening dat de onderbouwing nog zal volgen. Het verzoek is ontvankelijk, omdat de feiten, argumenten en bewijzen niet noodzakelijk al bij de indiening hoeven te worden overgelegd. Het EUIPO informeert Team Beverage echter dat de merkhouder tot 15 juli 2024 opmerkingen kan indienen en dat bij het uitblijven daarvan de contradictoire fase wordt gesloten en op basis van de beschikbare stukken wordt beslist. Nadat de merkhouder niet reageert, sluit het EUIPO die fase op 22 juli 2024. De pas op 16 augustus 2024 ingediende memorie met argumenten en bijlagen wordt daarom niet in aanmerking genomen. De nietigheidsafdeling wijst het verzoek vervolgens als ongegrond af wegens het ontbreken van tijdig ingediende feiten, argumenten en bewijzen. De Kamer van Beroep bevestigt deze beslissing.
A-G Szpunar: persuitgevers kunnen in twee hoedanigheden recht hebben op billijke compensatie
Conclusie AG HvJ EU 16 juli 2026, IEF 23700; IEFbe 4263; ECLI:EU:C:2026:607(AGECOP/VISAPRESS). De zaak betreft de Portugese regeling voor de billijke compensatie wegens reprografische reproducties en reproducties voor privégebruik van literaire en grafische werken. Volgens deze regeling wordt de geïnde compensatie gelijkelijk verdeeld tussen organisaties die auteurs vertegenwoordigen en organisaties van uitgevers. VISAPRESS, een organisatie die persuitgevers vertegenwoordigt, stelde daarnaast aanspraak te hebben op een gedeelte van het voor auteurs bestemde aandeel. Persuitgevers zijn naar Portugees recht namelijk niet alleen houders van naburige rechten op perspublicaties, maar ook van oorspronkelijke auteursrechten op bepaalde publicaties en van afgeleide auteursrechten op artikelen die zonder naamsvermelding zijn gepubliceerd. De Portugese hoogste rechter vraagt in wezen of artikel 5, lid 2, onder a en b, van Richtlijn 2001/29, gelezen in samenhang met artikel 16, eerste alinea, van Richtlijn 2019/790, toestaat dat persuitgevers zowel in hun hoedanigheid van uitgever als in hun hoedanigheid van auteursrechthebbende aanspraak maken op billijke compensatie.
Gerecht bevestigt verwarringsgevaar tussen beeldmerk go VEGE en woordmerk végé’
Gerecht 15 juli 2026, IEF 23693; IEFbe 4262; ECLI:EU:T:2026:469 (Desimo, Lda. tegen EUIPO en Topas GmbH). Het Gerecht verwerpt het beroep van Desimo tegen de beslissing van de vijfde kamer van beroep van het EUIPO, waarbij de inschrijving van het beeldmerk go VEGE gedeeltelijk is geweigerd wegens verwarringsgevaar met het oudere Uniewoordmerk végé’ van Topas. De betrokken waren en diensten bestaan onder meer uit vegetarische en plantaardige voedingsmiddelen in de klassen 29 en 30 en detailhandelsdiensten voor voedingsmiddelen in klasse 35. Desimo betwistte niet dat het relevante publiek bestaat uit het algemene en professionele publiek in de Europese Unie, met een laag tot gemiddeld aandachtsniveau, dat de betrokken waren en diensten deels identiek en deels, ten minste in geringe mate, soortgelijk zijn en dat het oudere merk een zwak onderscheidend vermogen heeft. Volgens het Gerecht mocht de kamer van beroep oordelen dat het woordelement ‘VEGE’ het dominante bestanddeel van het aangevraagde merk vormt. Dit element trekt door zijn centrale positie en omvang in de eerste plaats de aandacht van de consument. Het kleinere woord ‘go’ heeft voor het Engelstalige publiek een zwak onderscheidend karakter, omdat het kan worden opgevat als een aansporing om een vegetarische levensstijl aan te nemen. De groene cirkel en de tak met bladeren zijn hoofdzakelijk decoratief en verwijzen in de context van de betrokken waren en diensten naar een ecologisch of milieuvriendelijk karakter. Een element met een zwak onderscheidend vermogen kan niettemin dominant zijn wanneer het door zijn positie of omvang de totaalindruk van het merk bepaalt.


















