IEFBE 3451

In-house day voor IE-studenten

Are you a Dutch-speaking, enthusiastic and curious law student, in the third year of your Bachelors or Master's degree? And are you keen to explore the IP practice of our firm? This is your chance to "try out De Brauw". Apply for our IP In-house Day on Friday 3 June 2022!
Lees verder >>

IEFBE 3450

HvJ EU conclusie A-G: uitspraak over reconventionele vordering is mogelijk

HvJ EU - CJUE 5 mei 2022, IEFBE 3450; ECLI:EU:C:2022:366 (KP tegen Gemeinde Bodman-Ludwigshafen), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-conclusie-a-g-uitspraak-over-reconventionele-vordering-is-mogelijk

HvJ EU Conclusie A-G 5 mei 2022, IEF 20715, RB 3654, IEFbe 3450; ECLI:EU:C:2022:366 (KP tegen Gemeinde Bodman-Ludwigshafen) In september 2018 heeft Gemeinde Bodman-Ludwigshafen reclame gemaakt voor het plukken en proeven van appels in het kader van een rit met een aanhangwagen van een tractor die bestemd is voor de appeloogst, een "Apfelzügle". De term "Apfelzügle" is tevens een ingeschreven Uniewoordmerk van KP. KP is vervolgens naar de Duitse rechter gegaan in verband met het gebruik van diens merk in het reclamespotje van de Gemeinde Bodman-Ludgwigshafen. Vervolgens staat de vraag centraal binnen de procedure of de rechtbank nog bevoegd is om uitspraak te doen over de reconventionele vordering tot nietigverklaring van het merk, nadat de houder van dat merk de oorspronkelijke hoofdvordering wegens inbreuk heeft ingetrokken. De A-G concludeert dat dit mogelijk zou moeten zijn in het licht van art. 124 onder d en art. 128 van verordening 2017/1001.

IEFBE 3449

Oppositie tegen merkaanvrage alsnog toegewezen

Benelux Gerechtshof - Cour Benelux 13 mei 2022, IEFBE 3449; (Cobo tegen EMS), http://www.ie-forum.be/artikelen/oppositie-tegen-merkaanvrage-alsnog-toegewezen

BenGH 13 mei 2022, IEF 20714, IEFbe 3449; C 2021/1 (Cobo tegen EMS) Cobo heeft zowel het Uniewoordmerk 'COBO' als het woordbeeldmerk ingediend voor de klassen 9, 11 en 12. Zij stelt daarmee oppositie in tegen de aanvraag van Electric Mobility Systems (EMS) voor het woordmerk Cobi. Het BBIE heeft in eerste instantie bij beslissing de oppositie van Cobo afgewezen, aangezien Cobo het gebruik van diens eigen merk in de relevante periode en territoir niet voldoende had aangetoond. Het Benelux-Gerechtshof oordeelde dat hier wel degelijk sprake van is, waardoor vervolgens gekeken kan worden of het aangevraagde teken verwarring veroorzaakt in vergelijking met het ingeschreven merk van Cobo. Het Benelux-Gerechtshof oordeelt bevestigend en alle merkaanvragen van Cobi dienen te worden geweigerd ten aanzien van de aangevraagde waren. Centraal staat dat het aangevraagde merk voor dezelfde klassen wordt aangevraagd, als die van Cobo, waardoor niet alleen een vrij hoge mate van soortgelijkheid, maar tevens verwarringsgevaar te duchten is.

IEFBE 3448

Onderscheidend vermogen niet beperkt tot precieze kleur geel

26 apr 2022, IEFBE 3448; ECLI:NL:GHDHA:2022:722 (Van Haren tegen Airwair), http://www.ie-forum.be/artikelen/onderscheidend-vermogen-niet-beperkt-tot-precieze-kleur-geel

Vzr. Hof Den Haag 26 april 2022, IEF 20713, IEFbe 3448; ECLI:NL:GHDHA:2022:722 (Van Haren tegen Airwair) Zie de vorige uitspraken: [IEF 20660], [IEF 20108], [IEF19974] en [IEF 19700]. Deze zaak gaat over de vraag of Van Haren met een aantal schoenen uit haar (eerdere) schoencollecties inbreuk maakt op de Benelux-merken van Airwair die de bescherming inroepen van een geel stiksel langs de tussenzool van een (veter)schoen. Die vraag wordt in dit arrest bevestigend beantwoord. Het hof acht de kans op post sale confusion en indirecte verwarring aanwezig. Dat Van Haren een andere kleur stiksel gebruikte voor de schoen, maakt dit niet anders. Het gaat volgens het hof om de perceptie van het publiek dat een niet volledig herinneringsbeeld heeft. Het kleurelement in de YSBW-merk is niet beperkt tot exact de gele kleur van de Dr. Martens schoenen, maar strekt zich uit tot kleuren die binnen het gele kleurspectrum hier dicht tegenaan liggen.

IEFBE 3447

HvJ EU conclusie A-G: nadere uitleg Bristol-Myers Squibb

HvJ EU - CJUE 12 mei 2022, IEFBE 3447; ECLI:EU:C:2022:387 (SodaStream tegen MySoda Oy), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-conclusie-a-g-nadere-uitleg-bristol-myers-squibb

HvJ EU conclusie A-G 12 mei 2022, IEF 20712, IEFbe 3447; ECLI:EU:C:2022:387 (SodaStream tegen MySoda Oy) SodaStream is een internationaal bedrijf dat zich richt op de verkoop van bruiswaterapparaten. Bij deze apparaten hoort een navulbare CO2-fles waarop het merk van SodaStream of Sodaclub is gegraveerd. Ook is een etiket met het merk op de hervulbare fles geplakt. MySoda Oy plakt na het hervullen van de fles een eigen etiket op de eerder besproken flessen. Hierbij is het etiket van SodaStream niet meer te zien, maar de gravering van het merk in de hals nog wel. SodaStream stapt vervolgens naar de Finse rechter waarna er vier vragen worden geformuleerd voor het Hof, [IEF 20010]. Met de eerste, tweede en vierde vraag concludeert de A-G dat gevraagd wordt om het arrest Bristol-Myers Squibb e.a. nader te preciseren gelet op de omstandigheid dat Sodastream zich tegen de handelswijze van MySoda oy kan verzetten. Met de derde en laatste vraag staat centraal of het verwijderen van het etiket van een ander, om vervolgens je eigen etiket erop te plakken, de functie van het merk ondermijnt. In het bijzonder wordt gedoeld op de herkomstfunctie van een merk.

IEFBE 3446

HvJ EU over kosten octrooigemachtigde

28 mrt 2022, IEFBE 3446; ECLI:EU:C:2022:316 (NovaText tegen Ruprecht-Karls-Universität Heidelberg), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-over-kosten-octrooigemachtigde

HvJ EU 28 april 2022, IEF 20707, IEFbe 3446; ECLI:EU:C:2022:316 (NovaText tegen Ruprecht-Karls-Universität Heidelberg) Zie ook [IEF 20341]. De Universiteit van Heidelberg heeft bij het Landgericht Mannheim tegen NovaText een vordering tot staking van de inbreuk op haar Uniemerken en tot erkenning van haar rechten op deze Uniemerken ingesteld. De vertegenwoordiger van de universiteit heeft in het verzoekschrift gewezen op de bijstand van een octrooigemachtigde. Het geding werd beëindigd door een schriftelijke schikking tussen de partijen. Daarop heeft NovaText bij het Oberlandesgericht Karlsruhe hoger beroep ingesteld tot nietigverklaring van de beschikking over de begroting van de kosten, voor zover deze zag op de voor rekening van NovaText komende kosten van de octrooigemachtigde. Het Bundesgerichtshof heeft het Hof verzocht om een prejudiciële beslissing te nemen over de vraag of artikel 3 en artikel 14 van richtlijn 2004/48/ zo moeten worden uitgelegd dat zij zich verzetten tegen een nationale bepaling die de verliezende partij verplicht tot vergoeding van de kosten die de in het gelijkgestelde partij heeft gemaakt.

Beantwoording van de prejudiciële vraag:

IEFBE 3445

HvJ EU over advocaatkosten in buitengerechtelijke stap

HvJ EU - CJUE 28 apr 2022, IEFBE 3445; ECLI:EU:C:2022:317 (Koch Media tegen FU), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-over-advocaatkosten-in-buitengerechtelijke-stap

HvJ EU 28 april 2022, IEF 20706, IT 3928, IEFbe 3445; ECLI:EU:C:2022:317 (Koch Media tegen FU) Zie ook [IEF 20340]. Koch Media is op het Duitse grondgebied houdster van de exclusieve naburige rechten op het computerspel “This War of Mine”. FU is een natuurlijk persoon en heeft dit computerspel via zijn internetaansluiting op een onlineplatform voor filesharing geplaatst en aan derden beschikbaar gesteld voor download. Koch Media heeft een advocatenkantoor in de arm genomen, dat in haar naam een aanmaning naar FU heeft gestuurd waarin onder ander € 20.000 euro schadevergoeding is gevorderd. De diensten van de advocaat brachten € 984,60 met zich mee, deze heeft Koch Media ook van de inbreukmaker gevorderd. Het Landgericht Saarbrücken stelde het hof nu de prejudiciële vragen, of de advocatenkosten die voor de houder van intellectuele-eigendomsrechten zijn ontstaan onder artikel 14 van richtlijn 2004/48 vallen. En of de houder van de intellectuele eigendomsrechten recht heeft op vergoeding van de advocatenkosten wanneer: de inbreuk is gepleegd door een natuurlijke persoon voor doeleinden die buiten zijn bedrijfs- of beroepsactiviteit vallen of het nationale recht in een dergelijk geval bepaalt dat deze advocatenkosten doorgaans slechts vergoedbaar zijn op grond van een verlaagde waarde van de vordering.

Beantwoording van de prejudiciële vragen:

IEFBE 3444

Binnenkort: de 11e editie van DCSP!

Deze maand verschijnt de nieuwe editie van het magazine DCSP.

Met columns van Bernold Nieuwesteeg, Victor de Pous, Rob van den Hoven van Genderen en Hans Schnitzler.
Artikelen van Krzysztof Swaczynski, vice-presedint van het Poolse cybersecurity bedrijf Seqred over slimme meters in Europa en Wouter Seinen, Hoofd Pinsent Masons Amsterdam en tech en data advocaat.

Een interview met Roeland de Bruin, gepromoveerd op 8 april 2022. We spraken over zijn onderzoek en proefschrift Regulating Innovation of Autonomous vehicles: Improving Liability & Privacy in Europe.

Het ‘aan de keukentafel’ interview van Roel van Rijsewijk met Rickey Gevers die in 2008 werd opgepakt voor een computerinbraak bij een Amerikaanse universiteit en inmiddels is uitgegroeid tot een autoriteit op het gebied van internetbeveiliging.

En uiteraard de laatste actualiteiten op het gebied van data, cybersecurity en privacy.

Meer weten en/of abonneren? Ga naar www.dcsp.nl of stuur een mail naar fternede@delexmedia.nl.

IEFBE 3443

Mededingingsrechtelijke boete voor telecomgigant blijft intact

EFTA 5 mei 2022, IEFBE 3443; (Telenor tegen ESA), http://www.ie-forum.be/artikelen/mededingingsrechtelijke-boete-voor-telecomgigant-blijft-intact

EFTA Court 5 mei 2022, IEF 20704, IEFbe 3443, IT 3926; C-12/20 (Telenor tegen ESA) De Toezichthoudende Autoriteit van de Europese Vrijhandelsassociatie (ESA) heeft aan telecomgigant Telenor een forse boete opgelegd voor het misbruiken van diens machtspositie rond 2010 in Noorwegen. Hierdoor maakte Telenor inbreuk op art. 54 van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van 2 mei 1992. Het feit dat Telenor wordt verweten is dat zij haar dominante marktpositie in die tijd heeft gebruikt in de groothandel waarin zij actief is door tarieven te heffen die dermate laag zijn, dat anderen verlies moesten lijden indien zij de markt zouden betreden. Telenor verweerde zich hiertegen op vier gronden. Ten eerste zou er een verkeerde downstream markt zijn gebruikt door het ESA, ten tweede zou het gedrag van Telenor geen misbruik van diens marktpositie zijn, ten derde zouden de inbreuken met betrekking tot Network Norway en Ventelo zijn verjaard en tot slot zou de ESA vergissingen hebben gemaakt omtrent de regels en de hoogte van de boete. De verweren van Telenor slagen niet en het besluit van de ESA inzake de opgelegde boete blijft van kracht.

IEFBE 3434

Save the date: feestelijk IE-diner op donderdag 30 juni a.s.

Het kan weer. Bij elkaar komen en een feestje vieren. Daarom gaan we op donderdag 30 juni a.s. het IE-diner inhalen.  En dit keer wordt het een IE-feestje, met IE-deejays. Gewoon weer in de Kapel van Hotel Arena in Amsterdam. In een andere opzet. Onder leiding van Bernt Hugenholtz. Minder sprekers en meer muziek. Binnenkort meer, zet de datum alvast in je agenda.

IEFBE 3442

Inhoudsopgave BMM Bulletin

Inhoudsopgave van BMM Bulletin 1-2022. Het BMM Bulletin wordt in opdracht van de Beneluxvereniging voor Merken- en Modellenrecht uitgegeven door uitgeverij deLex en verschijnt drie maal per jaar.

REDACTIONEEL • DE LA RÉDACTION
Faillissement • La faillite / Joost Becker en Lenneke van Gaal

FAILLISSEMENT • LA FAILLITE
- Het maximaliseren van de waarde van merkenportfolio’s door het creëren van een zo sterk mogelijke registerpositie: een aantal tips & tricks  / Lenneke van Gaal
- Registerwijsheden voor merken en modellen / Dick van Engelen
- Merkrechten, licenties, zekerheden en faillissement  / Maartje ter Horst
- Modellen en faillissement  / Joost Becker en Lorena van den Berg

IEFBE 3440

Prejudiciële vragen over gewasbeschermingsmiddelen

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 3 mei 2022, IEFBE 3440; ECLI:NL:CBB:2022:217 (PANE tegen College voor gewasbeschermingsmiddelen en biociden), http://www.ie-forum.be/artikelen/prejudici-le-vragen-over-gewasbeschermingsmiddelen

College van Beroep voor het bedrijfsleven 3 mei 2022, LS&R 2063, IEFbe 3440;ECLI:NL:CBB:2022:217 (Pesticide Action Network Europe tegen College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biocide) Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft in drie zaken prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Unie, zie ook ECLI:NL:CBB:2022:214 en ECLI:NL:CBB:2022:215. Het gaat om zaken waarin PAN-Europe en het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) van mening verschillen over de toelating van de gewasbeschermingsmiddelen Closer, Dagonis en Pitcher. In deze zaak, over het gewasbeschermingsmiddel Pitcher, gaat het om de vraag of hormoonontregelende eigenschappen alleen op Europees niveau beoordeeld worden of daarnaast ook op nationaal niveau nog aan de orde gesteld kunnen worden bij de toelating van een gewasbeschermingsmiddel. Verder is in alle drie de zaken aan de orde of de toelating van een gewasbeschermingsmiddel beoordeeld moet worden op basis van de stand van de wetenschappelijke en technische kennis op het moment van de toelating of een eerder moment, bijvoorbeeld het moment van de aanvraag.

IEFBE 3439

Gerecht EU: schorsingsverzoek kan te allen tijde

4 mei 2022, IEFBE 3439; ECLI:EU:T:2022:270 (PwC tegen Haufe-Lexware), http://www.ie-forum.be/artikelen/gerecht-eu-schorsingsverzoek-kan-te-allen-tijde

Gerecht EU 4 mei 2022, IEF 20698, IEFbe 3439; ECLI:EU:T:2022:270 (PwC tegen Haufe-Lexware) Het arrest betreft het meest recente hoofdstuk in een merkenstrijd tussen PwC (PricewaterhouseCoopers Belastingadviseurs, inmiddels Taxolutions) en Haufe-Lexware vanwege het ooit door PwC aangevraagde merk voor TAXMARC. Haufe-Lexware stelde oppositie in op basis van een figuratief merk X TAXMAN. De oppositie werd toegewezen, waarop PwC een nietigheidsactie instelde tegen het X TAXMAN merk. Tegelijkertijd vroeg PwC om schorsing van de oppositie, in afwachting van de beslissing op de geldigheid c.q. beschermingsomvang van het X TAXMAN merk. In dit arrest bevestigt het Gerecht EU, kortweg, dat een schorsingsverzoek te allen tijde kan worden ingediend en dat het beslissen daarop ter discretie van het EUIPO staat. Ook al is zo’n verzoek relatief laat ingediend, dan nog moet dat verzoek gedegen afgewogen worden. Die afweging blijkt niet uit de uitspraak van de BoA, aldus het Gerecht EU. Het verzoek kan niet afgewezen alleen op basis van die vermeende laattijdigheid. In deze procedure was PwC bovendien niet laattijdig, volgens het Gerecht EU, omdat het verzoek tot schorsing werd ingediend nog voordat de gronden van beroep in de oppositie werden ingediend. Omdat het schorsingsverzoek behandeld had behoren te worden vóórdat het inhoudelijke beroep in de oppositie werd behandeld, vernietigt het Gerecht EU de gehele beslissing van de Board of Appeal, alwaar de zaak nu overgedaan dient te worden (en dus waarschijnlijk alsnog geschorst dient te worden).

IEFBE 3437

Update: wetgeving implementatie Europese patenten

In de nieuwe update van het publicatieblad van de European Patent Organisation zijn twee nieuwe amendementen verwerkt in de wetgeving inzake de implementatie van Europese Patenten. Het doel van deze wetgeving is om met één patentaanvraag, alle lidstaten te kunnen bereiken. De amendementen zien op de wetgeving omtrent de octrooibescherming zelf en de kosten voor het aanvragen van een Europees octrooi.

Lees meer op de website van het EPO.

IEFBE 3436

BIE symposium IE-procesrecht

Op vrijdag 17 juni a.s. in het Auditorium van de Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam vindt het BIE symposium 2022 plaats, getiteld: ' IE - Procesrecht'. Sprekers uit binnen- en buitenland belichten verschillende onderwerpen die van belang zijn voor het IE -Procesrecht.

Het symposium staat onder leiding van oud-BIE-redactielid Toon Huydecoper. De volgende sprekers en onderwerpen komen aan bod:
Zoe Butler: About injunctions for patent infringement - is the UK approach proportionate?; Tobias Cohen Jehoram: Bewijslastverdeling in het merkenrecht; Constant van Nispen: De ontwikkeling van rechterlijke bevelen in IE-Zaken, Robert van Peursem: Over Bayer/Richter en Charlotte Vrendenbarg: Het ex parte bevel.

Inloop: 13.30 uur
Aanvang: 14.00 uur - 17.15 uur
Feestelijk borrel: 17.15 uur
Accreditatie: 3 PO-punten. Neem contact op via info@delex.nl, of meld je aan via de website.

IEFBE 3435

Kroniek van de intellectuele eigendom

De kroniek, geschreven door Dirk Visser en Simon Dack, bestrijkt IE-ontwikkelingen in de periode april 2021 - maart 2022.
"In tijden van oorlog blijven ook IE-rechten niet buiten schot. De Haagse octrooirechtspraak gaat te langzaam en het Unified Patent Court begint eind dit jaar. Herhaaldepots zijn vermoedelijk ontoelaatbaar. Uitputting blijft ingewikkeld. Het exploiteren van één snackbar in Goes kan normaal gebruik van een Beneluxmerk opleveren. Overblokkering lijkt mee te vallen. Stukjes van een Ferrari kunnen modelrechtelijk beschermd zijn. Stukjes van een scheerapparaat of een Landrover zijn lastiger auteursrechtelijk te beschermen. Champagne is erg goed beschermd en Delfts Blauw straks ook."

Lees verder in het Nederlands Juristenblad.

IEFBE 3433

Conferentie European Copyright Society

De jaarlijkse conferentie van de European Copyright Society (ECS) vindt plaats op 27 mei in het Engelse Nottingham. De titel van de conferentie is “The Constitutional Turn in Copyright Law – From human rights, to competition aspects and fairness concerns”. De laatste dag waarop u zich kunt aanmelden is 18 mei. U kunt het programma van de conferentie hier vinden.

IEFBE 3431

Gerecht EU: douchegoot is geldig model

Gerecht EU - Tribunal UE 27 apr 2022, IEFBE 3431; ECLI:EU:T:2022:263 (Nivelles tegen EUIPO), http://www.ie-forum.be/artikelen/gerecht-eu-douchegoot-is-geldig-model

Gerecht EU 27 april 2022, IEF 20681, IEFbe 3431; ECLI:EU:T:2022:263 (Nivelles tegen EUIPO) In deze modelrechtzaak aan het Gerecht staat de inschrijving van douchegoten door het EUIPO centraal. Ook in een eerdere uitspraak zijn modellen van douchegoten aan bod gekomen bij het HvJ EU [IEF 17130], waarbij Nivelles ook partij was in de procedure tegen Easy Sanitary Solutions. In het onderhavige geval gaat het om een besluit van het EUIPO om het litigieuze model geldig te verklaren, waardoor deze kon worden ingeschreven binnen het modellenregister. Aldus Nivelles is deze geldigverklaring onjuist en dient dit besluit te worden vernietigd. Het Gerecht is het hier niet mee eens en verwerpt de aangedragen middelen van Nivelles. Hierbij waren ook de eerdere ingeschreven en beschikbare modellen van dit soort afvoerputjes in het geding, alhoewel op meer processuele gronden. Bij de vergelijking van de conflicterende modellen en een behandeling van het eigen karakter van het litigieuze model werden de overwegingen van het EUIPO verder bevestigd. Het Hof concludeert dus dat dit een geldig model betreft.
Tot slot wordt in bewijsrechtelijke zin nogmaals benadrukt dat bij weigering van een verzoek het geen fout is, wanneer de partij die het getuigenverhoor heeft ingediend, deze het getuigenverhoor ook schriftelijk had kunnen overleggen.

IEFBE 3429

HvJ EU: nietigverklaring Polen slaagt niet, art. 17 DSM blijft overeind

HvJ EU - CJUE 26 apr 2022, IEFBE 3429; ECLI:EU:C:2022:297 (Polen tegen Europees Parlement en Raad van Europese Unie), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-nietigverklaring-polen-slaagt-niet-art-17-dsm-blijft-overeind

HvJ EU 26 april 2022, IEF 20679, IT 3911, IEFbe 3429; ECLI:EU:C:2022:297 (Polen tegen Europees Parlement en Raad van Europese Unie) Met invoering van de richtlijn 2019/790 betreffende auteursrechten en naburige rechten in de digitale eengemaakte markt, hierna de DSM-richtlijn, is er een nieuw regime inzake de aansprakelijkheid van grote platformen geïntroduceerd in art. 17. Aanbieders kunnen op grond van dit artikel direct aansprakelijk gesteld worden voor content die is geüpload door gebruikers van het platform. Op grond van art. 17 lid 4 onder b en c DSM-richtlijn kunnen deze platformen deze aansprakelijkheid vermijden door actief toezicht te houden op de geüploade content. Polen heeft hiertegen een beroep op de nietigverklaring van lid 4 sub b en c van dit artikel ingesteld. Hiervoor stelt zij dat de automatische filtersoftware die wordt gebruikt door deze grote platformen voorzien is van te weinig waarborgen om het recht op vrijheid van meningsuiting en van informatie te verzekeren. De grote kamer van het Hof verwerpt dit beroep van Polen en oordeelt dat er voldoende waarborgen zijn ingebouwd om ervoor te zorgen dat er een passend evenwicht wordt gecreëerd tussen het recht op vrijheid van meningsuiting en het recht op intellectuele eigendom.