IEFBE 3174

Schending auteursrechtelijk stelplicht leidt tot nietige dagvaarding

Brussel - Bruxelles(Fr./Nl.) 30 jul 2020, IEFBE 3174; (Soclothes tegen Studio 10), http://www.ie-forum.be/artikelen/schending-auteursrechtelijk-stelplicht-leidt-tot-nietige-dagvaarding

Nederlandstalige Ondernemingsrechtbank Brussel 30 juli 2020, EFbe 3164; A/19/00480 (Soclothes tegen Studio 10) Soclothes bracht gebreide “tricot” kledij op de markt onder het merk “Valentine Witmeur”. Studio 10 verkoopt loshangende gebreide truien onder het merk “Lee and Me” met als stijlkenmerken contrasterende kleurblokken en strepen op de mouwen. Soclothes beweerde dat Studio 10 de truien van Valentine Witmeur reproduceerde of minstens adapteerde, daarmee haar auteursrechten schond en zich schuldig maakte aan oneerlijke marktpraktijken. Soclothes had evenwel in haar dagvaarding nagelaten in concreto de truien te identificeren waarvoor zij auteursrechtelijke bescherming opeiste en welke truien precies een inbreuk zouden maken op de beweerde auteursrechtelijk beschermde truien. De vage en algemene bewoordingen van de dagvaarding en het gebrek aan precisie bij het formuleren van de vorderingen vormde, aldus de rechter, een schending van de rechten van verdediging van Studio 10. De dagvaarding werd zodoende nietig verklaard ingevolge art. 702,3° Ger.W.

IEFBE 3176

Noot Paul Geerts onder Kogellagers en mk advokaten

Paul Geerts, Noot onder HvJ EU 30 april 2020, ECLI:EU:C:2020:341 (Kogellagers) [IEF 19182] en HvJ EU 2 juli 2020, ECLI:EU:C:2020:519 (mk advokaten/MBK Rechtsanwälte) [IEF 19317]; gepubliceerd in IER 2020/53 en IER 2020/54.

1. De inbreukcriteria onder art. 5 lid 1 sub a en b (oud) MRl vereisen dat een derde (i) gebruik maakt van het merk of overeenstemmend teken in (ii) het economisch verkeer.  Beide vereisten staan in de hier te bespreken arresten centraal. Uit al eerder gewezen jurisprudentie blijkt dat het Hof beide vereisten ruim uitlegt.

2. Wel is het zo dat het Hof aan het gebruik een ondergrens heeft gesteld. Het gebruik van een teken impliceert dat de betrokken marktdeelnemer het teken in het kader van zijn eigen commerciële communicatie gebruikt en dat sprake is van een actieve gedraging.

3. In het Google/Louis Vuitton-arrest is beslist dat het gebruik van een teken op zijn minst impliceert dat de betrokken marktdeelnemer het teken in het kader van zijn eigen commerciële communicatie gebruikt. Daar zal al snel sprake van zijn. Uitzonderingen zijn echter denkbaar.
Lees verder.

IEFBE 3175

Geen auteursrecht voor ingebouwde stopcontacten

Gent(afd. Gent) - Gand(div. Gand) 9 sep 2020, IEFBE 3175; (Creative 4 tegen Van Den Weghe), http://www.ie-forum.be/artikelen/geen-auteursrecht-voor-ingebouwde-stopcontacten

Ondernemingsrechtbank Gent 9 september 2020, IEFbe 3175; A/19/02879 (Creative 4 tegen Van Den Weghe) Creative 4 (“C4”) claimt auteursrechten op geïntegreerde en verzonken stopcontacten gecommercialiseerd onder de naam “TRIMLESS”. Zij beweert dat de “Lapris” stopcontacten van VAN DEN WEGHE een inbreuk uitmaken. C4 slaagt er volgens de rechtbank niet in aan te geven welke waarneembare vormkenmerken van de TRIMLESS stopcontacten precies auteursrechtelijke bescherming toekomen. Volgens de rechtbank betreffen de TRIMLESS stopcontacten louter een werkwijze om een bepaald technisch effect te bereiken. C4 heeft als dusdanig geen authentieke vormgevingskeuzes kunnen maken. Bij toepassing van de zogenaamde “techniekrestrictie” kwalificeren de TRIMLESS stopcontacten bijgevolg niet als een auteursrechtelijk beschermd werk. Daar C4 er eveneens niet in slaagt om begeleidende omstandigheden voor te leggen die aantonen dat C4 werkelijk schade leidt door de aanwezigheid op de markt van de Lapris, faalt ook haar vordering wegens schending van de eerlijke marktpraktijken.

IEFBE 3173

Conclusie A-G in Mircom tegen Telenet

HvJ EU - CJUE 17 dec 2020, IEFBE 3173; ECLI:EU:C:2020:1063 (Mircom tegen Telenet BVBA), http://www.ie-forum.be/artikelen/conclusie-a-g-in-mircom-tegen-telenet

HvJ EU Conclusie A-G 17 december 2020, IEF 19712, IT 3381, IEFbe 3173; ECLI:EU:C:2020:1063 (Mircom tegen Telenet BVBA) Verzoek om een prejudiciële beslissing van de ondernemingsrechtbank Antwerpen. Richtlijn 2001/29/EG, artikel 3, lid 1. Begrip ‚mededeling aan het publiek’. Downloaden van een bestand met een beschermd werk via een peer-to-peernetwerk en gelijktijdige terbeschikkingstelling van de onderdelen van dat bestand ter upload voor andere gebruikers.
Antwoorden van A-G Szpunar:

IEFBE 3172

Geen gevaar voor verwarring tussen HALLOUMI en BBQLOUMI

Gerecht EU - Tribunal UE 20 jan 2021, IEFBE 3172; (Halloumi tegen Bbqloumi), http://www.ie-forum.be/artikelen/geen-gevaar-voor-verwarring-tussen-halloumi-en-bbqloumi

Gerecht EU 20 januari 2021, IEF 19711; IEFbe 3172; T-328/17 (Halloumi tegen Bbqloumi) Persbericht. Het Gerecht bevestigt dat er geen gevaar voor verwarring bestaat tussen het collectieve merk HALLOUMI, voorbehouden aan de leden van een Cypriotische vereniging voor de bescherming van de traditionele kaas van Cyprus, en het teken 'BBQLOUMI' dat dient om de producten van een Bulgaars bedrijf aan te duiden.

IEFBE 3170

Conclusie A-G in zaak Facebook Ireland and Others

13 jan 2021, IEFBE 3170; ECLI:EU:C:2021:5 (Facebook Ireland and Others), http://www.ie-forum.be/artikelen/conclusie-a-g-in-zaak-facebook-ireland-and-others

HvJ EU Conclusie A-G 13 januari 2021, IEF 1970g, IT 3377, IEFbe 3170; ECLI:EU:C:2021:5 (Facebook Ireland tegen Gegevensbeschermingsautoriteit) Op 11 september 2015 heeft de gegevensbeschermingsautoriteit van België een procedure ingesteld tegen Facebook Ltd bij de rechtbank Brussel. De procedure betreft vermeende inbreuken op de wetgeving inzake gegevensbescherming door Facebook, die onder andere inhouden dat op onrechtmatige wijze informatie over het surfgedrag van internetgebruikers in België wordt verzameld en gebruikt. De gegevensbeschermingsautoriteit heeft verzocht Facebook te veroordelen tot staking van het zonder hun toestemming plaatsen van cookies die gedurende twee jaar actief blijven op de apparatuur die zij gebruiken wanneer zij op een webpagina van het Facebook.com-domein of op de website van een derde surfen.

IEFBE 3171

Wil van partijen primeert interpretatieregels

Antwerpen - Anvers 13 jan 2021, IEFBE 3171; (X tegen Directlease ), http://www.ie-forum.be/artikelen/wil-van-partijen-primeert-interpretatieregels

Hof van beroep Antwerpen 13 januari 2021, IEF 19705, IEFbe 3171; 2020/AR/133 (X tegen Directlease) Appellanten zijn een autojournalist en de vennootschap waarin de journalist zijn activiteiten heeft ondergebracht. Geïntimeerde, Directlease NV is een leasemaatschappij. Appellanten stellen dat Directlease haar auteursrechten op 6.200 artikelen (en 809 foto’s) heeft geschonden door de reproductie en de mededeling aan het publiek van deze werken zonder toestemming van appellanten op de website van Directlease. In 2014 hadden appellanten ook een vordering ingesteld tegen Directlease wegens schending van auteursrechten. Partijen sloten toen een dading waarbij Directlease zich er onder meer toe verbond om “een vergoeding van 35.000 EUR te betalen voor het laatstgenoemde gebruik van diens werken in de periode van september 2010 t/m 2014”. 

IEFBE 3169

HvJ EU: geen verwarringsgevaar merk Athlon

15 okt 2020, IEFBE 3169; ECLI:EU:T:2020:488 (Decathlon tegen Athlon Custom Sportswear PC), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-geen-verwarringsgevaar-merk-athlon

HvJ EU 15 oktober 2020, IEF 19695, IEFbe 3169; ECLI:EU:T:2020:488 (Decathlon tegen Athlon Custom Sportswear PC) Op 14 december 2016 heeft Athlon een aanvraag gedaan bij het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) voor de registratie van een Uniemerk, in de klassen 25 'kleding, hoeden' en 28 'sportartikelen- en apparatuur'. Op 14 april 2017 heeft Decathlon hiertegen oppositie ingesteld, op grond van artikel 41 van de Verordening (EG) nr. 207/2009. De oppositie wordt gebaseerd op het Unie-woordmerk Decathlon, dat geregistreerd staat sinds 28 april 2004, eveneens voor de klasse 25. In eerste instantie wordt de oppositie gegrond verklaard, omdat er sprake zou zijn van verwarringsgevaar in de zin van artikel 8 lid 1 sub b van de Verordening (EG) 2017/1001. De Kamer van beroep vernietigt echter deze beslissing. Hiertegen richt zich de vordering van Decathlon. Zij eist dat de beslissing op de oppositie in stand wordt gehouden. De vraag is of verwarringsgevaar bestaat tussen de twee merken. De vordering wordt afgewezen. Er zijn weinig visuele gelijkenissen tussen de merken en er is sprake van een weinig onderscheidend vermogen van het merk van Decathlon. Voor het algemene, relevante publiek valt er geen verwarring te duchten.

IEFBE 3168

Verzoek nietig verklaren vormmerk wordt afgewezen

17 dec 2020, IEFBE 3168; (Looplabb tegen Izipizi), http://www.ie-forum.be/artikelen/verzoek-nietig-verklaren-vormmerk-wordt-afgewezen

EUIPO 17 december 2020, IEF 19693, IEFbe 3168; C 40365 (Looplabb tegen Izipizi) Het EUIPO oordeelt dat de door Izipizi geregistreerde verpakking als zodanig (dus zonder vermelding van het woord Izipizi) géén onderscheidend vermogen heeft. Omdat het merk is gedeponeerd met de omschrijving “driedimensionaal merk” en het depot vier kanten van het teken laat zien, is het duidelijk dat het om een vormmerk gaat. Uit de grafische vormgeving blijkt dat het om een doos voor brillen gaat. Voor vormmerken geldt geen verzwaarde eis dat zij onderscheidend vermogen zouden moeten hebben verkregen. De vereisten voor het aannemen van onderscheidend vermogen zijn hetzelfde als voor andere merken. Echter, de perceptie van het publiek kan wel anders zijn, doordat consumenten die de vorm van een product zien daar niet altijd de herkomst uit afleiden. Dit is alleen het geval bij een vorm die aanzienlijk afwijkt van de gebruikelijke norm in de industrie. Het onderscheidend vermogen moet beoordeeld worden ten aanzien van het gehele teken, en met betrekking tot de waren en/of diensten waarvoor het is geregistreerd. Als één element onderscheidend is, kan daarom het hele teken onderscheidend zijn. Het woord IZIPIZI heeft sterk onderscheidend vermogen. Om deze reden is het hele teken onderscheidend. Er hoeft geen onderzoek te worden gedaan naar de mate waarin de vorm afwijkt van de gebruiken in de industrie.

IEFBE 3167

Voorjaarsagenda deLex

Ook in 2021 komt deLex met diverse nieuwe initiatieven en opleidingen. Online zolang het moet en offline, op locatie, zodra het weer kan. Schuif aan en blijf op de hoogte!

Het programma van januari t/m juni:

  • Vanaf februari 2021: Mr. S.K. Martens Academie
  • Donderdag 28 januari: Nationaal Reclamerechtcongres 2020
  • Januari - Februari: Nieuwe Franchisewet
    Serie: 21 januari,  4 februari 2021,  25 februari 2021
  • Donderdag 15 april: Actualiteiten Entertainment en Muziek
  • April - Mei: Kunst en IE, tentoonstelling en seminars
    Serie: 22 april, 23 april, 28 april, 29 april, donderdag 6 mei
  • Dinsdag 18 mei: Jurisprudentielunch Privacyrecht
  • Woensdag 19 mei: Jurisprudentielunch Merken- Modellen- en Auteursrecht
  • Woensdag 2 juni: Actualiteitenlunch Reclamerecht
  • Dinsdag 8 juni: Nationaal Octrooicongres 2021
  • Donderdag 17 juni: Benelux Merkencongres 2021

Voor meer informatie en/of aanmelden kijk hier.

IEFBE 3166

FOG maakt inbreuk op het merk Kadine

Brussel - Bruxelles(Fr./Nl.) 11 dec 2020, IEFBE 3166; ( Kadine B.V. tegen Fear of God LLC), http://www.ie-forum.be/artikelen/fog-maakt-inbreuk-op-het-merk-kadine

Nederlandstalige Ondernemingsrechtbank Brussel 11 december 2020, IEFbe 3166; C/20/00060 (Kadine B.V. tegen Fear of God LLC) Kadine is houder van de "Essentiel-merken" voor o.a. handtassen, kleding en schoenen. Ze verkoopt en verdeelt haar kledingwaren via meer dan 50 eigen retailwinkels verspreid over de hele EU. FOG is de uitbater van het streetwear label 'Fear of God Essentials'. FOG lanceerde in 2018 een nieuw submerk 'Fear of God Essentials', dat voor kleding werd geregistreerd. Op de kleding figureert prominent het opschrift 'Essentials', al dan niet aangevuld met het onderschrift 'Fear of God'. Kadine vordert vast te stellen dat met het gebruik van de benaming 'Essentials', door FOG, zij daarmee inbreuk pleegt op de merkrechten van Kadine. Op 1 juli 2020 heeft FOG een nieuwe collectie Essentials kleding gelanceerd en ze maakt vanaf dan via haar website www.fearofgod.com reclame voor de Essentials kleding die mede op consumenten in de Benelux en de EU gericht is. Daarop heeft Kadine FOG op 18 september 2020 in kort geding gedagvaard. Geoordeeld wordt dat de vordering van Kadine gegrond is, waardoor het FOG verboden wordt om inbreuk te maken op de merkrechten van Kadine in de gehele EU, door het teken 'Essentials' voor waren en diensten commercieel te exploiteren. Dit onder verbeurte van een dwangsom van 500 euro per overtreding van dit verbod.

IEFBE 3164

Simone Vandewynckel nieuwe vennoot bij Inteo

Belgian intellectual property law firm Inteo welcomes Simone Vandewynckel as a partner on 4 January 2021. The hire is a boost for the boutique firm, adding depth and expertise to support its growth.

Simone started her career at Benelux law firm Stibbe in 2008 to move to an in-house role as global head of intellectual property at Velcro Companies in 2018. She is a board member of the Belgian AIPPI group. Simone co-authored a handbook on the procedural aspects of intellectual property
enforcement in Belgium. At Inteo, Simone will work with founding partners Sofie Cubitt and Kristof Neefs, and associates Stéphanie de Potter and Annouk Naze.

The Mechelen-based outfit opened for business in December 2016. Four years in, Inteo has become an active player in intellectual property litigation. The firm’s non-contentious service offering includes assisting technology and research-driven companies in negotiating licensing and research agreements. Clients and peers have labelled Inteo ‘a breath of fresh air’ and ‘one to keep on your radar’ in the Belgian IP scene.

IEFBE 3163

HvJ EU: beantwoording prejudiciële vragen over bewijslast gezondheidsclaims

10 sep 2020, IEFBE 3163; ECLI:EU:C:2020:693 (Konsumentombudsman tegen Mezina AB), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-beantwoording-prejudici-le-vragen-over-bewijslast-gezondheidsclaims

HvJ EU 9 september 2020, IEF 19670, RB 3472, LS&R 1895, IEFbe 3163; ECLI:EU:C:2020:693 (Konsumentombudsman tegen Mezina AB) Mezina is actief op het gebied van het vervaardigen en het in de handel brengen van natuurlijke remedies en voedingssupplementen. Bij het in de handel brengen van deze producten, gebruikt Mezina gezondheidsclaims. De verordening nr. 1924/20061 regelt dat, bij etikettering van en de reclame voor levensmiddelen, er voor moet worden gezorgd dat de stoffen waarvoor een claim wordt gedaan, een bewezen heilzaam nutritioneel of fysiologisch effect hebben. De richtlijn 2005/29 beschermt de consument en verbiedt handelaren een verkeerde indruk te geven van de aard van producten. De Konsumentombudsman heeft beroep ingesteld om daarmee Mezina te verbieden deze gezondheidsclaims te gebruiken. De behandeling van de zaak is geschorst en het Hof wordt de prejudiciële vragen gesteld of de bewijslast op de handelaar rust die een bepaalde gezondheidsclaim doet of op de autoriteit die de nationale rechter verzoekt de handelaar te verbieden deze claim nog te gebruiken. Geoordeeld wordt dat de betrokken exploitant de gebruikte claim met algemeen aanvaard wetenschappelijk bewijs dient te onderbouwen.

IEFBE 3162

The Original Chiever Letterquiz

Ook in dit vreemde jaar hebben we natuurlijk weer de Chiever Letterquiz gemaakt. Misschien iets makkelijker dan andere jaren, want we hebben geprobeerd alleen maar letters te gebruiken uit merken die op een of andere manier een link met de Covid-crisis hebben. Soms is het verband wat ver gezocht, maar mogelijk helpt het u toch bij het oplossen van deze 2020 Letterquiz. Veel succes!

Mail uw oplossingen vóór 22 februari 2021 naar nieuwsbrief@chiever.com en maak kans op een diner-voor-twee ter waarde van € 100,- (als de horeca weer open is).

IEFBE 3161

Octrooi kan ook in aangepaste vorm niet in stand blijven

9 dec 2020, IEFBE 3161; (Tinnus en Zuru tegen Koopman International), http://www.ie-forum.be/artikelen/octrooi-kan-ook-in-aangepaste-vorm-niet-in-stand-blijven

Rechtbank Den Haag 9 december 2020, IEF 19647; ECLI:NL:RBDHA:2020:12493 (Tinnus Enterprises en Zuru tegen Koopman International) Nietigheid. Tinnus is houder van het octrooi EP 948 getiteld “Apparatus, system and method for filling containers with fluids” en heeft voor de toepassing daarvan een licentie verstrekt aan Zuru, tevens partij in deze procedure. Tinnus stelt dat Koopman inbreuk maakt op EP 948 en dat voor zover het product van Koopman niet aan alle kenmerken van de conclusies zou beantwoorden, sprake is van equivalente inbreuk. Koopman vordert in reconventie vernietiging van het Nederlandse deel van het octrooi, omdat het niet nieuw is, niet inventief en subsidiair niet nawerkbaar is en heeft de inbreuk betwist.

IEFBE 3160

Eigenaar van 'sui generis' recht databankproducent op databank

25 nov 2020, IEFBE 3160; (Enhesa tegen Young & Global Partners), http://www.ie-forum.be/artikelen/eigenaar-van-sui-generis-recht-databankproducent-op-databank

Tribunal de l'entreprise francophone de Bruxelles 25 november 2020, IEFbe 3160; A/20/01469 (Enhesa tegen Young & Global Partners) Enhesa is een onderneming gespecialiseerd in het verstrekken van consultancydiensten aan bedrijven met betrekking tot het naleven van de regelgeving inzake milieu, gezondheid en veiligheid op het werk (EHS). Haar diensten zijn gebaseerd op databanken die haar in staat stellen aan haar klanten een geharmoniseerde en gestandaardiseerde benadering van de EHS-naleving te bieden. De heer P was gedurende zes jaar in dienst van Enhesa voordat hij ontslag nam en het concurrerende bedrijf Young & Global Partners (YGP) oprichtte.

De voorzitter van de ondernemingsrechtbank stelde een deskundige aan die, als onderdeel van zijn opdracht, met behulp van PlagScan-software (ontworpen voor detectie van plagiaat) de databanken van YGP vergeleek met de gelijkaardige databanken van Enhesa. De deskundige nam in zijn rapport tabellen op met daarin de plagiaatspercentages die hij verkreeg door de databanken met behulp van bovengenoemde software te vergelijken. De voorzitter van de ondernemingsrechtbank oordeelde dat: (i) Enhesa eigenaar is van het sui generis recht van databankproducenten op zijn databanken en (ii) dat de PlagScan-software betrouwbaar is met betrekking tot de vaststelling van de inbreuk.

IEFBE 3159

Octrooi voor presentatiesysteem ClickShare niet nieuw en inventief

9 dec 2020, IEFBE 3159; (Barco NV tegen Delta Electronics), http://www.ie-forum.be/artikelen/octrooi-voor-presentatiesysteem-clickshare-niet-nieuw-en-inventief

Rechtbank Den Haag 9 december 2020, IEF 19656, IEFbe 3159; ECLI:NL:RBDHA:2020:12547 (Barco NV tegen Delta Electronics) Octrooirecht. Barco is een onderneming die onder meer presentatiehulpmiddelen op de markt brengt. Barco is daarbij houdster van Europees octrooi EP 668, voor een “Electronic tool and methods for meetings”. In het presentatiesysteem ‘ClickShare’ brengt Barco onderdelen op de markt waarin EP 668 wordt toegepast. Delta NL houdt zich bezig met de ontwikkeling en handel in elektrische systemen en apparaten. Sinds augustus 2017 brengt zij onderdelen van een presentatiesysteem, onder de naam ‘NovoConnect’, op de Europese markt. Net als bij 'Clickshare' maakt het systeem het mogelijk voor deelnemers aan een vergadering om beeldmateriaal op hun computer te delen met andere deelnemers, via een centraal presentatiescherm. Daarnaast heeft Barco het uiterlijk van haar ClickShare Button als Gemeenschapsmodel geregistreerd. Barco vordert een verbod op inbreuk op EP 668 en een verbod op inbreuk op het model. Delta voert verweer en vordert nietigverklaring van het octrooi en doet een beroep op het vormgevingserfgoed. De conclusies van EP 668 zouden in het licht van oudere modellen niet nieuw, althans niet inventief zijn. Geoordeeld wordt dat het oudere systeem de kenmerken van de conclusie 1 van EP 668 al heeft geopenbaard. Het in conclusie 2 geclaimde kenmerk wordt ook afgewezen, omdat het kenmerk niet als uitvinding kan worden aangemerkt. Daarnaast wordt geoordeeld dat het model een andere algemene indruk wekt ten opzichte van het vormgevingserfgoed. Barco wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld, waarvan de hoogte in redelijkheid wordt gematigd tot een bedrag van 160.000,-.

IEFBE 3151

Vertaalbureau Hendriks & James stelt zich voor

Nynke Hendriks & Ian James Gaukroger zijn de oprichters van juridisch vertaalbureau Hendriks & James. Hun bureau is inmiddels bijna 20 jaar in Amsterdam gevestigd en telt vele internationale advocatenkantoren tot zijn klantenkring. Zij vertalen uitsluitend juridische stukken Nederlands/Engels v.v. en zijn onder meer gespecialiseerd in vertalingen op het gebied van IE (www.hendriks-james.nl).

Wat vertalen jullie het liefst?

Nynke: Ik ben afgestudeerd op de octrooirechtelijke bepalingen van het TRIPs-verdrag en ben nog steeds graag bezig met octrooiteksten. En wetsbepalingen vind ik mooi om te vertalen omdat er geen woord te veel in staat. Elk woord is gewogen.

Ian:  Ik vind de manier waarop rechters denken altijd interessant. Hun logica en de manier waarop een gevolgtrekking tot stand komt: ‘Het feit dat … betekent niet dat…’.

IEFBE 3158

Wiggin in Brussel verwelkomt Carina Gommers en Carl De Meyer

, IEFBE 3158; http://www.ie-forum.be/artikelen/wiggin-in-brussel-verwelkomt-carina-gommers-en-carl-de-meyer

Media, technologie en intellectueel eigendom advocatenkantoor Wiggin versterkt haar kantoor in Brussel met de komst van de toonaangevende IE-specialisten Carina Gommers en Carl De Meyer, samen met twee extra teamleden, Eva De Pauw en Eleni Foscolos. De verhuizing weerspiegelt de aanhoudende groei van en investering in Wiggin's intellectuele eigendomspraktijk in het VK en de EU.
Lees verder.

IEFBE 3156

HvJ EU: besluit Europese Commissie over mededinging nietig verklaard

9 dec 2020, IEFBE 3156; ECLI:EU:C:2020:1007 (Groupe Canal tegen Europese Commissie), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-besluit-europese-commissie-over-mededinging-nietig-verklaard

HvJ EU 9 december 2020, IEF 19638, IT 3353, IEFbe 3156; ECLI:EU:C:2020:1007 (Groupe Canal+ tegen Europese Commissie) Mededinging. Televisiedistributie. Uit het persbericht: het Hof verklaart een besluit van de Commissie nietig waarbij toezeggingen verbindend worden verklaard die door een onderneming zijn gedaan om de mededinging op de markten in stand te houden. De omstandigheid dat de medecontractanten van een onderneming die heeft toegezegd om bepaalde contractuele clausules niet na te komen, zich tot de nationale rechter kunnen wenden, kan de gevolgen van dat besluit van de Commissie voor de contractuele rechten van die medecontractanten niet opheffen.