IEFBE 3199

Actualiteiten ePrivacy op donderdag 22 april

In één uur een overzicht van actualiteiten ePrivacy, met een praktische steek en met ruimte voor verdieping. Op 22 april licht Herwin Roerdink (Vondst Advocaten) de nieuwe regels rond telemarketing toe, de wijzigingen in de ePrivacyverordening en meer ontwikkelingen in dit vakgebied.

Op de agenda staan onder meer:

ePrivacy verordening: in januari 2021 is de tekst van de verordening op enkele onderdelen gewijzigd. Wat is het standpunt van de EBPD, en wat zijn de gevolgen?
De toekomst van cookies: het gebruik van tracking cookies staat onder druk, maar het online volgen van personen houdt niet op; hier bestaan alweer nieuwe methoden voor. Stel dat cookies verdwijnen, wat komt daar voor in de plaats en met welke gevolgen?
Voetbal TV: over de boete van de AP, een gerechtvaardigd belang, en de uitspraak van de rechtbank.
Telemarketing: hoe zien de nieuwe regels eruit?

Wanneer: donderdag 22 april, van 9:30 – 10:30 uur (met ruimte voor uitloop).
Aanmelden kan via deze link, of via info@delex.nl.

IEFBE 3202

Meubels wel beschermd, maar geen auteursrechtelijke schending

Antwerpen - Anvers 24 mrt 2021, IEFBE 3202; (Het Heerenhuis tegen Strak), http://www.ie-forum.be/artikelen/meubels-wel-beschermd-maar-geen-auteursrechtelijke-schending

Hof van Beroep Antwerpen 24 maart 2021, IEF 19884, IEFbe 3202, 2018/AR/2178 (Het Heerenhuis tegen Strak) Het Heerenhuis is een meubelmakerij uit Antwerpen die o.a. een bepaald type fauteuil en bijzettafel produceert. Geïntimeerden hebben de auteursrechten op deze producten geschonden volgens Het Heerenhuis. Deze vordert dan ook van het hof dat geïntimeerden de onderstelde schending staken op straffe van verscheidene dwangsommen. Het Heerenhuis vordert daarbovenop een zeer hoge schadevergoeding van geïntimeerden op basis van gederfde winst en geleden verlies. Het hof verklaart voor recht dat de fauteuil en de bijzettafel auteursrechtelijke bescherming toekomen, maar wijst alle overige vorderingen af. 

IEFBE 3201

Bijzondere MMA Jurisprudentielunch op 19 mei

Op afstand, maar hij is nog even terug voor de Jurisprudentielunch Merken- Modellen- en Auteursrecht dit voorjaar: Bernt Hugenholtz (emeritus hoogleraar UvA / IvIR). Vanuit zijn nieuwe residentie neemt hij op woensdag 19 mei het gedeelte Auteursrecht voor zijn rekening tijdens deze voorjaarseditie van deze halfjaarlijkse jurisprudentielunch.

Vaste sprekers Tobias Cohen Jehoram (De Brauw Blackstone Westbroek) en Charles Gielen (NautaDutilh) geven een analyse van de relevante uitspraken in respectievelijk het Merken- en het Modellenrecht.

Kortom: het wordt een bijzondere editie dit voorjaar. Zet lunch en laptop klaar, en u bent in een paar uur tijd weer volledig op de hoogte. Aanmelden? Dit kan via de website of via info@delex.nl

Tijd: 13.00 - 16.15 uur
Accreditatie: 3 PO punten

IEFBE 3200

Uniemerk van online gokbedrijf nietig verklaard

Brussel - Bruxelles 30 mrt 2021, IEFBE 3200; (bet365 tegen Rocoluc en EAC), http://www.ie-forum.be/artikelen/uniemerk-van-online-gokbedrijf-nietig-verklaard
Kansspelen-Unsplash

Hof van beroep Brussel 30 maart 2021, IEF 19871, IEFbe 3200, 2019/AR/1312 (bet365 tegen Rocoluc en EAC) Bet365 is een groot internationaal gokbedrijf dat online kansspelen aanbiedt, onder andere in België. Rocoluc en EAC zijn Belgische bedrijven die eveneens actief zijn in de kansspelsector. Samen zijn zij online actief onder de naam 'bet333'. Bet365 is van mening dat hiermee inbreuk wordt gemaakt op haar Uniemerk. Het Hof van beroep gaat hier echter niet in mee, mede omdat bet365 niet over de juiste vergunning beschikt om in België kansspelen aan te bieden. Daarbovenop wijst zij de tegenvordering van Roculuc en EAC toe, waarmee zij het Uniemerk van bet365 nietig verklaard.

IEFBE 3198

Eerste Kamer BenGH verwerpt beroep tegen uitspraak Tweede Kamer

15 mrt 2021, IEFBE 3198; (BXT tegen GiGi), http://www.ie-forum.be/artikelen/eerste-kamer-bengh-verwerpt-beroep-tegen-uitspraak-tweede-kamer
BenGH Brussel Google maps

Benelux Gerechtshof 15 maart 2021, IEF 19860, IEFbe 3198, C 2018/11/V/8 (BXT tegen GiGi) [Vervolg op IEF 18902]. BXT heeft het teken DIDI bij het BOIP gedeponeerd voor waren en diensten in verscheidene klassen van de Overeenkomst van Nice, waaronder klasse 12. GiGi heeft zich hier vervolgens tegen verzet. Deze oppositie is gedeeltelijk toegewezen, terecht volgens de Tweede Kamer van het BenGH in een eerdere uitspraak. BXT heeft tegen deze uitspraak beroep ingesteld. De Eerste Kamer verklaart deze echter als ongegrond en verwerpt het beroep van BXT.

IEFBE 3197

Gerecht EU: uiterlijk LEGO-blokjes is wel beschermd

24 mrt 2021, IEFBE 3197; ECLI:EU:T:2021:155 (Lego tegen Delta Sport Handelskontor), http://www.ie-forum.be/artikelen/gerecht-eu-uiterlijk-lego-blokjes-is-wel-beschermd

Gerecht EU 24 maart 2021, IEF 19850, IEF 3197; ECLI:EU:T:2021:155 (Lego tegen Delta Sport Handelskontor) Delta Sport Handelskontor is een Duitse speelgoedmaker die o.a. langwerpige, rechthoekige blokjes produceert die met rondjes en puntjes in elkaar kunnen worden geklikt. Lego is van mening dat hiermee inbreuk wordt gemaakt op hun eigen iconische blokjes. Het Bureau voor intellectueel eigendom van de Europese Unie (EUIPO) oordeelde in 2019 dat deze inmiddels niet meer worden beschermd. Het Europees Gerecht is het daar niet mee eens en oordeelt dat het hoe dan ook moeilijk is te voorkomen dat andere speelgoedbedrijven ook blokjes maken die op een of andere manier aan elkaar bevestigd kunnen worden, maar dat de specifieke manier waarop Lego dat doet uniek is. Zij legt hiermee de nadruk van de bescherming op de rondjes en puntjes van het kliksysteem waar de blokjes over beschikken.

IEFBE 3196

Conclusie A-G: Decompileren computerprogramma niet per se inbreukmakend

HvJ EU - CJUE 10 mrt 2021, IEFBE 3196; ECLI:EU:C:2021:193 (Top System tegen Belgische Staat), http://www.ie-forum.be/artikelen/conclusie-a-g-decompileren-computerprogramma-niet-per-se-inbreukmakend

HvJ EU Conclusie A-G 10 maart 2021, IEF 19838, IT 3449, ECLI:EU:C:2021:193 (Top System tegen Belgische Staat) Top System, een ontwikkelaar van computerprogramma's, werkt al verscheidene jaren samen met de Belgische openbare instelling Selor. Zij hebben meerdere digitale toepassingen met elkaar ontwikkeld. Desondanks is er in 2009 tussen partijen een geschil ontstaan omdat Top System van mening was dat Selor - en daarmee ook de Belgische Staat - inbreuk had gemaakt op de exclusieve rechten die zij op een programma had omdat Selor de software hiervan had gedecompileerd. Het Brusselse Hof van beroep heeft naar aanleiding van deze kwestie twee prejudiciële vragen gesteld aan het HvJ EU om meer duidelijkheid te krijgen over in hoeverre het decompileren van een computerprogramma is toegestaan onder Europees auteursrecht. A-G Szpunar formuleert als reactie op de vragen dat dit is toegestaan wanneer dat noodzakelijk is om fouten te verbeteren die de werking van het programma beïnvloeden.

IEFBE 3195

HvJ EU: UCMR – ADA tegen vereniging

HvJ EU - CJUE 21 jan 2021, IEFBE 3195; ECLI:EU:C:2021:50 (UCMR – ADA tegen vereniging), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-ucmr-ada-tegen-vereniging

HvJ EU 21 januari 2021, IEF 19825, IEFbe 3195; ECLI:EU:C:2021:50 (UCMR – ADA tegen vereniging) Het verzoek om een prejudiciële beslissing is ingediend in het kader van een geding tussen UCMR – ADA, een organisatie voor auteursrechten van componisten en culturele vereniging „Suflet de Român” (Ziel van Roemenië), thans in liquidatie, over de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde (btw) op een betaling van door de vereniging aan UCMR‑ADA verschuldigde royalty’s uit hoofde van de mededeling aan het publiek van muziekwerken in het kader van een door de vereniging georganiseerd optreden.
Het verzoek betreft de uitlegging van artikel 24, lid 1, artikel 25, onder a), en artikel 28 van richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (PB 2006, L 347, blz. 1), zoals gewijzigd bij richtlijn 2010/88/EU van de Raad van 7 december 2010 (PB 2010, L 326, blz. 1).

Beantwoording van de prejudiciële vragen: 

IEFBE 3194

HvJ EU breidt betekenis begrip 'mededeling aan publiek' uit

9 mrt 2021, IEFBE 3194; ECLI:EU:C:2021:181 (VG Bild-Kunst tegen SPK), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-breidt-betekenis-begrip-mededeling-aan-publiek-uit

HvJ EU 9 maart 2021, IEF 19815, IT 3435, IEFbe 3194; ECLI:EU:C:2021:181 (VG Bild-Kunst tegen SPK) VG Bild-Kunst is een organisatie voor het collectieve beheer van auteursrechten op het gebied van beeldende kunsten in Duitsland. De Stiftung Preußischer Kulturbesitz (SPK) is een Duitse stichting voor cultureel erfgoed. De twee partijen botsten met elkaar bij het aangaan van een licentieovereenkomst omdat VG Bild-Kunst daarin een bepaling wilde laten opnemen die SPK zou verplichten om doeltreffende technische voorzieningen te treffen tegen het framen van werken en materialen door derden. SPK wilde hier niet in meegaan. Het Duitse Bundesgerichtshof stelde als prejudiciële vraag aan het Hof of het opnemen van een met toestemming van de rechthebbende werk op een website als een mededeling aan het publiek moet worden gezien indien daarmee voorzieniningen tegen framing worden omzeild. Het Hof heeft deze vraag nu positief beantwoord.

IEFBE 3193

Dirk Visser: De auteur bepaalt of framing op internet mag

Dirk Visser

Als een auteursrechthebbende doeltreffende technische maatregelen neemt (of laat nemen) om framed hyperlinken van zijn werk te voorkomen, is dergelijk framen een nieuwe ‘mededeling aan het publiek’. Daarvoor is aparte toestemming nodig, aldus het Hof van Justitie van de Europese Unie [IEF 19815]. Een auteur kan dus zelf bepalen of derden zijn werken mogen framen op internet.

Zie de bijdrage van Dirk Visser op Mr-online.nl.

IEFBE 3192

Ondernemingsrechtbank Brussel constateert privacyschending

Overig - Autres 2 feb 2021, IEFBE 3192; (Privacy Praxis tegen SSN), http://www.ie-forum.be/artikelen/ondernemingsrechtbank-brussel-constateert-privacyschending

Tribunal de l’entreprise francophone de Bruxelles 2 février 2021, IEFbe 3192, A/20/01877 (Privacy Praxis tegen SSN) In deze zaak beschuldigde Privacy Praxis het Secrétariat Social des Notaires (SSN) ervan activiteiten te hebben verricht die verband hielden met de bescherming van persoonsgegevens terwijl dit geen deel uitmaakte van haar maatschappelijk doel. Deze vormden derhalve een handeling die in strijd was met de eerlijke marktpraktijken. In haar arrest stelt de Ondernemingsrechtbank Brussel een schending van het recht vast en gelast het de beëindiging van dit gedrag op straffe van een dwangsom.

IEFBE 3191

HvJ EU: toegang tot communicatiegegevens dient beperkt te blijven

2 mrt 2021, IEFBE 3191; ECLI:EU:C:2021:152 (Estland tegen H.K.), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-toegang-tot-communicatiegegevens-dient-beperkt-te-blijven

HvJ EU 2 maart 2021, IT 3432, IEFbe 3191; ECLI:EU:C:2021:152 (Estland tegen H.K.) Beslissing op prejudiciële vragen. H.K. wordt in Estland vervolgd wegens diefstal, gebruik van de bankpas van een ander en geweldpleging tegen betrokkenen bij een gerechtelijke procedure. De Estse rechter heeft H.K. schuldig verklaard aan deze feiten op basis van informatie die zij verkreeg van een aanbieder van elektronische-communicatiediensten. H.K. ging hiertegen in hoger beroep. Hierop besloot de hoogste Estse rechterlijke instantie een aantal prejudiciële vragen voor te leggen aan het HvJ EU over in hoeverre een nationale regeling, in het kader van strafrechtelijk onderzoek, aan een overheidsinstantie toegang mag verlenen tot elektronische-communicatiegegevens die een gedetailleerd beeld van een gebruiker kunnen scheppen. Het HvJ EU verklaart dat een dergelijke regeling niet is toegestaan indien deze niet is beperkt tot het bestrijden van zware criminaliteit of het voorkomen van ernstige bedreigingen van de openbare veiligheid. Daarnaast moet de toetsing van een rechtmatige toegang tot gegevens niet gedaan worden door een instantie als het openbaar ministerie, maar door een meer onafhankelijke instantie.

IEFBE 3190

Conclusie A-G in CV Online Latvia tegen Melons

14 jan 2021, IEFBE 3190; ECLI:EU:C:2021:22 (CV-Online Latvia), http://www.ie-forum.be/artikelen/conclusie-a-g-in-cv-online-latvia-tegen-melons

HvJ EU Conclusie A-G 14 januari 2021, IT 3419, IEFbe 3190; ECLI:EU:C:2021:22 (CV-Online Latvia) Vervolg op [IT 3034]. Beslissingen op prejudiciële vragen van de regionale rechter in Riga. Deze stelde twee prejudiciële vragen over zowel de opvraging als het eventuele hergebruik van de databank van SIA 'CV-Online Latvia' door SIA 'Melons' en de kwalificatie onder richtlijn 96/9/EG.
Antwoorden van A-G Szpunar:

IEFBE 3185

Grondwettelijk Hof: opslaan vingerafdrukken identiteitskaarten geen privacyschending

Grondwettelijk hof - Cour constitutionelle 14 jan 2021, IEFBE 3185; http://www.ie-forum.be/artikelen/grondwettelijk-hof-opslaan-vingerafdrukken-identiteitskaarten-geen-privacyschending

Grondwettelijk Hof 14 januari 2021, IEFbe 3185; nr. 2/2021 (Parti Libertarien, Liga voor Mensenrechten en Ligue des droits humains) Door meerdere partijen, waaronder de Parti Libertarien en de Liga voor Mensenrechten, is een verzoekschrift ingediend bij het Hof ter vernietiging van artikel 27 van de wet dat voorziet in het integreren van het digitale beeld van vingerafdrukken in de identiteitskaart. Het Hof verwerpt het verzoek. De inmenging in het recht op eerbiediging van het privéleven en op bescherming van persoonsgegevens wordt volgens het Hof gerechtvaardigd door het doel identiteitsfraude te bestrijden. De waarborgen omtrent de maatregel zorgen ervoor dat er geen onevenredige gevolgen zijn voor de rechten van de betrokken personen. De vingerafdrukken van de houders van een identiteitskaart worden niet in een centraal register doorgevoerd en de autoriteiten die toegang hebben tot deze gegevens zijn limitatief. Ter beveiliging van de gegevens staat het aan de uitvoerende macht om hiervoor de benodigde maatregelen te nemen. Verder acht het Hof het niet nodig om prejudiciële vragen te stellen aan het Europees Hof van Justitite over de geldigheid van de Europese verordening, die voorziet in een soortgelijke maatregel op Europees niveau.

IEFBE 3189

Raad van de EU bepaalt standpunt over e-privacyregels

De lidstaten zijn het eens geworden over een onderhandelingsmandaat voor nieuwe regels voor de bescherming van de privacy en de vertrouwelijkheid bij het gebruik van elektronische-communicatiediensten. De nieuwe e-privacy-regels zullen bepalen wanneer dienstverleners elektronische-communicatie­gegevens mogen verwerken of toegang krijgen tot gegevens op apparatuur van eindgebruikers. Nu er een akkoord is, kan het Portugese voorzitterschap met het Europees Parlement gaan onderhandelen over de definitieve tekst.
Lees verder.

IEFBE 3188

Onderzoek wijst op economische voordelen van bezit IE-rechten

Het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) heeft een rapport gepubliceerd over het verband tussen eigendom van intellectuele eigendomsrechten en economische prestaties binnen individuele bedrijven in heel Europa.

De studie concludeert dat er een positieve associatie bestaat tussen IER-eigendom en economische prestaties, waarbij de inkomsten per werknemer gemiddeld 55% hoger zijn voor IER-eigenaren dan voor niet-eigenaren. In België, een sterke innovator volgens het jaarlijkse European Innovation Scoreboard van de Europese Commissie, hebben kleine en middelgrote ondernemingen een van de hoogste percentages patentbezit in Europa.
Lees verder.

IEFBE 3187

Stakingsbevel vervaardigen "WeaponLogic"

Brussel - Bruxelles(Fr./Nl.) 18 dec 2020, IEFBE 3187; (FN Herstal contre Secubit Ltd. et Secubit Inc.), http://www.ie-forum.be/artikelen/stakingsbevel-vervaardigen-weaponlogic

Tribunal de l’entreprise francophone de Bruxelles 18 décembre 2020, IEFbe 3187; A/19/02292 (FN Herstal contre Secubit Ltd. et Secubit Inc.) Procédure en contrefaçon du brevet EP’292 de FN Herstal et portant sur un dispositif pour la détection et le comptage de coups tirés par une arme à feu automatique ou semi-automatique, capable de discriminer le « type » de munition utilisé. Demande reconventionnelle en nullité (partielle) du brevet.

Validité du brevet invoqué : Le brevet invoqué par FN Herstal remplit les conditions de nouveauté et d’activité inventive. L’invention est par ailleurs suffisamment divulguée, la description permettant à l’homme du métier de la comprendre et de la reproduire. A cet égard, le tribunal observe que la revendication vise la discrimination des types de munitions et non d’une munition à l’exclusion d’innombrables autres munitions, et que, de même, vu le contexte de la maintenance préventive des armes, le brevet s’interprète comme visant à distinguer au moins deux types de munitions (tir à balle réelle et tir à blanc).

Contrefaçon par les dispositifs de Secubit : FN Herstal a démontré que le dispositif qualifié d’ « ancien » par Secubit constitue une contrefaçon ; il reproduit chacune des dix caractéristiques de la revendication 1 du brevet invoqué. Le « nouveau dispositif » dont le fonctionnement se distinguerait de l’ancien, contrefait la technologie brevetée dans au moins une de ses formes, i.e. lorsqu’il contient un « accéléromètre (sensible dans la direction axiale du canon), destiné à prendre des mesures utilisées pour compter des coups tirés », cet accéléromètre étant un élément essentiel de l’invention brevetée. Tant l’ancien que le nouveau dispositif ont été offerts en vente sur le territoire belge. Le tribunal retient à cet égard que les deux versions successives du site Internet de Secubit contiennent une offre en Belgique du dispositif litigieux : la plus récente en raison de la mention « Belgium » parmi les « Selling locations », et la version antérieure parce qu’elle visait tous les pays sans distinction tout en donnant l’impression que les produits pouvaient être commandés depuis la Belgique ou plus amplement renseignés à un client potentiel en Belgique (à titre complémentaire, le tribunal relève une offre indirecte en raison d’une documentation commerciale remise à un armurier belge et transmise par celui-ci à un client belge potentiel).

Ordre de cessation: Le tribunal prononce donc un ordre de cessation, interdisant à Secubit de fabriquer, d’offrir, de mettre dans le commerce, d’utiliser, ou bien d’importer ou de détenir aux fins précitées, sur le territoire belge, un dispositif en mesure de discriminer le « type » de munition utilisé et contenant un « accéléromètre (sensible dans la direction axiale du canon), destiné à prendre des mesures utilisées pour compter des coups tirés ». L’ordre de cessation est assorti d’une astreinte de 5000 € par dispositif contrefaisant fabriqué, offert, vendu, livré, utilisé, importé ou détenu par Secubit sur le territoire belge et par jour pendant lequel l’infraction perdure.

IEFBE 3183

Prejudiciële vragen over begrip 'op welke drager dan ook'

7 sep 2020, IEFBE 3183; (Austro-Mechana tegen Strato AG), http://www.ie-forum.be/artikelen/prejudici-le-vragen-over-begrip-op-welke-drager-dan-ook

Oberlandesgericht Wien 7 september 2020, IEF 19748, IT 3398, IEFbe 3183; C-433/20 (Austro-Mechana tegen Strato AG) Via MinBuza. Verzoekster is een collectieve beheerorganisatie die exploitatierechten en rechten op vergoeding voor muziekwerken beheert. Verweerster exploiteert de dienst HiDrive, deze “cloud drive” is een “virtuele opslagruimte die even snel werkt en even gebruiksvriendelijk is als een (externe) harde schijf”. Verzoekster heeft gevorderd dat rekening en verantwoording zou worden afgelegd en dat vervolgens een vergoeding voor lege opslagmedia zou worden betaald. Verweerster betwist de vordering en voert aan dat uit de thans geldende versie van de auteurswet niet volgt dat voor cloudservices een vergoeding is verschuldigd. Verder zouden cloudservices en fysieke opslagmedia niet met elkaar kunnen worden vergeleken. De handelsrechter heeft de vordering afgewezen waarop verzoekster in hoger beroep ging. 

IEFBE 3182

HvJ EU: verbod op reclame kan in strijd zijn met Unierecht

3 feb 2021, IEFBE 3182; ECLI:EU:C:2021:89 (Fussl Modestraße Mayr tegen SevenOne Media ), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-verbod-op-reclame-kan-in-strijd-zijn-met-unierecht

HvJ EU 3 februari 2021, IEF 19747, RB 3485, IEFbe 3182; ECLI:EU:C:2021:89 (Fussl Modestraße Mayr GmbH tegen SevenOne Media GmbH) Televisieomroep. Gelijke behandeling. Het Hof verklaart dat een volledige verbod, waardoor de inkomsten uit regionale televisiereclame worden voorbehouden aan regionale en lokale zenders, mogelijkerwijs verder dan noodzakelijk is om een gevarieerd televisieaanbod te behouden en kan leiden tot een ontoelaatbare ongelijkheid tussen de landelijke televisieomroepen en de aanbieders van reclamediensten op internet.

IEFBE 3184

Prejudiciële vraag: advocaatkosten 'noodzakelijke uitgaven'?

6 okt 2020, IEFBE 3184; (Media GmbH tegen FU), http://www.ie-forum.be/artikelen/prejudici-le-vraag-advocaatkosten-noodzakelijke-uitgaven

Landgericht Saarbrücken 6 oktober 2020, IEF 19749, IT 3399, IEFbe 3184 C-559/20 (Media GmbH tegen FU) Via MinBuza. De kernvraag in deze zaak betreft de vergoeding van de advocatenkosten voor een aanmaning wegens filesharing. Verzoekster verkoopt computerspellen voor commerciële doeleinden en is houdster van de exclusieve rechten van een specifiek computerspel. Verweerder is een natuurlijke persoon die geen professionele of commerciële doeleinden nastreeft en die dit computerspel voor derden beschikbaar heeft gesteld voor download. Hiermee heeft hij inbreuk gepleegd op de rechten van verzoekster. Verzoekster schakelde een advocatenkantoor in dat namens verzoekster een aanmaning naar verweerder heeft gestuurd. Voor het inschakelen van het advocatenkantoor heeft verzoekster kosten gemaakt (€984,60) dat als volgt is samengesteld: een 1,3 honorarium berekend over een waarde van de vordering van €20.000,-. De hoogte van dit bedrag wordt betwist. De rechter in eerste aanleg heeft verweerder veroordeeld tot betaling van €124,- en de vordering voor het overige afgewezen. Volgens de rechter in eerste aanleg is het vergoedbare bedrag van een vordering beperkt tot €1.000,- op grond van §97a(3) UrhG (Duitse wet inzake het auteursrecht). Met haar beroep voor de verwijzende rechter wil verzoekster haar vordering tot volledige vergoeding van haar advocatenkosten alsnog geldend maken.

Prejudiciële vragen: