IEFBE 2701

Onmogelijk informatie te verschaffen vanwege buitenlandse server van Mylan

Rechtbank van Koophandel Brussel 8 juni 2017, IEFbe 2701 (Mylan tegen Teva) Octrooirecht. Synthon groep is een internationale farmaceutische generieke groep. Voor commercialisering in België werken ze samen met Mylan. Teva is een groep die generieke en innovatieve geneesmiddelen ontwikkelt. Teva vermoedt dat Mylan een werkwijze gebruikt die beschermd wordt door haar Europese octrooi. Teva verzocht de voorzitter in kort geding om een deskundige aan te stellen. Deze vordering om een deskundige aan te stellen werd toegewezen. Mylan weigerde mee te werken aan het onderzoek van de deskundige. Teva vordert een betaling wegens niet-naleving van verplichtingen. Mylan heeft derdenverzet aangetekend tegen de verplichting om stukken te overhandigen aan de deskundige en weigert de dwangsommen te betalen. De server van Mylan staat in het buitenland en heeft daartoe geen toegang. Het is voor Mylan onmogelijk om informatie te verschaffen. De vordering van Mylan wordt toegewezen en de dwangsommen worden opgeheven.

24. Mylan meent dat de dwangsommen opgelegd door de voorzitter in de tweede beslagbeschikking niet verbeurd zijn omdat het voor haar onmogelijk was om de deskundige toegang te verschaffen tot informatie die is opgeslagen op een buitenlandse server, die eigendom is van en beheerd wordt door een ander bedrijf uit de Mylan-groep dat een toegangscontrole heeft voorzien. Samen met de deskundige lijkt Teva van mening dat het tegendeel het geval is, aangezien volgens hen Mylan de beheerder van de buitenlandse server kon vragen om de relevante informatie van de server door te sturen naar Mylan.
Mylan merkt terecht op dat Teva hierbij uit het oog verliest dat zonder de bereidheid van de buitenlandse beheerder om te voldoen aan het verzoek van de deskundige/Teva, er geen informatie door Teva zal worden verkregen. Dit werd door Mylan duidelijk gemaakt aan de deskundige tijdens het tweede beslag inzake namaak. Mylan heeft derhalve geen enkele controle over de toekenning van deze machtiging. Een dergelijke controle rust volledig bij de buitenlandse beheerder en Teva bewijst niet het tegendeel. Deze situatie bestond al op het ogenblik van het opleggen van de dwangsom zodat, in overeenstemming met de rechtspraak van het Hof van Cassatie de dwangsom daarom haar doel al verloren had op het ogenblik dat deze werd opgelegd en dus alleen maar een bestraffend en dus onrechtmatig doel kan dienen.

41. Uit hetgeen voorafgaand volgt de gegrondheid van de vordering. Het past de in beslagbeschikking van 19 oktober 2016 opgelegde dwangsommen op te heffen voor zover zij betrekking hebben op informatie die zich in het buitenland bevindt.