IEFBE 3125

Terugtrekking Verenigd Koninkrijk heeft geen gevolg voor bescherming ouder merk

Gerecht EU 23 september 2020, IEF 19447, IEFbe 3125; ECLI:EU:T:2020:433 (Bauer Radio tegen EUIPO) In 2013 deed de Weense Simon Weinstein bij het EUIPO een Uniemerkaanvraag betreffende het woordteken MUSIKISS. In 2014 heeft Bauer Radio oppositie ingesteld tegen de inschrijving van het aangevraagde merk, deze oppositie is gebaseerd op de oudere woord- en beeldmerken KISS, die in het Verenigd Koninkrijk zijn ingeschreven. 
Ondanks de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie, behoudt de zaak haar voorwerp. Er kon wel degelijk oppositie worden ingesteld op grond van de oudere KISS-merken tegen MUSIKISS. Het EUIPO en Weinstein voeren twee middelen van niet-ontvankelijkheid aan, ontleend aan artikel 66, lid 2, van verordening 2017/1001 en aan artikel 72, lid 4, van deze verordening. Deze middelen worden afgewezen.

31      In dit verband zij eraan herinnerd dat het terugtrekkingsakkoord, dat de regelingen voor de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie vaststelt, op 1 februari 2020 in werking is getreden. Dit akkoord voorziet in een overgangsperiode van 1 februari tot en met 31 december 2020, die eenmalig met een periode van maximaal één tot twee jaar kan worden verlengd (hierna: „overgangsperiode”).

32      Artikel 127 van het terugtrekkingsakkoord bepaalt dat het recht van de Unie tijdens de overgangsperiode van toepassing blijft in het Verenigd Koninkrijk, tenzij anders is bepaald.

35      De omstandigheid dat het oudere merk de hoedanigheid van in een lidstaat ingeschreven merk kan verliezen na de indiening van de Uniemerkaanvraag, met name na een eventuele terugtrekking van de betrokken lidstaat uit de Unie, is in beginsel irrelevant voor de uitkomst van de oppositie (arrest van 30 januari 2020, BROWNIE, T‑598/18, EU:T:2020:22, punt 19).

36      Hieruit volgt dat in casu, op de datum van het onderhavige arrest, de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie geen gevolgen heeft voor de bescherming die de oudere merken als merken van de Europese Unie genieten. Bijgevolg kan op grond van deze merken nog oppositie worden ingesteld tegen de inschrijving van het aangevraagde merk.

39      Het EUIPO en interveniënt voeren twee middelen van niet-ontvankelijkheid aan. Het eerste middel is ontleend aan artikel 66, lid 2, van verordening 2017/1001 en aan een algemeen beginsel van bestuursrecht volgens hetwelk slechts beroep kan worden ingesteld tegen beslissingen waarin het definitieve standpunt van de administratie tot uitdrukking wordt gebracht. Het tweede middel is ontleend aan artikel 72, lid 4, van deze verordening, dat bepaalt dat „[b]eroep kan worden ingesteld door partijen in de procedure voor de kamer van beroep, voor zover zij door de beslissing van deze kamer in het ongelijk zijn gesteld.”