IEFBE 2742
  • Gent(afd. Dendermonde) - Gand(div. Termonde)
    8 feb 2018
  • Zappass tegen Digerworks

Verbodsvordering toegewezen omdat niet wordt vermeld in welke hoedanigheid verweerder optreedt

Zampass digerworks

Voorz. Rechtbank van Koophandel Gent 8 februari 2017, IEFbe 2742 (Zampass tegen Digerworks) Oneerlijke marktpraktijken. Eiseres heeft onder meer als activiteit 'crowd managment'. Na faillissement is het materiaal overgenomen door Zampass. Volgens eiseres werd slechts een deel van de activa naar de maatschappelijke zetel gebracht en het andere deel zou zijn opgeslagen in een magazijn. Eisers maakt ook melding van het afwerven van haar cliënteel door de verweerster. Daardoor zou verwarring ontstaan bij het cliënteel of ze in contact zijn met Zappass of Digerworks. Eiseres vordert een verbod op afwerving van cliënteel en een verbod op verwarring stichten. Het staat niet vast dat de verweerder de handelsnaam van eisers gebruikt. Wel blijkt hieruit dat door het optreden van de heer X in twee hoedanigheden er verwarring ontstaat bij het cliënteel van eiseres. Nu verweerders blijkbaar van oordeel zijn dat zij ongeremd het cliënteel van eiseres mogen benaderen, komt het passend voor een dwangsom op te leggen. Vordering wordt toegewezen.

3. Eiseres oordeelt dat verweerders op onrechtmatige wijze haar cliënteel benaderen en afleiden, hierbij gebruik makend van het feit dat eerste verweerder dit cliënteel reeds langere bedient via eisers. Verweerders ontkennen niet dat zij optreden in eigen naam maar oordelen dat het hun cliënteel betreft, klanten die zij hebben opgebouwd en dat hierover bij deze klanten geen verwarring bestaat. Uit het emailverkeer tussen partijen blijkt dat verweerders cliënteel van eisers bedienen vanuit Digerworks met materiaal van Zappass waarvoor huur zou worden betaald. Verweerders ontkennen dit niet. Afwerving van cliënteel behoort tot het wezen van concurrentie maar wordt onrechtmatig als dit gepaard gaat met bijzondere bijkomende omstandigheden. X is aandeelhouder en bestuurder van eisers terwijl hij thans bewust cliënteel van eisers rechtstreeks benadert daar waar hij tot voor kort de opdrachten voor dezelfde klanten uitvoerde voor rekening van eisers. Dit leidt tot destabilisatie van eisers en maakt de afwerving van het cliënteel wederrechtelijk.
5. Eisers vordert verweerders verbod op te leggen haar handelsnaam te gebruiken voor opdrachten die niet voor haar rekening worden uitgevoerd. Uit stuk 10 van eisers blijkt dat de klanten van eisers mogelijk geen onderscheid maken of X optreedt voor Digerworks of voor Zapass. Dit bewijst evenwel niet dat verweerders de handelsnaam van eiseres zouden gebruiken. Wel blijkt hieruit dat door het optreden van X in twee hoedanigheden er verwarring ontstaat bij het cliënteel van eisers. Nu verweerder blijkbaar van oordeel zijn dat zij ongeremd het cliënteel van eisers mogen benaderen, komt het passend voor een dwangsom op te leggen zoals hierna bepaald.