IEFBE 2124

Nederlandse Maatschappij is een zo algemeen gangbaar begrip dat daardoor geen begripsmatige overeenstemming ontstaat

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 21 mrt 2017, IEFBE 2124; (NEM/NLE tegen NIM), http://www.ie-forum.be/artikelen/nederlandse-maatschappij-is-een-zo-algemeen-gangbaar-begrip-dat-daardoor-geen-begripsmatige-overeens
nem nim

Hof Den Haag 21 maart 2017, IEF 16675; IEFbe 2124 (NEM/NLE tegen NIM) Beschikking. Merkenrecht. NIM heeft een Benelux-depot verricht voor woord-/beeldmerk, NLE heeft oppositie gevoerd op basis van haar woord-/beeldmerken. Het bureau heeft de oppositie afgewezen; de visuele en auditieve overeenkomsten tussen het teken en merken wegen niet op tegen de begripsmatige verschillen. Hoewel zowel het teken als het merk communiceert dat het gaat om een Nederlandse Maatschappij is dat een zo algemeen gangbaar begrip en wordt dat gebruikt door zo'n grote groep van Nederlandse aanbieders van waren of diensten, dat alleen daardoor geen begripsmatige overeenstemming ontstaat, althans wordt die overeenstemming opgeheven doordaat teken en merk aangeven dat het gaat om een andersoortige Nederlandse bedrijven die afwijkende diensten leveren, namelijk internetdiensten enerzijds en energiediensten anderzijds. Het hof verwerpt het beroep.

IEFBE 2123

IP News Reprographie: Le gouvernement belge persiste et signe

Droit d’auteur – reprographie. Le Moniteur belge du 10 mars 2017 contient deux arrêtés royaux particulièrement importants. Ces deux textes sont la réponse du gouvernement belge à l’arrêt HP contre Reprobel de 2015 sanctionnant la loi belge en droit d’auteur. Les auteurs sont toujours privés de la reprographie numérique et les éditeurs se voient à nouveau octroyer un droit à la reprographie Canada Dry (un soi-disant « droit propre »). Gageons que si le deuxième texte est attaqué en justice (mais par qui?), il ne résistera pas longtemps. Analyse. En savoir plus sur IPNews.be

IEFBE 2122

Deskundige 'Er kan onmogelijk sprake zijn van plagiaat op het niveau van de bron- en objectcode'

Antwerpen - Anvers 7 nov 2017, IEFBE 2122; (B&Co tegen T), http://www.ie-forum.be/artikelen/deskundige-er-kan-onmogelijk-sprake-zijn-van-plagiaat-op-het-niveau-van-de-bron-en-objectcode
mailer

Hof van Beroep Antwerpen 7 november 2016 (met tussenarrest 31 maart 2016) en Rb van Eerste Aanleg Antwerpen 2 januari 2014; IEF 2122 (B&Co tegen T) Auteursrecht. Software. Geen plagiaat. Mailer. De beschreven Mailer van T zou naar structuur en inhoud een identieke weergave zijn an mailer zoals eerder gecreëerd door B&Co. T had kennis van de software van B. Het Hof bevestigt het bestreden vonnis voor in zover de hoofdeisen ontvankelijk, doch ongegrond verklaard zijn.

De software: Uit het verslag van de gerechtsdeskudige blijkt dat vanuit technisch standpunt de programma's van partijen zeer verschillend zijn, ze zijn in andere computertalen, gebruiken andere databasesoftware en andere technische architectuur. Er kan onmogelijk sprake zijn van plagiaat op het niveau van de bron- en objectcode. De gebruikersinterface van de programma's zijn evenens verschillend. De databasetabellen, bestaande uit een lijst van top 40-aandoeningen, bestaan reeds in het publiek domein. Er is geen substantiële investering op objectieve wijze aangetoond.

Door geïntimeerde o.a. als een "hacker" af te schilderen en hem openlijk (voor het ledenbestand van Domus Medica) te beschuldigen te weinig ervaring als wachtarts te hebben, is het bewezen dat de appellanten opzettelijk schade hebben willen toebrengen aan de eer en goede faam van eerstgenoemde. Er volgt publicatie van arrest in "De Artsenkrant" en "Huisarts Nu".

IEFBE 2121

Het letterbeeld verschilt slechts vanwege de afwijkende beginletters CMIB en NMIB

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 17 mrt 2017, IEFBE 2121; ECLI:NL:RBDHA:2017:2626 (CMIB tegen NMIB), http://www.ie-forum.be/artikelen/het-letterbeeld-verschilt-slechts-vanwege-de-afwijkende-beginletters-cmib-en-nmib
cmib nmib

Vzr. Rechtbank Den Haag 17 maart 2017, IEF 16672; IEFbe 2121; ECLI:NL:RBDHA:2017:2626 (CMIB tegen NMIB) Merkenrecht. CMIB is een incassobureau met als opdrachtgever moedervennootschap Infomedics die debiteurenbeheer van tandartsen en fysiotherapeuten aanbiedt. CMIB is als woordmerk geregistreerd en maakt onderdeel uit van een logo. NMIB is een door Netpoint - concurrent van Infomedics - opgericht incassobureau. Het letterbeeld verschilt visueel slechts vanwege de afwijkende beginletters C en N. In combinatie met de aanduiding ‘Nationaal Medisch Incasso Bureau' is daarmee ook een begripsmatige overeenstemming. Op grond van 2.20 lid 1 sub b BVIE wordt NMIB bevolen haar handelsnaam of enig met woordmerk CMIB overeenstemmende handels- of domeinnaam, of teken te gebruiken voor incassodiensten.

IEFBE 2120

Vragen aan HvJ EU: Is opnemen bepaalde telefoondiensten op simkaart ongepaste beïnvloeding en agressieve handelspraktijk?

HvJ EU - CJUE 22 sep 2016, IEFBE 2120; (AGCM tegen Wind Telecomunicazioni; en tegen Vodafone Omnitel), http://www.ie-forum.be/artikelen/vragen-aan-hvj-eu-is-opnemen-bepaalde-telefoondiensten-op-simkaart-ongepaste-be-nvloeding-en-agressi

Prej. vragen aan HvJ EU 22 september 2016, IEFbe 2120; IT 2250; RB 2829; C-54/17 - 1 (AGCM tegen Wind Telecomunicazioni) en C-55/17 (AGCM tegen Vodafone Omnitel) Verzoeksters zijn telecombedrijven. Verweerster AGCM (ITA NMa) heeft een handelwijze van verzoeksters bestaande in de activering van diensten (het instellen van een internet- en voicemaildienst) op simkaarten voor mobiele telefoons zonder dat de consumenten van tevoren daarover waren geïnformeerd en zonder dat zij daarvoor toestemming hadden gegeven, zodat zij niet wisten dat hun eventueel kosten in rekening konden worden gebracht, bij besluit van 06-03-2012 als agressieve handelspraktijk aangemerkt en beboet. Verzoeksters zijn daartegen opgekomen bij de bestuursrechter Lazio wegens onbevoegdheid van verweerster. De Rb wijst het beroep 18-02-2013 toe. De bevoegdheid om niet-gevraagde levering van diensten te bestraffen zou uitsluitend aan AGCOM (de CommunicatieAut) toekomen. Verweerster gaat in beroep en stelt dat de Rb het specialiteitsbeginsel onjuist heeft uitgelegd. De zaak ligt nu voor bij de ITA RvS.

IEFBE 2119

Niet (volledig) gevolg gegeven aan toezegging Nationale Notariskluis niet te gebruiken

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 14 feb 2017, IEFBE 2119; (Nationale Notaris tegen Nationale Notariskluis), http://www.ie-forum.be/artikelen/niet-volledig-gevolg-gegeven-aan-toezegging-nationale-notariskluis-niet-te-gebruiken
Nationale Notaris(kluis)

Vzr. Rechtbank Amsterdam 14 februari 2017, IEF 16666; IEFbe 2119 (Nationale Notaris tegen Nationale Notariskluis) Merkenrecht. De door eiseres ingestelde eiswijziging is een eisvermindering en daarom hoeft de betreffende akte niet bij deurwaardersexplooit te zijn betekend. Eiseres toont een recente print van de website, waaruit blijkt dat gedaagde nog geen (volledig) gevolg heeft gegeven aan haar toezegging de naam Nationale Notariskluis niet meer te gebruiken. De voorzieningenrechter beveelt gebruik van (de) Nationale Notariskluis op straffe van een dwangsom. De onweersproken proceskostenvordering ex 1019h Rv is €8.323, wordt toegewezen.

IEFBE 2118

Geen spoedeisend belang vanwege staking gebruik KOYLU in Nederland

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 15 mrt 2017, IEFBE 2118; (Koylu Kip tegen Köylü Food BVBA), http://www.ie-forum.be/artikelen/geen-spoedeisend-belang-vanwege-staking-gebruik-koylu-in-nederland

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 15 maart 2017, IEF 16659; IEFbe 2118 (Koylu Kip tegen Köylü Food BVBA) Merkenrecht. Handelsnaam. Incident. De zaak is eerder aangehouden ex 30 EEX vanwege Belgische procedure ten gronde [IEFbe 2023]; in de hoofdzaak is dat nog het geval (parkeerrol van 4 oktober 2017) voor het nemen van akte. Het incident tot staking van het teken KÖYLÜ, KOYLU of overeenstemmend teken, wordt afgewezen. Verbod tot gebruik van het merk in Nederland heeft geen spoedeisend belang vanwege de niet-betwiste stelling dat KÖYLÜ in Nederland geen producten meer levert.

IEFBE 2117

In het teken zijn de letters O-T-A-Z-U zijn te ontwaren

8 mrt 2017, IEFBE 2117; ECLI:NL:RBAMS:2017:1259 (Otazu), http://www.ie-forum.be/artikelen/in-het-teken-zijn-de-letters-o-t-a-z-u-zijn-te-ontwaren
otazu

Rechtbank Amsterdam 8 maart 2017, IEF 16658; IEFbe 2117 ECLI:NL:RBAMS:2017:1259 (eiser tegen Otazu) Merkverval. Verbod teken. Mediarecht. Eiser is (indirect) bestuurder van Otazu geweest. Otazu is houder van OTAZU-woordmerken, voor sieraden. Na faillissement heeft de curator merkrechten verkocht. Eiser voert thans een teken op tassen, waarvan de aanvraag na oppositie is geweigerd vanwege verwarringsgevaar met de Otazu-merken. Het Benelux-woordmerk OTAZU is meer dan vijf jaar niet normaal gebruikt en is vervalrijp voor bepaalde onderdelen (horloges, schoenen, optische instrumenten, bril(accessoires) en beveelt de doorhaling. In reconventie wordt eiser verboden het teken te gebruiken, omdat daarin de letters O-T-A-Z-U zijn te ontwaren. Eiser dient zicht te onthouden van uitingen die de suggestie wekken dat gedaagden bij de maffia betrokken zijn of voortvluchtig of namaakproducten verkopen.

IEFBE 2116

Dessin ou modèle communautaire enregistré représentant une semelle de suceur d’aspirateur est déclaré nul

Gerecht EU - Tribunal UE 14 mrt 2017, IEFBE 2116; ECLI:EU:T:2017:161 (Wessel-Werk contre Wolf PVG), http://www.ie-forum.be/artikelen/dessin-ou-mod-le-communautaire-enregistr-repr-sentant-une-semelle-de-suceur-d-aspirateur-est-d-clar
semelles de suceur d’aspirateur

Tribunal UE 14 mars 2017, IEFbe 2116; ECLI:EU:T:2017:161; T-174/16 (Wessel-Werk contre Wolf PVG) Semelles de suceur d’aspirateur. Par décision du 18 février 2016, rectifiée par décision du 14 mars 2016 (ci-après la « décision attaquée »), la chambre de recours de l’EUIPO a accueilli le recours, annulé la décision de la division d’annulation et déclaré nul le dessin ou modèle contesté. Le recours est rejeté.

IEFBE 2115

HvJ EU: Artikel 5 InfoSocrichtlijn verzet zich tegen transmissie via gemeenschappelijke antenne-installatie met minder dan 500 verbonden deelnemers

16 mrt 2017, IEFBE 2115; ECLI:EU:C:2017:218 (AKM tegen Zürs.net), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-artikel-5-infosocrichtlijn-verzet-zich-tegen-transmissie-via-gemeenschappelijke-antenne-insta

HvJ EU 16 maart 2017, IEF 16656; IEFbe 2115; ECLI:EU:C:2017:218 (AKM tegen Zürs.net) Auteursrecht en naburige rechten in de informatiemaatschappij. Uitzending van televisieprogramma’s via een lokaal kabelnetwerk. Nationale regeling die voorziet in uitzonderingen voor installaties die de toegang voor maximaal 500 abonnees mogelijk maken en voor de doorgifte van publieke omroepuitzendingen op het nationale grondgebied. HvJ EU:

Artikel 3, lid 1 [InfoSocRl] en artikel 11 bis [BC] moeten aldus worden uitgelegd dat zij zich niet verzetten tegen een nationale wettelijke regeling als aan de orde in het hoofdgeding, op grond waarvan voor een gelijktijdige, volledige en onveranderde doorgifte van omroepuitzendingen van de nationale omroeporganisatie, door middel van kabels die op het nationale grondgebied liggen, geen toestemming van de auteur uit hoofde van het uitsluitende recht van mededeling aan het publiek hoeft te worden verkregen, voor zover deze doorgifte een louter technisch communicatiemiddel vormt en daarmee door de auteur van het werk rekening is gehouden bij de oorspronkelijke toestemming tot mededeling ervan, hetgeen de verwijzende rechter dient na te gaan;

Artikel 5 van richtlijn 2001/29, en in het bijzonder lid 3, onder o), ervan, moet aldus worden uitgelegd dat het zich verzet tegen een nationale wettelijke regeling als aan de orde in het hoofdgeding, op grond waarvan voor een omroepuitzending via een gemeenschappelijke antenne-installatie geen toestemming van de auteur uit hoofde van het uitsluitende recht van mededeling aan het publiek hoeft te worden verkregen, wanneer bij de installatie niet meer dan 500 abonnees zijn aangesloten, en dat deze wettelijke regeling bijgevolg moet worden toegepast in overeenstemming met artikel 3, lid 1, van deze richtlijn, hetgeen de verwijzende rechter dient na te gaan.

 

IEFBE 2114

HvJ EU over informatieverzoek voor openbare telefooninlichtingdiensten en -gidsen in andere lidstaat

15 mrt 2017, IEFBE 2114; ECLI:EU:C:2017:214 (Tele2 c.s. tegen ACM), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-over-informatieverzoek-voor-openbare-telefooninlichtingdiensten-en-gidsen-in-andere-lidstaat

HvJ EU 15 maart 2017, IT 2247; IEFbe 2114; ECLI:EU:C:2017:214; C-536/15 (Tele2 c.s. tegen ACM) Provider. Verwerking persoonsgegevens. Telefooninlichtingendiensten en telefoongidsen – Richtlijn 2002/58/EG – Artikel 12 – Abonneelijsten – Terbeschikkingstelling van persoonsgegevens van abonnees ten behoeve van het verstrekken van openbare telefooninlichtingendiensten en telefoongidsen – Toestemming van de abonnee – Onderscheid naargelang van de lidstaat waarin de openbare telefooninlichtingendienst en telefoongids worden verstrekt – Discriminatieverbod. Persbericht: De toestemming van een telefoonabonnee voor publicatie van zijn gegevens dekt tevens het gebruik van die gegevens in een andere lidstaat. Door het in grote mate geharmoniseerde regelgevingskader kan de naleving van de voorschriften op het gebied van de bescherming van persoonsgegevens van abonnees in de gehele Unie op dezelfde wijze worden gewaarborgd HvJ EU:

1) Artikel 25, lid 2 Universeledienstrichtlijn moet aldus worden uitgelegd dat onder het begrip „verzoeken” in dat artikel ook wordt begrepen het verzoek van een onderneming die is gevestigd in een andere lidstaat dan die waarin de ondernemingen zijn gevestigd die telefoonnummers aan abonnees toekennen, en die verzoekt om de relevante informatie waarover deze ondernemingen beschikken, ten behoeve van het verstrekken van openbare telefooninlichtingendiensten en telefoongidsen in deze lidstaat en/of in andere lidstaten.

 

IEFBE 2113

Normaal merkgebruik door lokale buurtsnackbar WENDY'S voor horeca

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 15 feb 2017, IEFBE 2113; (Quality is our Recipe LLC en Wendy’s), http://www.ie-forum.be/artikelen/normaal-merkgebruik-door-lokale-buurtsnackbar-wendy-s-voor-horeca
wendy's goes

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 15 februari 2017, IEF 16654; IEFbe 2113 (Quality is our Recipe LLC en Wendy’s) Merkenrecht. Vervallgenverklaring. QIOR maakt deel uit van een multinationaal snel-service hamburgerbedrijf en is franchisegever in en buiten de VS. Sinds 1988 exploiteert WENDY'S een snackbar, waarvoor een Beneluxwoordmerk is ingeschreven. QIOR vordert vervallenverklaring en doorhaling van Beneluxmerk WENDY'S vanwege niet-normaal gebruik. De vordering wordt afgewezen voor wat betreft klasse 43 voor horecadiensten. In Nederland bevinden zich circa 4.800 snackbars, waarvan ongeveer 3.600 buurtsnackbars met één lokale vestiging; het zijn geen 'formulespelers'. Deze kenmerken van de snackbarmarkt zijn van belang bij het vaststellen of de exploitatie van het merk reëel is. Een zekere geografisch spreiding is dus niet noodzakelijk noch van een kwantitatieve omvang. De naam staat op de gevel, de ramen, op het interieur, op verpakkingen, op kassabonnen, werkkleding en er is beperkt reclame gemaakt, maar dat wettigt niet het oordeel dat er geen sprake is van normaal merkgebruik in de betrokken sector. De vordering wordt toegewezen voor de klassen 39 en 30, snacks en snackproducten. De etenswaren zijn verbruiksgoederen die veelal snel en zonder grote opmerkzaamheid worden gekocht, in het algemeen voorgefabriceerde bevroren producten. Naast het standaard snackbarassortiment, verkoopt ze de WENDY'S Hamburger en Stick, maar dit wordt niet onderbouwd. Doorhaling ex 1.14 aanhef en onder b wordt bevolen.

IEFBE 2112

Vragen aan HvJ EU: Is plaatser 'vind ik leuk'-Facebookknop in code verantwoordelijk voor de verwerking?

HvJ EU - CJUE 19 jan 2017, IEFBE 2112; (Fashion ID tegen Verbraucherzentrale), http://www.ie-forum.be/artikelen/vragen-aan-hvj-eu-is-plaatser-vind-ik-leuk-facebookknop-in-code-verantwoordelijk-voor-de-verwerking

Prejudiciële vragen gesteld aan HvJ EU 19 januari 2017, IT 2245; IEFbe 2112; IEF C-40/17 (Fashion ID tegen Verbraucherzentrale NRW) Bescherming persoonsgegevens; plaatsing cookies. Verzoekster is een online bedrijf in modeartikelen. Verweerster de DUI ‘Consumentenbond’. Facebook intervenieert in de zaak aan de zijde van verzoekster. Het gaat om de plaatsing van een ‘vind ik leuk’ knop (plug-in) op verzoeksters website. Verweerster is een zaak begonnen om van verzoekster te vorderen dat zij zich van het gebruik van de knop onthoudt zolang zij niet aan (vier genoemde) voorwaarden voldoet. Het gaat om gegevensverzameling waarvoor verzoekster toestemming aan de bezoekers van de site zou moeten vragen. De rechter in eerste aanleg wijst de vordering gedeeltelijk toe, maar wijst het door verweerster onder punt 4 gevorderde af (luidende: ‘Wanneer u gebruiker van een sociaal netwerk bent en niet wenst dat het sociale netwerk via onze website gegevens over u verzamelt en koppelt aan de bij dit netwerk opgeslagen gebruikersgegevens, dient u zich vóór het bezoek aan onze website uit te loggen van het sociale netwerk.’

IEFBE 2111

Vragen aan HvJ EU over verzamelen en verwerken persoonsgegevens door geloofsgemeenschap Jehovah's getuigen

HvJ EU - CJUE 22 dec 2016, IEFBE 2111; (Jehovah's getuigen), http://www.ie-forum.be/artikelen/vragen-aan-hvj-eu-over-verzamelen-en-verwerken-persoonsgegevens-door-geloofsgemeenschap-jehovah-s-ge

Prejudiciële vragen gesteld aan HvJ EU 22 december 2016, IT 2244; IEFbe 2111; C-25/17 (Jehovah's getuigen) Verzamelen persoonsgegevens in kader geloofsverkondiging. De wervingspraktijk van de geloofsgemeenschap Jehovah’s getuigen is naar ik aanneem algemeen bekend. Het gaat in deze zaak om de bescherming van persoonsgegevens. De (natuurlijke) personen die langs de deuren gaan noteren zaken over de bezochte adressen op notitieblaadjes, memoblaadjes en dergelijke, met name als geheugensteuntje voor een volgend bezoek. In het informatieblad ‘Onze koninkrijksdienst’ van november 2011 stond een artikel was een opsomming opgenomen welke gegevens de leden over de bezochte adressen zouden kunnen noteren (zoals gezinssamenstelling, geloof en dergelijke). Deze passage is één maal kort behandeld in een ledenbijeenkomst. Daarna volgde in juli 2012 een artikel over het bereiken van ‘anderstaligen’. Wanneer een lid stuit op een niet-Fins sprekende burger wordt hem geadviseerd de gegevens door te geven aan de dienstopziener zodat er iemand gevonden kan worden die de betreffende taal spreekt. Hiervan wordt een lijst bijgehouden. Ook bestaat er een lijst van personen die niet meer benaderd wensen te worden (de ‘verbodslijst’). De toezichthouder gegevensbescherming (verweerder) bepaalt dat het verwerken van dit soort gegevens onder de wet persoonsgegevens valt.

IEFBE 2110

Hof van Cassatie: 'verwatering' en 'inburgering' bestaan niet in het auteursrecht

Hof van Cassatie - Cour de Cassation 17 feb 2017, IEFBE 2110; (Cassegrain (Longchamp) tegen Calem), http://www.ie-forum.be/artikelen/hof-van-cassatie-verwatering-en-inburgering-bestaan-niet-in-het-auteursrecht

Hof van Cassatie 17 februari 2017, IEFbe 21110 (Cassegrain (Longchamp) tegen Calem) Auteursrecht. Eerder de Voorz. Rb KH Gent en Hof van Beroep Gent [IEFbe 1066]. Verwerping van het cassatieberoep. Oorspronkelijkheid moet slechts worden onderzocht indien er een werk van letterkunde of kunst voorhanden is. Eens toegekend of erkend, blijft een auteursrecht voortbestaan. Beginselen zoals verwatering en inburgering bestaan niet in het auteursrecht. Uit het arrest:

3. Hieruit volgt dat de rechter de vraag naar de oorspronkelijkheid slechts moet onderzoeken indien een werk van letterkunde of kunst voorhanden is, dat uitdrukking vindt in een welbepaalde, concrete vormgeving en derhalve voorwerp kan zijn van de bescherming onder voormeld artikel 1, § 1, eerste lid, Auteurswet 1994.

IEFBE 2109

Prejudiciële vragen over 'indirect commercieel gebruik voor geografisch aangeduide producten'

HvJ EU - CJUE 19 jan 2017, IEFBE 2109; (Glen Buchenbach), http://www.ie-forum.be/artikelen/prejudici-le-vragen-over-indirect-commercieel-gebruik-voor-geografisch-aangeduide-producten
glen buchenbach

Prejudiciële vragen gesteld aan HvJ EU 19 januari 2017, IEF 16643; IEFbe 2109; C-44/17 (Glen Buchenbach) Etikettering; bescherming geografische oorsprong; ‘indirect gebruik’. Verzoekster is een naar Schots recht opgerichte organisatie van de Schotse whiskyindustrie ter bescherming van de handel in Schotse whisky, zowel in Schotland als in het buitenland. Zij is een zaak begonnen tegen verweerder vanwege het gebruik van de aanduiding ‘Glen Buchenbach’ voor whisky die geen Scotch whisky is. Glen Buchenbach wordt door de Waldhornbrennerei in Berglen/DUI vervaardigd. Op het etiket van de door verweerder in de handel gebrachte flessen wordt vermeld dat de whisky gefabriceerd is in ‘Waldhornbrennerei Glen Buchenbach’. Verzoekster eist staking van de productie. Het woord ‘glen’ betekent ‘smalle vallei’ in Gaelisch. Ongeveer een kwart van de distilleerderijen van Schotse whisky is genoemd naar de glen waarin zij liggen.

IEFBE 2108

HvJ EU: voor persoonsgegevens in het vennootschapsregister geen recht om vergeten te worden

HvJ EU - CJUE 9 mrt 2017, IEFBE 2108; ECLI:EU:C:2017:197 (Manni), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-voor-persoonsgegevens-in-het-vennootschapsregister-geen-recht-om-vergeten-te-worden

HvJ EU 9 maart 2017, IT 2243; IEFbe 2108; C-398/15; ECLI:EU:C:2017:197 (Camera di Commercio, Industria, Artigianato e Agricoltura di Lecce tegen Salvatore Manni) Handelsregister. Privacy. Uit het persbericht: De lidstaten kunnen echter, na verloop van een voldoende lange termijn na de ontbinding van de betrokken vennootschap, in uitzonderlijke gevallen de toegang van derden tot die gegevens beperken. HvJ EU:

Artikel 6, lid 1, onder e), artikel 12, onder b), en artikel 14, eerste alinea, onder a), [richtlijn 95/46/EG], gelezen in samenhang met artikel 3 van de [Eerste richtlijn (68/151/EEG)], moeten aldus worden uitgelegd dat het bij de huidige stand van het Unierecht aan de lidstaten is om te bepalen of natuurlijke personen als bedoeld in artikel 2, lid 1, onder d) en j), van richtlijn 68/151 de met het houden van het centraal register, handelsregister of vennootschapsregister belaste autoriteit mogen verzoeken om op basis van een beoordeling per geval na te gaan of het, om zwaarwegende en gerechtvaardigde redenen die verband houden met hun bijzondere situatie, bij wijze van uitzondering gerechtvaardigd is om, na verloop van een voldoende lange termijn na de ontbinding van de betrokken vennootschap, de toegang tot in dat register over hen opgenomen persoonsgegevens te beperken tot derden die een aantoonbaar belang hebben bij inzage in die gegevens.

IEFBE 2107

HvJ EU: Royalties en licentierechten niet opnemen in douanewaarde

HvJ EU - CJUE 9 mrt 2017, IEFBE 2107; ECLI:EU:C:2017:195 (GE Healthcare tegen Hauptzollamt Düsseldorf), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-royalties-en-licentierechten-niet-opnemen-in-douanewaarde

HvJ EU 9 maart 2017, IEF 16642; LS&R 1434; IEFbe 2107; C-173/15; ECLI:EU:C:2017:195 (GE Healthcare tegen Hauptzollamt Düsseldorf) Royalties en licentierechten moeten niet worden opgenomen in de douanewaarde als niet vaststaat dat licentierechten voor merken verschuldigd zijn. HvJ EU:

1)      Artikel 32, lid 1, onder c) [DouaneVo] moet aldus worden uitgelegd dat dit artikel enerzijds niet verlangt dat het bedrag van de royalty’s of de licentierechten wordt vastgesteld op het tijdstip waarop de licentieovereenkomst wordt gesloten dan wel op het tijdstip waarop de douaneschuld ontstaat, teneinde deze royalty’s of licentierechten te kunnen aanmerken als betrekking hebbende op de goederen waarvan de waarde moet worden bepaald, en dat het anderzijds toestaat dat deze royalty’s of deze licentierechten worden geacht „betrekking [te hebben op] [...] de goederen waarvan de waarde dient te worden bepaald”, ook al houden die royalty’s of die licentierechten slechts gedeeltelijk verband met die goederen.

 

IEFBE 2106

ALAI Resolution on the value gap

ALAI Resolution on the European proposals for a Directive on Copyright in the Digital Single Market of 14 September 2016 to introduce fairer sharing of the value when works and other protected material are made available by electronic means, (adopted on 18. February 2017 during the meeting of the Executive Committee of ALAI in Paris)
ALAI considers however:
- that the proposed construction would be stronger and more effective if the solutions put forward in recital 38 were enshrined in an Article of the future directive;
- that certain translations of recital 38 (particularly the French and German versions) would gain from being redrafted in that they are likely to mislead readers concerning the place of the right of communication to the public.

IEFBE 2105

De l'enregistrement du nom de domaine artbrussels.com abusivement

10 jun 2016, IEFBE 2105; (artbrussels.com), http://www.ie-forum.be/artikelen/de-l-enregistrement-du-nom-de-domaine-artbrussels-com-abusivement
artbrussels

Cour d'appel Bruxelles 10 juin 2016, IEFbe 2105 (artbrussels.com) Marques. Action en cessation. Nom de domaine. Artexis a comme activité l'organisation de salons et de foires d'art grand public, dont la célèbre foir d'art contemporain <ART BRUSSELS>, qu'elle a organisée cette année pour la trentième année consécutive. Galeria Sztuki avait procédé abusivement à l'enregistrement du nom de domaine artbrussels.com. Le premier juge constater une atteinte aux droits exclusifs sur les marques d'ARTEXIS (2.20.1.d CBPI); L'utilisation du logo sur le site constitue un usage illicite des marques et également un acte contraire aux usages honnêtes en matière commerciale au sens de l'article 95. La cour décide que l'action mue par l'intimée est intégralement fondée et que le jugement entrepris doit être confirmé en tous points de ces constatations et de ces injonctions de cessation.