IEFBE 2277

Verhaalbaarheid van advocatenkosten in IE-geschillen: artikel 1022 Ger.W. is dood, leve artikel 747 ‘bis’ Ger.W.

, IEFBE 2277; http://www.ie-forum.be/artikelen/verhaalbaarheid-van-advocatenkosten-in-ie-geschillen-artikel-1022-ger-w-is-dood-leve-artikel-747-bis

In het Gerechtelijk Wetboek is daar echter geen regeling toe voorzien, maar niets belet de voorzitter om daartoe een reglement uit te vaardigen.

De verhaalbaarheid van kosten voor technische deskundigen en advocaten vormt in België al geruime tijd het onderwerp van discussie in geschillen over de handhaving van intellectuele eigendomsrechten. Algemeen werd aangenomen dat deze discussie zou worden beslecht wanneer het hof van beroep te Antwerpen [IEFbe 2161] zich in de United Video Properties/Telenet-zaak [IEFbe 1884] zou uitspreken over de concrete toepassing van het arrest dat het Hof van Justitie van de Europese Unie op 28 juli 2016 had geveld in deze zaak. Echter, in het arrest van 8 mei 2017 lijkt het hof van  beroep op veilig gespeeld te hebben door zich te verschuilen achter het “non contra legem”-principe. Belgische rechters zouden gebonden zijn door de beperkingen opgelegd door de Belgische wetgever in het bestaande rechtsplegingsvergoedingssysteem.

In een in IRDI 2017/1 gepubliceerde noot onder dit arrest, tracht ik de lezer te overtuigen van het tegendeel. Eens de “non contra legem”-horde is genomen, stelt zich uiteraard de vraag hoe de Belgische rechter het vergoedingsprincipe uit artikel 14 van de Handhavingsrichtlijn concreet moet toepassen. Naar mijn mening moeten (disproportionele) discussies over de toekenning van advocatenkosten (het fameuze “proces in het proces”) absoluut vermeden worden. Vandaar mijn voorstel om partijen bij de start van het geding (en niet zoals nu het geval is pas na het geding) standpunt te laten innemen over de te verwachten advocatenkosten.

IEFBE 2271

Inbreuk door gebruik handelsnaam 'Great Weddings' omdat deze nooit is overgedragen

Rechtbanken van Koophandel - Tribunaux de commerce 27 mei 2016, IEFBE 2271; (Great Weddings), http://www.ie-forum.be/artikelen/inbreuk-door-gebruik-handelsnaam-great-weddings-omdat-deze-nooit-is-overgedragen

Vzr. Rechtbank van Koophandel Antwerpen 27 mei 2016, IEFbe 2271 (Great Weddings) Handelsnaamrecht. Domeinnaamrecht. SUC6 is een evenementenbureau en heeft in het kader van de organisatie van trouwfeesten een nieuw concept bedacht: 'Great Weddings'. Voor de uitwerking hiervan werd beroep gedaan op de diensten van X. SUC6 stelt dat X op den duur in eigen naam trouwfeesten is gaan organiseren met het concept 'Great Weddings'. SUC6 heeft daarop de samenwerking beëindigd. X stelt dat zij autuersrechthebbende is op het concept 'Great Weddings' nu het door haar is bedacht en ontwikkeld en zij het logo en de website heeft laten ontwerpen. X stelt dat SUC6 inbreuk maakt op haar handelsnaamrechten en vordert overdracht van de website greatweddings.be. De rechter stelt vast dat X door het hanteren van de handelsnaam 'Great Weddings' inbreuk pleegt en veroordeelt haar tot staking van het gebruik hiervan omdat er nooit een overdracht van de handelsnaam heeft plaatsgevonden van de eerste gebruiker (SUC6) aan X. 

IEFBE 2269

Gebruik van het woord 'tandplan' voor verzekering maakt inbreuk op handelsnaam 'TandPlan'

Rechtbanken van Koophandel - Tribunaux de commerce 25 mei 2016, IEFBE 2269; (Tandplan tegen SOHO), http://www.ie-forum.be/artikelen/gebruik-van-het-woord-tandplan-voor-verzekering-maakt-inbreuk-op-handelsnaam-tandplan

Rechtbank van Koophandel Brussel 25 mei 2016, IEFbe 2269 (Tandplan tegen SOHO) Handelsnaamrecht. Domeinnaamrecht. Tandplan heeft als doen de uitbating van een tandheelkundige inrichting, tandverzorging, prothese, radiografie, orthodontie, kleine mondheelkundige ingrepen. Ze hebben als domeinnaam www.tandplan.be. Eiser voert aan dat verweerder onrechtmatig gebruik maakt van 'Tandplan' als benaming voor een nieuwe tandverzekering en in de domeinnaam www.mijntandplan.be. De rechter stelt dat het gebruik van 'Tandplan' een inbreuk maakt op de rechten van eiser en op de handelsnaam 'TandPlan' en beveelt de staking van dit inbreukmakend gebruik in Vlaanderen.

IEFBE 2268

Gebruik andermans merk in domeinnaam mag, indien herkomst-, reclame- en investeringsfunctie niet worden aangetast

Rechtbanken van Koophandel - Tribunaux de commerce 25 mei 2016, IEFBE 2268; ( Hugyfot), http://www.ie-forum.be/artikelen/gebruik-andermans-merk-in-domeinnaam-mag-indien-herkomst-reclame-en-investeringsfunctie-niet-worden

Rechtbank van Koophandel Brussel 25 mei 2016, IEF 16984, IEFbe 2268 (Hugyfot) Merkenrecht. Eisers zijn de mede-merkhouders van het woordmerk 'Hugyfot' en het beeldmerk 'HUGY fot 1953'. Verweerder drijft handel onder de naam 'Hydronalin' waarbij hij een webwinkel uitbaat onder de domeinnaam www.hydronalin.eu. Volgens eisers maakt verweerder hierbij op onrechtmatige wijze gebruik van de Gemeenschapsmerken doordat verweerder bovengenoemde identieke tekens gebruikt op zijn website voor doeleinden van promotie en doorverkoop van 'Hugyfot'-producten en omdat verweerder de domeinnaam www.hugyfot.de heeft geregistreerd en deze laat doorzetten naar zijn eigen website. Verweerder wekt niet de indruk dat er een commerciële band bestaat, waardoor promotie van 'Hugyfot'-producten is toegestaan. Daarnaast verduidelijken eisers allerminst hoe verweerder de herkomst-, reclame- en investeringsfunctie aantast door de domeinnaam door te zetten naar de eigen website. Ook dit deel van de vordering is ongegrond.

IEFBE 2267

Derdenverzet moet worden ingediend bij dezelfde instantie als diegene die de bestreden beslissing gewezen heeft

Rechtbanken van Koophandel - Tribunaux de commerce 24 mei 2016, IEFBE 2267; (Sandoz tegen Mundipharma), http://www.ie-forum.be/artikelen/derdenverzet-moet-worden-ingediend-bij-dezelfde-instantie-als-diegene-die-de-bestreden-beslissing-ge

Rechtbank van Koophandel Brussel 24 mei 2016, IEFbe 2267 (Sandoz tegen Mundipharma) Derdenverzet. Procesrecht. De vordering van Sandoz strekt ertoe het derdenverzet tegen een eerdere beschikking van de Franstalige rechtbank van koophandel Brussel ontvankelijk, toelaatbaar en gegrond te verklaren. De Nederlandstalige en Franstalige rechtbank van koophandel zijn sinds 2014 afzonderlijke instanties. Omdat men in derdenverzet moet dagvaarden voor dezelfde instantie als diegene die de bestreden beslissing heeft gewezen, hadden eisers hun vordering moeten inleiden voor de Franstalige rechtbank van koophandel Brussel. De huidige vordering is daarom niet toelaatbaar.

IEFBE 2274

Kledingstukken van Nill's Fashion maken inbreuk op model- en auteursrecht Sadlers & Sadlers

Hoven van Beroep - Cours d'Appel 21 jun 2016, IEFBE 2274; ( Sadlers & Sadlers tegen Nill's Fashion), http://www.ie-forum.be/artikelen/kledingstukken-van-nill-s-fashion-maken-inbreuk-op-model-en-auteursrecht-sadlers-sadlers

Hof van beroep Brussel 21 juni 2016, IEF 16988; IEFbe 2274 (Sadlers & Sadlers tegen Nill's Fashion) Modelrecht. Auteursrecht. Sadlers is houder van het Uniemerk Sarah Pacini voor kledingstukken, schoenen en hoofddeksels. Sadlers stelt dat Nill's Fashion in haar showroom kleding verkocht onder het teken 'Nill's Fashion' die identiek was aan sommige modellen uit haar eigen collectie. Het hof stelt dat de jurk en trui van Sadlers modelrechtelijk beschermd zijn. De jurk en trui van Nill's zijn (vrijwel) identiek aan die van Sadlers en plegen inbreuk op de modelrechten van Sadlers. Ook is sprake van auteursrecht van Sadlers op de jurk en trui. Door deze kledingstukken identiek na te maken pleegt Nill's eveneens inbreuk op Sadlers' auteursrechten.

IEFBE 2263

Facebook-benaming 'Iphoneherstelbrugge' pleegt inbreuk op handelsnaam 'Iphone Hersteldienst Brugge'

Hoven van Beroep - Cours d'Appel 23 mei 2016, IEFBE 2263; (Iphoneherstelbrugge), http://www.ie-forum.be/artikelen/facebook-benaming-iphoneherstelbrugge-pleegt-inbreuk-op-handelsnaam-iphone-hersteldienst-brugge

Hof van beroep Gent 23 mei 2016, IEFbe 2263 (Iphoneherstelbrugge) Handelsnaamrecht. W herstelt smartphones en drijft handel onder de naam 'Audioscope'. Hij is bereikbaar onder de URL www.facebook.com/iphoneherstelbrugge. T heeft dezelfde activiteit, in dezelfde regio. Hij drijft handel onder de naam 'Iphone Hersteldienst Brugge' met als URL www.facebook.com/iphoneherstelservicebrugge. T is van oordeel dat de naam van de Facebookpagina van W verwarring creëert bij zijn (potentiële) klanten. Hij vordert verbod op te leggen om verder gebruik te maken van de benaming 'Iphone Herstel Brugge'. De eerste rechter stelde vast dat W inbreuk pleegde door deze benaming te gebruiken. W gaat in hoger beroep. Hof stelt dat een handelsnaam niet origineel hoeft te zijn. De benaming 'Iphone Hersteldienst Brugge' onderscheidt in de regio Brugge de onderneming van T van andere ondernemingen. Zowel de aanduiding 'Iphoneherstelbrugge' op zichzelf, als i.c.m. 'Audioscope' en 'Smartrepair' creëert verwarring met 'Iphone Hersteldienst Brugge'.

IEFBE 2262

Des lors que la combinaison 'the dog nanny' est dépourvue de caractère distinctif, Y ne porte pas atteinte à une fonction distinctive lorsqu'elle utilise les combinaisons incriminées comme mots clés sur internet

Hoven van Beroep - Cours d'Appel 13 mei 2016, IEFBE 2262; (Dog Nanny), http://www.ie-forum.be/artikelen/des-lors-que-la-combinaison-the-dog-nanny-est-d-pourvue-de-caract-re-distinctif-y-ne-porte-pas-attei

Cour d'appel Bruxelles 13 mai 2016, IEFbe 2262 & Tribunal de Commerce Bruxelles 28 janvier 2015 (Dog Nanny) Droit des marques. X exerce une activité consistant notamment à promener les chiens et à prendre soin des chats de ses clients en région bruxelloise et en périphérie sous la dénomination commercial 'The Dog Nanny'. Elle est titulaire de la marque figurative Benelux 'The Dog Nanny'. Ces services sont présentés par le biais du site internet http://thedognanny.be. Y exerce les mêmes activités sous le nom commercial 'dog walking and cat sitting' dans la même région. Elle a créé deux sites internet: http://www.dogwalking-catsitting.be et http://www.dogwalking-catsitting.com. Y constate que X a inséré les termes 'dog walking & cat sitting' en lettres capitales sur la page d'accueil de son site internet ainsi qu'en titre de chacune des pages de son site. Le conseil de X met en demeure Y de cesser tout acte de parasitisme, de retirer les termes 'dog nanny' dans le titre des pages de ses sites internet. Le jugement entrepris déclare les demandes principale et reconventionnelle recevables mais non fondées et condamne les parties à supporter leurs propres dépens. X soutient qu'en utilisant a plusieurs endroits de ses sites internet des expressions composées du terme 'nanny', Y porte atteinte a sa marque et a sons nom commercial en créant la confusion avec les services qu'elle preste sous sa marque et son nom commercial 'The Dog Nanny' et pose des actes contraires aux pratiques honnêtes du marché en tirant indument profit de sa réputation et en tentant de s'approprier les consommateurs qui sont la recherche de ses services. Y soutient que l'utilisation par X sur la page d'accueil et l'ensemble des pages de son site internet des termes 'Dog Walking & Cat Sitting', qui correspondent exactement a son nom commercial. La cour reçoit les appels principal et incident, mais les dit non fondés.

IEFBE 2261

La Sabam n'a pas commis de faute en refusant de recevoir le paiement de l'appelante assorti d'une demande de cantonnement

Hoven van Beroep - Cours d'Appel 10 mei 2016, IEFBE 2261; (Belgium Television contre Sabam), http://www.ie-forum.be/artikelen/la-sabam-n-a-pas-commis-de-faute-en-refusant-de-recevoir-le-paiement-de-l-appelante-assorti-d-une-de

Cour d'appel Bruxelles 10 mai 2016, IEFbe 2261 (Belgium Television contre Sabam) Droit d'auteurs. Il sera brièvement rappelé que le litige a trait à deux oppositions à des commandements de payer dont le premier juge a été saisi par l'actuelle appelante, ainsi qu'à une demande de cantonnement de redevances. Le paiement d'arriérés de redevances de droits d'auteur, soit 1.129.393,91€, avait été réclamé par la Sabam par courrier entre avocats. L'appelante a mis en cause, devant la présente cour, la responsabilité professionnelle de l'huissier Gielen et elle faisait grief à la Sabam d'avoir spéculé sur la débitions des astreintes. L'appelante leur réclamait des dommages et intérêts. En l'espèce, la cour relève que l'appelante n'a pas pu légitimement croire, qu'elle avait exécuté la demande faite par la Sabam de lui payer la somme de 1.129.654,11€. La cour se doit de relever que l'appelante manque manifestement de bonne foi en persistant a soutenir cette thèse de la croyance légitime en un paiement libératoire. La Sabam n'a pas commis de faute en refusant de recevoir le paiement de l'appelante assorti d'une demande de cantonnement. Elle s'est comportée avec professionnalisme, comme toute personne morale spécialisée dans la perception et le recouvrement de redevances de droits d'auteur. La Sabam n'a pas non plus développé d'argumentation fallacieuse.

Important: §2.2

IEFBE 2270

Flamma gel maakt inbreuk op het Uniemerk Flamigel

Rechtbanken van Koophandel - Tribunaux de commerce 27 mei 2016, IEFBE 2270; ( Flamigel), http://www.ie-forum.be/artikelen/flamma-gel-maakt-inbreuk-op-het-uniemerk-flamigel

Rechtbank van Koophandel Brussel 27 mei 2016, IEF 16985; IEFbe 2270 (Flamigel) Merkenrecht. Eiser deponeerde het teken 'FLAMIGEL' als Uniemerk. Flamigel wordt gebruikt voor gels voor wondbehandeling. Verweerder heeft het merk 'FLAMMA GEL' gedeponeerd en verkregen, tevens voor de behandeling van wonden. Er is sprake van dezelfde waren en diensten, overeenstemming van het merk en het teken en verwarringsgevaar. Verweerder pleegt inbreuk op het Uniemerk 'Flamigel' door gebruik van 'Flamma gel'.

IEFBE 2260

Assist at Home heeft vennootschapsnaam Ad Domus Dienstencheques rechtmatig gebruikt

Hoven van Beroep - Cours d'Appel 2 mei 2016, IEFBE 2260; (Ad Domus tegen Assist at Home), http://www.ie-forum.be/artikelen/assist-at-home-heeft-vennootschapsnaam-ad-domus-dienstencheques-rechtmatig-gebruikt

Hof van beroep Gent 2 mei 2016, IEFbe 2260 (Ad Domus tegen Assist at Home) Handelsnaamrecht. Ad Domus heeft alle aandelen van de BVBA Ad Domus Dienstencheques in volle eigendom overgedragen aan Assist at Home. Op de datum van aandelenoverdracht verbond Ad Domus zich ertoe een dienstverleningsovereenkomst af te sluiten met Ad Domus Dienstencheques, inclusief niet-concurrentiebeding en geheimhoudingsverplichting. Assist at Home besloot tot fusie van haar vennootschap met Ad Domus Dienstencheques, waarbij deze laatste uit het handelsverkeer verdween. De vraag is of door geïntimeerde bij het relevante publiek verwarring wordt gesticht door de naam 'Ad Domus Dienstencheques' in haar publiciteit te voeren. Geïntimeerde betwist dit, stellende dat zij niets anders doet dan een geoorloofd gebruik van haar eigen handelsnaam/logo als rechtsopvolger van Ad Domus Dienstencheques. Na de overname bleef Ad Domus Dienstencheques verder werken onder diezelfde naam tot aan de fusie. Er is niks onrechtmatigs aan het feit dat geïntimeerde hierna haar eigen voormalige handelsnaam vermeldde in haar communicatie. Bij het melden van de verdwijning heeft geïntimeerde deze volledige naam gebruikt en zich niet beperkt tot 'Ad Domus (Diensten)' en heeft daarom rechtmatig gebruik gemaakt van de naam en het logo Ad Domus Dienstencheques.

IEFBE 2258

Vorderingen auteursrechtinbreuk ongegrond nu Keyware onvoldoende bewijst dat zij (enig) auteursrechthebbende is

Hoven van Beroep - Cours d'Appel 19 apr 2016, IEFBE 2258; (Keyware tegen Kinepolis), http://www.ie-forum.be/artikelen/vorderingen-auteursrechtinbreuk-ongegrond-nu-keyware-onvoldoende-bewijst-dat-zij-enig-auteursrechthe

Hof van beroep Brussel 19 april 2016, IEFbe 2258 (Keyware tegen Kinepolis) Auteursrecht. Tussen Keyware en Kinepolis is een overeenkomst gesloten waarin een samenwerkingsstructuur werd beoogd op te zetten met o.a. het doel: de gemeenschappelijke ontwikkeling van een softwaretoepassing (internationaal polyvalent ticketeringsplatform, IPT). Keyware claimt auteursrechten op twee softwareprogramma's: Liga Beroepsvoetbal en Meg@tix. Keyware heeft onvoldoende bewijs geleverd dat zij titularis is van de auteursrechten op Liga Beroepsvoetbal, de vordering tot inbreuk is dus ongegrond. Kinepolis en Keyware werden in de overeenkomst aangeduid als 'gezamenlijke auteurs' van Meg@tix. Keyware heeft onvoldoende aangetoond dat zij enig titularis was, zodat zij ten onrechte aanvoert dat Kinepolis zich schuldig maakt aan namaak of inbreuk op de auteursrechten op de software. Ook deze vordering is ongegrond.

Leestip: r.o. 13 t/m 15.

IEFBE 2266

Monica Leenders - Kan Louboutin alsnog merkenrechtelijke bescherming onder de zolen van haar schoenen schrijven?

De Haagse rechtbank, de Brusselse rechter en de Conclusie AG bij het HvJ EU. Haagse rechtbank: rode zoolmerk geldig [IEF 12573]. In 2013 heeft de Haagse rechter uitspraak gedaan over de vraag of Van Haren inbreuk maakt op het ‘rode zoolmerk’ van Louboutin [Boels Zanders]. De rechter oordeelde destijds in kort geding dat het zoolmerk geschikt is om als merk te dienen en onderscheidend vermogen heeft gekregen. Nadat deze hobbels waren genomen, lag het verbod voor toewijzing gereed. De rechter oordeelde dat Van Haren inbreuk maakte op het rode zoolmerk van Louboutin en deze inbreuk direct diende te staken.

Deze uitspraak was opzienbarend aangezien hierdoor de toepassing van het merkenrecht wordt opgerekt. Opmerkelijk aan deze uitspraak was dat doorgaans strenge eisen worden gesteld aan een kleurmerk, terwijl het zoolmerk de test gemakkelijker lijkt te doorstaan ook al heeft het veel weg van een kleurmerk. De rechter oordeelde dat het merk wel in rechte kan worden ingeroepen, met name omdat het merk inmiddels was ingeburgerd. Daardoor heeft het merk onderscheidend vermogen gekregen. Van inburgering kan sprake zijn wanneer het publiek de rode zool herkent en de link legt met Louboutin.

IEFBE 2255

N'était pas davantage de nature à susciter des faits d'utilisation du procédé objet des brevets de la part des soumissionnaires puisque l'ouverture des offres étant fixée au 29 janvier 1999, toute violation des brevets de la SA Franki était dès lors exclu

Hoven van Beroep - Cours d'Appel 4 feb 2016, IEFBE 2255; (Franki Construct contre Infrabel), http://www.ie-forum.be/artikelen/n-tait-pas-davantage-de-nature-susciter-des-faits-d-utilisation-du-proc-d-objet-des-brevets-de-la-pa

Cour d'appel Bruxelles 4 février 2016, IEFbe 2255 (Franki Construct contre Infrabel) Droit des brevets. Comparez avec [IEFbe 1956]. La SA Franki fait grief à lnfrabel d'avoir contrefait ses brevets par le fait d'avoir utilisé ou offert d'utiliser des procédés et techniques faisant l'objet des trois brevets dont elle était titulaire et qui étaient encore en cours de validité. Elle se prévaut à cet égard de l'article 27 § 1 b) de la loi du 28 mars 1984 sur les brevets d'invention (ou LBI) aux termes duquel le titulaire d'un brevet peut s'opposer à «l'utilisation d'un procédé objet du brevet ou, lorsque le tiers sait ou lorsque les circonstances rendent évident que l'utilisation du procédé est interdite sans le consentement du titulaire du brevet, l'offre de son utilisation sur le territoire belge». Il a déjà été indiqué que la rédaction des plans et du cahier des charges ne constituait pas un usage des procédés brevetés. Il n'apparait par ailleurs d'aucun élément du dossier qu'lnfrabel aurait d'une quelconque façon retardé son appel d'offres en vue d'éviter la protection des procédés brevetés par la SA Franki. Elle n'était pas davantage de nature à susciter des faits d'utilisation du procédé objet des brevets de la part des soumissionnaires puisque l'ouverture des offres étant fixée au 29 janvier 1999, toute violation des brevets de la SA Franki était dès lors exclue. Ces moyens ne peuvent être retenus.

IEFBE 2265

Teken hoofdletter D van Sprinter is verwarringwekkend t.o.v. beeldmerk Diesel

Gerecht EU - Tribunal UE 20 jul 2017, IEFBE 2265; ECLI:EU:T:2017:536 (Diesel tegen EUIPO), http://www.ie-forum.be/artikelen/teken-hoofdletter-d-van-sprinter-is-verwarringwekkend-t-o-v-beeldmerk-diesel

Het Gerecht EU 20 juli 2017, IEF 16979; IEFbe 2265; T-521/15; ECLI:EU:T:2017:536 (Diesel tegen EUIPO) Merkenrecht. Oppositie. Sprinter heeft een merkaanvraag ingediend voor een beeldteken, bestaande uit een hoofdletter D. Diesel heeft oppositie ingesteld. Dit werd afgewezen, waarop hoger beroep is ingesteld door Diesel. Het Gerecht stelt dat sprake is van soortgelijke tekens en verwarringsgevaar. De uitspraak van EUIPO moet worden vernietigd.

IEFBE 2264

Rechthoek met drie strepen in de kleuren geel, oranje en blauw is niet onderscheidend voor beeldmerk

Gerecht EU - Tribunal UE 20 jul 2017, IEFBE 2264; ECLI:EU:T:2017:537 (Basic Net tegen EUIPO), http://www.ie-forum.be/artikelen/rechthoek-met-drie-strepen-in-de-kleuren-geel-oranje-en-blauw-is-niet-onderscheidend-voor-beeldmerk

Gerecht EU 20 juli 2017, IEF 16978; IEFbe 2264; ECLI:EU:T:2017:537; T‑612/15 (Basic Net tegen EUIPO) Merkenrecht. Beelteken. Basic Net heeft een merkaanvraag ingediend op een beeldteken van drie verticale strepen (geel-oranje-blauw). Dit werd afgewezen op grond van het gebrek aan onderscheidend vermogen. Basic Net heeft tevergeefs beroep ingesteld bij het EUIPO. Volgens vaste jurisprudentie is het niet waarschijnlijk dat een consument een eenvoudig geometrisch figuur zal herinneren, tenzij er onderscheidend vermogen is verkregen door gebruik. Zo ook hier niet. De drie kleuren zijn niet uniek voor het wekken van bepaalde gedachteassociaties of het genereren van gevoelens, waardoor ze niet in staat zijn om nauwkeurige informatie over te brengen. Daarnaast zijn dit veelgebruikte kleuren in reclame en marketing voor de aantrekkelijkheid van producten en diensten. Ook de kleuren hebben dus geen onderscheidend vermogen. Het Gerecht EU wijst het hoger beroep af.

IEFBE 2257

Conclusie AG: opgeschreven gegevens in antwoorden bij beroepsexamen moeten worden beschouwd als persoonsgegevens

HvJ EU - CJUE 20 jul 2017, IEFBE 2257; ECLI:EU:C:2017:582 (X tegen Data Protection Commissioner), http://www.ie-forum.be/artikelen/conclusie-ag-opgeschreven-gegevens-in-antwoorden-bij-beroepsexamen-moeten-worden-beschouwd-als-perso

Conclusie AG 20 HvJ EU juli 2017, IT 2320; IEFbe 2257; zaak C-434-16; ECLI:EU:C:2017:582 (X tegen Data Protection Commissioner) Privacy. Persoonsgegevens. Zie eerder [IT 2140]. Verzoeker vraagt inzage in al zijn gegevens omtrent het door hem gemaakt beroepsexamen bij het Institute of Chartered Accountants of Ireland (CAI). Het CAI geeft stukken vrij maar niet zijn schriftelijk examenwerk omdat dit niet onder het begrip 'persoonsgegevens' in de zin van de IER wet valt. De verwijzende rechter heeft een prejudiciële vraag gesteld of antwoorden gegeven in een beroepsexamen, persoonsgegevens zijn.

„Met de hand geschreven examenwerk dat aan een examenkandidaat kan worden gekoppeld, moet, met inbegrip van eventuele daarop vermelde opmerkingen van examinatoren, worden beschouwd als persoonsgegevens in de zin van artikel 2, onder a), van richtlijn 95/46/EG betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens.”

IEFBE 2256

HvJ EU: naast elkaar in twee lidstaten bestaande merken scheppen geen precedent voor het ontbreken van verwarringsgevaar in de Unie

HvJ EU - CJUE 20 jul 2017, IEFBE 2256; ECLI:EU:C:2017:571 (Ornua, The Irish Dairy Board tegen Tindale & Stanton), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-naast-elkaar-in-twee-lidstaten-bestaande-merken-scheppen-geen-precedent-voor-het-ontbreken-va

HvJ EU 20 juli 2017, IEF 16974; IEFbe 2256; zaak C-93-16; ECLI:EU:C:2017:571 (Ornua, The Irish Dairy Board tegen Tindale & Stanton) Merkenrecht. Zie eerder [IEF 16685] en [IEF 15794]. Audiencia Provincial de Alicante heeft een prejudiciële vraag gesteld aan het HvJ EU, namelijk of het naast elkaar in twee lidstaten bestaande merken precedent schept voor het ontbreken van verwarringsgevaar in de gehele Unie?

Het HvJ EU verklaart voor recht:

1) Artikel 9, lid 1, onder b), van verordening (EG) nr. 207/2009 van de Raad van 26 februari 2009 inzake het [Unie]merk moet aldus worden uitgelegd dat op basis van het feit dat een Uniemerk en een nationaal merk in een deel van de Europese Unie vreedzaam co-existeren, niet kan worden geconcludeerd dat in een ander deel van de Unie, waar dit Uniemerk en het aan dit nationale merk gelijke teken niet vreedzaam co-existeren, geen gevaar voor verwarring van dit Uniemerk met dit teken bestaat.

2) Artikel 9, lid 1, onder b), van verordening nr. 207/2009 moet aldus worden uitgelegd dat de elementen die volgens de rechtbank voor het Uniemerk waarbij een vordering wegens inbreuk is ingesteld relevant zijn om te beoordelen of het de houder van een Uniemerk is toegestaan, het gebruik van een teken te verbieden in een deel van de Europese Unie waarop deze vordering geen betrekking heeft, door deze rechtbank in aanmerking kunnen worden genomen om te beoordelen of het deze houder is toegestaan het gebruik van dit teken te verbieden in het deel van de Unie waarop deze vordering betrekking heeft, mits de marktomstandigheden en de socioculturele omstandigheden in die beide delen van de Unie onderling niet duidelijk verschillen.

3) Artikel 9, lid 1, onder c), van verordening nr. 207/2009 moet aldus worden uitgelegd dat op basis van het feit dat een bekend Uniemerk en een teken in een deel van de Europese Unie vreedzaam co-existeren, niet kan worden geconcludeerd dat in een ander deel van de Unie, waar deze niet vreedzaam co-existeren, een geldige reden bestaat die het gebruik van dit teken rechtvaardigt.

IEFBE 2259

Il s’ensuit que c’est à tort que la chambre de recours a considéré que le dessin contesté possédait un caractère individuel en regard du monogramme Chanel

Gerecht EU - Tribunal UE 18 jul 2017, IEFBE 2259; ECLI:EU:T:2017:517 (Chanel contre EUIPO), http://www.ie-forum.be/artikelen/il-s-ensuit-que-c-est-tort-que-la-chambre-de-recours-a-consid-r-que-le-dessin-contest-poss-dait-un

Tribunal EU 18 julliet 2017, IEFbe 2259; ECLI:EU:T:2017:517; T‑57/16 (Chanel contre EUIPO) Droit des dessin ou modèle communautaire. Procédure de nullité. X a présenté une demande d’enregistrement d’un dessin communautaire à l’Office de l’Union européenne pour la propriété intellectuelle (EUIPO). La requérante, Chanel SAS, a, en vertu de l’article 52 du règlement n° 6/2002, présenté devant la division d’annulation de l’EUIPO une demande de nullité du dessin contesté. Par décision du 15 juillet 2014, la division d’annulation de l’EUIPO a rejeté la demande en nullité, au motif que le dessin antérieur ne privait pas de nouveauté le dessin contesté, ni de caractère individuel. Partant, tout en tenant compte de la grande liberté de création du créateur du dessin contesté et de l’existence d’une grande liberté d’utilisation dudit dessin sur des produits variables, les différences entre les dessins en conflit ne seraient pas en mesure de produire chez l’utilisateur averti une impression globale différente. Il s’ensuit que c’est à tort que la chambre de recours a considéré que le dessin contesté possédait un caractère individuel en regard du monogramme Chanel.

IEFBE 2254

Hogere voorziening Europese Commissie tegen toegang tot documenten bij het HvJ EU afgewezen

HvJ EU - CJUE 18 jul 2017, IEFBE 2254; ECLI:EU:C:2017:563 (Europese Commissie tegen Breyer), http://www.ie-forum.be/artikelen/hogere-voorziening-europese-commissie-tegen-toegang-tot-documenten-bij-het-hvj-eu-afgewezen

HvJ EU 18 juli 2017, IT 2319; IEFbe 2254; C‑213/15P; ECLI:EU:C:2017:563 (Europese Commissie tegen Breyer) Toegang tot documenten van de instellingen – Artikel 15, lid 3, VWEU – Verordening (EG) nr. 1049/2001 – Werkingssfeer – Verzoek om toegang tot de memories die de Republiek Oostenrijk heeft ingediend in de zaak die heeft geleid tot het arrest van 29 juli 2010, Commissie/Oostenrijk (C‑189/09, niet gepubliceerd, EU:C:2010:455) – Documenten die zich in het bezit van de Europese Commissie bevinden. De hogere voorziening na Gerecht EU [IT 1703] wordt afgewezen; de Europese commissie wordt behalve in haar eigen kosten in de helft van de kosten van Breyer verwezen.