IEFBE 2644

Quasi identieke brilmonturen kwalificeren als namaak en zijn een schending van de eerlijke marktpraktijken

Hof van beroep Gent 18 december 2017, IEFbe 2644 (M&M tegen Matthieu Duchene Design) De redactie is op zoek naar: Tussenarrest Hof van beroep Gent 3 april 2017 en Rechtbank van Koophandel Gent (afd. Gent) 13 november 2014, om deze aan dit bericht toe te voegen redactie@ie-forum.be. M&M heeft op 29 januari 2012 van elk type brilmontuur van Matthieu Duchene Design, waaronder de “Menthe” en “Basilic” één exemplaar gekocht en heeft daarna de eigen quasi identieke monturen op de markt gebracht. M&M betwist het bestaan van het auteursrecht van Matthieu Duchene Design op de “Menthe” en “Basilic”. Schetsen en het merk op het montuur bewijzen echter voldoende dat zij de auteursrechthebbende persoon is. Het montuur Menthe is een eigen intellectuele schepping. Bijgevolg is dat dit model origineel is in de zin van de wet. Met het montuur “PD 6195” maakt M&M derhalve inbreuk op het montuur “Menthe”. Bij een globale indruk, op een normaal aandachtige brilkoper, zijn de monturen identiek te noemen. Er is sprake van namaak. De handelswijze van M&M is een vorm van onrechtmatige mededinging. Er is sprake van een schending van de eerlijke marktpraktijken.

11. De nv M&M maakt met het montuur “Aptica PD 6195” kennelijk inbreuk op het brilmontuur “Menthe”.

Niet de uitbater van een optiekzaak, maar de consument die een bril wenst te kopen, is het relevante publiek.

Bij een globale indruk, op een normaal aandachtige brilkoper, zijn de monturen van appellante en tweede geïntimeerde identiek te noemen. Voor de gemiddeld aandachtige consument die het montuur “PD 6195” en het montuur “Menthe” in een uitstalraam ziet liggen, is het niet mogelijk het onderscheid tussen beide te maken. Zelfs niet bij een iets meer gedetailleerde bestudering is de gemiddeld aandachtige toeschouwer geneigd te denken dat ook de bril van M&M van de bvba Matthieu Duchene Design afkomstig is. Het vergt een grondige en gedetailleerde analyse om de verschillen vast te stellen en zich te realiseren dat de brillen niet dezelde zijn en afkomstig zijn van een andere ontwerper en fabrikant.

Het hof verwijst naar het stuk uit het dossier van geïntimeerden met de neergelegde fysische exemplaren van brilmonturen, die in de huidige tekst niet weergegeven kunnen worden.

De nv M&M schendt artikel XI.165 WER. Er is namaak.

12. […] De handelswijze van M&M is een vorm van onrechtmatige mededinging. Zij schendt de eerlijke marktpraktijken, met miskenning vand de bepaling van artikel VI.104 WER. Zij heeft zich zonder meer de inspanningen van geïntimeerden toegeëigend, zonder geïntimeerden of één van hen om toestemming te vragen of te vergoeden. Zij kan daarbij de reputatie van geïntimeerden (ernstig) schenden […].