DOSSIERS
Alle dossiers

Diversen - Divers  

IEFBE 392

Gemeenschappelijke mededeling tenuitvoerlegging IP Translator

European Trade Mark and  Design Network, Gemeenschappelijke mededeling over de tenuitvoerlegging van “IP Translator”, 2 mei 2013.
Het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom heeft, in samenspraak met de andere landen van de Europese Unie en het Bureau voor Harmonisatie binnen de Interne Markt, besloten om een gezamenlijke verklaring te publiceren naar aanleiding van het arrest van het Europees Hof van Justitie van 19 juni 2013 ("IP Translator", zaak C-307/10, IEF 11454).

Uit't persbericht: Dit arrest heeft invloed op de praktijk van alle merkenbureaus van de Europese Unie en noopt tot convergentie in de interpretatie van de algemene benamingen van de hoofdklassen van de classificatie van Nice. Onverminderd het feit dat elk bureau gebonden is aan de eigen nationale wetgeving, nationale rechterlijke uitspraken en in sommige gevallen eerdere mededelingen, bestaat er een bereidheid en een behoefte om samen te werken teneinde dit arrest geharmoniseerd uit te voeren om zowel de bevoegde autoriteiten als de marktdeelnemers
rechtszekerheid te verschaffen.

Wat de eerste vraag betreft, werken de merkenbureaus van de Europese Unie samen om tot een gemeenschappelijke opvatting te komen over de vereisten van duidelijkheid en nauwkeurigheid in de benaming van waren en diensten en om een gemeenschappelijke reeks beginselen te ontwikkelen die op hun respectieve classificatiepraktijken moeten worden toegepast.

Wat de tweede vraag betreft, werken de merkenbureaus van de Europese Unie samen om te bepalen welke van de algemene benamingen van de hoofdklassen van de classificatie van Nice aanvaardbaar zijn met het oog op classificatie, krachtens bovengenoemde criteria van duidelijkheid en nauwkeurigheid. Dit zal resulteren in een geharmoniseerde benadering waarbij voor elke benaming wordt onderzocht of zij met het oog op classificatie kan worden aanvaard. Zodra hierover definitief overeenstemming is bereikt, zal dit worden meegedeeld.

Wat de derde vraag betreft, hebben de merkenbureaus van de Europese Unie een overzicht opgesteld van de wijze waarop elk bureau omgaat met specifieke onderwerpen die verband houden met de tenuitvoerlegging van de uitspraak van het Hof. Dit overzicht biedt volledige transparantie en omvat de volgende onderwerpen:
• Het laat zien hoe elk bureau de omvang van de bescherming van zijn eigen merken met de benamingen van een hoofdklasse van de classificatie van Nice als geheel interpreteert – voor merken die voor en na het “IP Translator”-arrest zijn ingediend. (Tabel 1, Tabel 2)
• Het bevat informatie over de wijze waarop elk bureau in zijn register, publicaties en certificaten de intentie van de aanvrager met betrekking tot de hoofdklassen van de classificatie van Nice en de alfabetische lijst zichtbaar maakt. (Tabel 3)
• Elk nationaal bureau geeft aan hoe het de omvang van de bescherming van Gemeenschapsmerken met de benamingen van een hoofdklasse van de classificatie van Nice als geheel interpreteert – voor merken die voor en na het “IP Translator”-arrest zijn ingediend. (Tabel 4)
• Het BHIM geeft aan hoe het de omvang van de bescherming van nationale merken met de benamingen van een hoofdklasse van de classificatie van Nice als geheel interpreteert – voor merken die voor en na het “IP Translator”-arrest zijn ingediend. (Tabel 5)
• Merken ingediend na “IP Translator” met de benamingen van de hoofdklasse als geheel: Hoe kan de aanvrager bescherming krijgen voor de complete alfabetische lijst? (Tabel 6)

De merkenbureaus van de Europese Unie benadrukken nog eens dat zij zullen blijven samenwerken in het kader van het convergentieprogramma, met als doel de transparantie en voorspelbaarheid ten gunste van zowel onderzoekers als gebruikers te vergroten.

Een eerste concreet doel is een geharmoniseerde lijst van aanvaardbare waren en diensten. Deze zal worden gepresenteerd in een visuele hiërarchische structuur die het de gebruiker gemakkelijk zal maken beschrijvingen van waren en diensten te vinden die aan het gewenste niveau van bescherming voldoen. Hiertoe zal worden gebruikgemaakt van classificatie-instrumenten als TMclass.

De hiërarchische structuur dient uitsluitend voor administratieve doeleinden en heeft geen rechtsgevolgen. Niettemin is deze structuur een alomvattend en dynamisch classificatie-instrument dat een algemeen aanvaardbare terminologie bevat en de gebruiker bij de samenstelling van specificaties van waren en diensten meer zekerheid biedt. Aanvragers kunnen hiermee eenvoudiger aan de in het “IP Translator”-arrest bedoelde vereisten van duidelijkheid en nauwkeurigheid voldoen.

Lees de gehele mededeling, inclusief tabellen, hier.

IEFBE 385

SABAM daagt ISPs voor de rechter om auteursrechten te eisen voor hun activiteit van internet access provider

Uit't persbericht: Gisteren organiseerde SABAM een infosessie voor haar leden om de balans op te maken van haar inkomsten op auteursrechten voor “online” exploitaties van het repertoire. Tijdens deze sessie werd de toestand van de huidige markt, de overeenkomsten die gesloten werden met de aanbieders en een prognose van de inningen besproken.

In deze context herinnerde Christophe Depreter, algemeen directeur van SABAM, er aan dat de auteursrechten op de verkoop van fysieke dragers sinds 2000 dramatisch gedaald zijn (-54%) en dat de rechten die voortvloeien uit de online exploitaties (iTunes, Youtube, Deezer, Spotify,…) dit enorme verlies absoluut niet compenseren.

Voor SABAM is dit verlies te verklaren: gedurende al die jaren stroomde er waarde van de markt van fysieke dragers naar de markt van de access providers. Ze brachten namelijk internetabonnementen op de markt, met grote reclame campagnes over de mogelijkheid om onbeperkt en tegen zeer hoge snelheid films en muziek te downloaden.

De internet access providers hebben nooit auteursrechten betaald voor deze activiteit. Ze verschuilen zich achter hun statuut van tussenpersoon, zonder verantwoordelijkheid voor de informatie die via hun netwerk wordt doorgegeven.

 

De winst die ze uit de verkoop van hun abonnementen halen, is echter voor een deel afkomstig van het intensieve gebruik van het beschermd repertoire. Bovendien is de evolutie van de gemeenschapsrechtspraak in lijn met een uitbreiding van de partijen die bij een mededeling aan het publiek betrokken zijn. In die zin moet de access provider volgens SABAM beschouwd worden als een acteur in deze mededeling en dus auteursrechten betalen.

Na onderhandelingen die tot op heden vruchteloos bleven, heeft SABAM besloten om dit principedebat juridisch aan te gaan door middel van een procedure tegen de drie grootste access providers van België: Belgacom, Telenet en Voo. De rechtsvordering werd op 12 april jl. ingesteld voor de Rechtbank van Eerste Aanleg van Brussel.

Met deze vordering wil SABAM de erkenning van toepasselijkheid van het auteursrecht op de activiteit van internet access provider verkrijgen en bijgevolg een vergoeding innen die overeenkomt met een percentage (3,4%) van hun omzet.

IEFBE 284

Huldeboek Jan Corbet - Belgische Auteurswet artikelsgewijze commentaar

F. Brison, H. Vanhees (red.), Huldeboek Jan Corbet - De Belgische Auteurswet Artikelsgewijze commentaar, Brussel: Larcier 2012.

In deze derde editie van het Huldeboek Jan Corbet worden door vooraanstaande auteursrechtspecialisten de verschillende artikelen van de Belgische auteurswet becommentarieerd. Ieder artikel wordt grondig besproken en ontleed in de taal van de auteurs, d.w.z. in het Nederlands of in het Frans. Door deze herwerkte versie van de artikelsgewijze commentaar krijgt de lezer een goed overzicht van de huidige stand van de Belgische auteurswet.

Editors : Fabienne Brison, Hendrik Vanhees
Met de medewerking van : Alain Berenboom, Fabienne Brison, Mireille Buydens, Fernand de Visscher, Séverine Dusollier, Frank Gotzen, Marie-Christine Janssens, Carine Libert, Paul Maeyaert, Benoît Michaux, Alain Strowel, Jean-Paul Triaille, Peggy Valcke, Hendrik Vanhees, Dirk Voorhoof
Uitgever : Larcier

In deze derde herziene editie wordt de Belgische auteurswet artikelsgewijs becommentarieerd door vooraanstaande auteursrechtspecialisten. Het geeft een uitstekend gedocumenteerd en actueel overzicht van de huidige stand van het Belgische auteursrecht.

IEFBE 9

Tergend en roekeloos geding

Het belang van Limburg bericht dat “Zanger Plastic Bertrand wel degelijk de uitvoerende artiest is van de mythische hit "Ca plane pour moi". Dat heeft het Brusselse hof van beroep bevestigd.

Producent en componist Lou De Prijck eiste dat hij ook als uitvoerend artiest erkend zou worden, maar hij kon hiervan geen bewijs leveren en werd veroordeeld tot een geldboete van 10.000 euro wegens tergend en roekeloos geding.”

Lees hier meer.