Auteursrecht - Droit d'auteur

IEFBE 2961

Inbreuk op auteursrechten software

Gent - Gand 4 feb 2019, IEFBE 2961; 2017/AR/665 (Autodesk en Microsoft Corporation tegen Aldera, Mini Flat en BSA), http://www.ie-forum.be/artikelen/inbreuk-op-auteursrechten-software

Hof van Beroep Gent 4 februari 2019, IEFbe 2961; 2017/AR/665 (Autodesk en Microsoft Corporation tegen Aldera, Mini Flat en BSA) Autodesk en Microsoft zijn softwareontwikkelaars en exploitanten van de intellectuele eigendomsrechten op bepaalde softwarepakketten. Beide bedrijven zijn lid van BSA, een non-profit-handelsorganisatie die belangen van de softwaremarkt en hardwarepartners verdedigt. Aldera en Mini Flat houden zich bezig met verandabouw. BSA heeft Aldera gewaarschuwd voor het gebruik van software zonder licentie. Aldera en Mini Flat hebben zich ingeschreven voor de legalisatieprocedure van BSA. Door de gerechtsdeurwaarder is een proces-verbaal van beslag inzake namaak opgesteld. Autodesk en Microsoft stellen dat inbreuk is gemaakt op hun auteursrechten door onder meer Aldera en Mini Flat. Dit is door het hof gegrond verklaard.

IEFBE 2960

Paul Geerts - noot onder HvJ EU Funke Medien en Spiegel Online

HvJ EU Funke Medien [IEF 18623] en Spiegel Online [IEF 18644]: geen pyrrusoverwinning voor de informatievrijheid

1. Op 29 juli jl. heeft het HvJ EU twee belangrijke auteursrecht arresten gewezen (1).  In die arresten is veel beslist. In deze bijdrage sta ik alleen stil bij het oordeel van het Hof dat het auteursrechtelijke systeem van beperkingen een gesloten systeem is. Maar: hoe gesloten is gesloten?

2. Laat ik beginnen met te zeggen dat ik het oordeel van het Hof betreur. Mijn voorkeur gaat uit naar een open systeem van beperkingen en dat betekent dat ik mij veel meer voel aangesproken door de benadering die de Hoge Raad in zijn Dior/Evora-arrest heeft gevolgd (2).  Het Hof wil van zo’n fair-use-achtig-systeem niets weten omdat (i) een juist evenwicht tussen het auteursrecht en andere grondrechten al in de Auteursrechtrichtlijn (Arl) zelf is gelegen, en (ii) het toelaten van beperkingen die niet onder de in art. 5 Arl uitputtend opgesomde beperkingen vallen, de effectiviteit van de door de Arl tot stand gebrachte harmonisatie van het auteursrecht in gevaar brengt.

IEFBE 2949

Prejudiciële vragen over mededeling aan publiek door downloaden peer-to-peernetwerk

Antwerpen(afd. Antwerpen) - Anvers(div. Anvers) 29 jul 2019, IEFBE 2949; (M.I.C.M tegen BVBA Telenet), http://www.ie-forum.be/artikelen/prejudici-le-vragen-over-mededeling-aan-publiek-door-downloaden-peer-to-peernetwerk

Ondernemingsrechtbank Antwerpen (afdeling Antwerpen) 29 juli 2019; IEF 18700, IEFbe 2949, IT&R 2877; C-597/19 (M.I.C.M tegen BVBA Telenet) Auteursrecht. Peer-to-peer. Via MinBuza: M.I.C.M is een vennootschap naar het Cypriotisch recht en is houder van bepaalde rechten op pornografische films. Via een bepaald systeem is zij in het bezit van duizenden IP-adressen die verwijzen naar klanten van de verwerende partij, de BVBA Telenet, als internetserviceprovider. Via de connecties waar deze IP-adressen naar verwijzen zouden films uit haar catalogus zijn geüpload, gebruikmakend van het BitTorrent-protocol. M.I.C.M maakt nu aanspraak op de identificatie van deze klanten door Telenet, die zich hier principieel tegen verzet. 

De BitTorrent-technologie bestaat erin dat een bestand in kleine onderdelen ('pieces') wordt gesegmenteerd, die door de gebruiker kunnen worden gedownload en weer tot het oorspronkelijke bestand worden samengesteld. Het uploadproces wordt 'seeding’ genoemd. Zo kan het door vele gebruikers tegelijk worden gedownload. De groep aan downloaders wordt 'swarm' genoemd. Er hoeft dus geen band meer te bestaan tussen de oorspronkelijke seeder en de downloaders. De downloaders worden zelf in de regel seeders: de software is er gewoonlijk standaard zo op ingesteld nu het systeem hiervan afhangt.

IEFBE 2939

HvJ EU: bepaling 'perssnippets' is niet van toepassing zonder mededeling aan Commissie

HvJ EU - CJUE 12 sep 2019, IEFBE 2939; ECLI:EU:C:2019:716 (VG Media tegen Google LLC), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-bepaling-perssnippets-is-niet-van-toepassing-zonder-mededeling-aan-commissie

HvJ EU 12 september 2019, IEF 18681, IEFbe 2939; ECLI:EU:C:2019:716, (VG Media tegen Google LLC) VG Media is een Duitse beheermaatschappij voor auteursrechten. Google zou inbreuk hebben gemaakt op de naburige rechten van de leden, persuitgevers, door op haar zoekmachine en haar geautomatiseerde informatiesite "Google Nieuws" gebruik te maken van zogenoemde "perssnippets". Meer specifiek gaat het erom dat Google fragmenten of samenvattingen van persteksten online zet, zonder daarvoor een vergoeding te betalen. Dit zou in strijd zijn met een Duitse bepaling, strekkende tot de bescherming van persuitgevers, die op 1 augustus 2013 in werking is getreden. Het Landgericht Berlin vraagt antwoord op de volgende vragen: (i) is de bepaling in kwestie een "technisch voorschrift" in de zin van richtlijn 98/34 betreffende normen en technische voorschriften en zo ja, (ii) had het ontwerp van de bepaling aan de Commissie moeten worden voorgelegd, voorafgaande aan de inwerkingtreding van de bepaling in Duitsland?
Het feit dat de bepaling in kwestie een regel is brengt mee dat het gaat om een "technisch voorschrift" in de zin van de richtlijn betreffende normen en technische voorschriften. De bepaling strekt voornamelijk tot de bescherming van persuitgevers tegen inbreuken op het auteursrecht door online zoekmachines. Een dergelijke bescherming is alleen noodzakelijk tegen systematische aanvallen op de werken van online-uitgevers door dienstverleners van de informatiemaatschappij. Bijgevolg is de bepaling specifiek gericht op de diensten van de informatiemaatschappij. Het ontwerp van het technische voorschrift had voorafgaand aan de inwerkingtreding aan de Commissie moeten worden meegedeeld. Het ontbreken van deze mededeling heeft de niet-toepasselijkheid van de bepaling ten gevolge. Zie ook [IEF 18187] en [IEF 17053].

IEFBE 2938

HvJ EU: geen auteursrechtelijke bescherming modellen louter vanwege esthetisch effect

HvJ EU - CJUE 12 sep 2019, IEFBE 2938; ECLI:EU:C:2019:721https://redactie-delex.netcon.nl/articles/add (Cofemel tegen G-Star Raw), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-geen-auteursrechtelijke-bescherming-modellen-louter-vanwege-esthetisch-effect

HvJ EU 12 september 2019, IEF 18680, IEFbe 2938; ECLI:EU:C:2019:721 (Cofemel tegen G-Star Raw) Bij de Supremo Tribunal de Justica in Portugal is een procedure gestart tussen Cofemel en G-Star naar aanleiding van G-Stars beschuldigingen dat Cofemel jeans, sweatshirts en T-shirts zou hebben geproduceerd en verkocht die namaak vormen op de eigen modellen van G-Star. Cofemel zou inbreuk hebben gemaakt op het auteursrecht van G-Star. Auteursrechten overeenkomstig de richtlijn inzake het auteursrecht komen toe aan auteurs van "werken". Dit geeft de auteur het exclusieve recht om reproductie, mededeling aan het publiek en distributie toe te staan of te verbieden. Daarnaast bestaat voor modellen afzonderlijke bescherming, gebaseerd op de richtlijn inzake de rechtsbescherming van modellen en de verordening betreffende Gemeenschapsmodellen. Naar nationaal Portugees recht bestaat daarnaast nog de mogelijkheid om tekeningen en modellen auteursrechtelijk te beschermen, echter zonder aan te geven aan welke voorwaarden moet zijn voldaan om deze bescherming en de daaraan verbonden rechten te kunnen uitoefenen. De rechtsvraag die centraal staat, luidt: staat de richtlijn inzake het auteursrecht in de weg aan auteursrechtelijke bescherming van modellen naar Portugees auteursrecht op grond van het teweegbrengen van een specifiek esthetisch effect?
De vraag of een model kan worden aangemerkt als "werk" heeft niet te maken met het esthetisch effect dat al dan niet teweeg wordt gebracht. Om van een "werk" te kunnen spreken is vereist: (i) het voorwerp in kwestie is met voldoende nauwkeurigheid en objectiviteit identificeerbaar, en (ii) het voorwerp is een intellectuele schepping waardoor de keuzevrijheid en de persoonlijkheid van de auteur worden weergespiegeld. Geconcludeerd wordt dat een specifiek esthetisch effect dat door een model wordt teweeggebracht niet rechtvaardigt dat dergelijke modellen als "werken" worden aangemerkt. Zie ook [IEF 17471] en [IEF 18448].

IEFBE 2937

Conclusie AG: distributierecht wordt niet uitgeput door levering van gedownloade e-books

HvJ EU - CJUE 10 sep 2019, IEFBE 2937; ECLI:EU:C:2019:697 (NUV tegen Tom Kabinet), http://www.ie-forum.be/artikelen/conclusie-ag-distributierecht-wordt-niet-uitgeput-door-levering-van-gedownloade-e-books

Conclusie AG HvJ EU 10 september 2019, IEF 18676, IEFbe 2937;  ECLI:EU:C:2019:697 (NUV tegen Tom Kabinet) Auteursrecht. Beschikbaarstelling van e‑books op afstand door middel van downloaden voor gebruik voor onbeperkte tijd. Zie eerder [IEF 17593], [   IEF 16941] en [IEF 16945]. Antwoord op de vragen of het tegen betaling op afstand door middel van downloaden voor gebruik voor onbeperkte tijd ter beschikking stellen van een ebook al dan niet een distributiehandeling kan zijn in de zin van artikel 4(1) Auteursrechtrichtlijn. Of daarmee het distributierecht kan zijn uitgeput in de zin van artikel 4(2) is niet evident. De AG concludeert dat levering van e‑books door middel van online downloaden voor gebruik voor onbeperkte tijd niet onder het distributierecht valt.

IEFBE 2930

Interieur schoenenwinkels komen te zeer overeen: sprake van inbreuk op auteursrecht

Nederlandse jurisprudentie - Jurisprudence néerlandaise 7 aug 2019, IEFBE 2930; ECLI:NL:RBDHA:2019:8166 (Shoebaloo en MVSA tegen Invert GCV), http://www.ie-forum.be/artikelen/interieur-schoenenwinkels-komen-te-zeer-overeen-sprake-van-inbreuk-op-auteursrecht

Rechtbank Den Haag 7 augustus 2019, IEF 18645, IEFbe 2930; ECLI:NL:RBDHA:2019:8166 (Shoebaloo en MVSA tegen Invert GCV) Auteursrecht. Slaafse Nabootsing. Eerder is in deze zaak al de bevoegdheid van de Nederlandse rechter vastgesteld (zie IEF 16401 en IEFbe 2005). Shoebaloo exploiteert schoenenwinkels. Het interieur van deze winkels is gebaseerd op de Amerikaanse Antelope Canyons. Dit interieur is in opdracht van Shoebaloo door MVSA uitgewerkt. Invert heeft in haar schoenenwinkel in Antwerpen een interieur dat naar mening van Shoebaloo en MVSA te zeer overeenkomt met het interieur van de winkels van Shoebaloo. Het recht van het land waarvoor de bescherming wordt gevorderd, beheerst de rechtsverhouding. Dat is in dit geval België, daar waar de inbreuk gemaakt wordt. Nu werk- en inbreukbegrip geharmoniseerd zijn, heeft dit geen gevolgen. Van belang is dat de wand los gezien kan worden als werk op zich. Er zijn voldoende creatieve keuzes gemaakt bij het ontwerp van het interieur, en de vormgeving was niet gangbaar in het vormgevingserfgoed. Op grond van een vergelijking van beide interieurs wordt een zodanige overeenstemming geconstateerd dat sprake is van een inbreuk. De vordering op grond van slaafse nabootsing faalt echter nu deze onvoldoende is onderbouwd. De vorderingen worden voor zover redelijk toegewezen op grond van de auteursrechtinbreuk.

IEFBE 2929

HvJ EU: nationale rechter moet afweging maken tussen auteursrechten en informatievrijheid

HvJ EU - CJUE 27 jul 2019, IEFBE 2929; ECLI:EU:C:2019:625 (Beck tegen Spiegel Online), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-nationale-rechter-moet-afweging-maken-tussen-auteursrechten-en-informatievrijheid

HvJ EU 29 juli 2019, IEF 18644, IEFbe 2929, IT 2849; ECLI:EU:C:2019:625 (Volker Beck tegen Spiegel Online) Auteursrecht. Informatievrijheid. Volker Beck is een Duits politicus die een opzienbarend manuscript heeft geschreven dat door Spiegel Online op internet is geplaatst. Beck heeft bezwaar gemaakt tegen de beschikbaarstelling van het manuscript en het artikel op de website van Spiegel Online, omdat hij dat als een schending van zijn auteursrecht beschouwt. Na een eerste oordeel in het voordeel van Beck, is de rechter in beroep van oordeel dat de uitlegging van artikel 5, lid 3, onder c) en d), van richtlijn 2001/29, gelezen in het licht van de grondrechten, en in het bijzonder van informatievrijheid en vrijheid van media, niet voor zich spreekt. Hij vraagt zich met name af of deze bepaling discretionaire ruimte laat bij de omzetting ervan in nationaal recht (voor prejudiciële vragen zie ook: IEF 17179 en IEFbe 2372).