IEFBE 3168

Verzoek nietig verklaren vormmerk wordt afgewezen

17 dec 2020, IEFBE 3168; (Looplabb tegen Izipizi), http://www.ie-forum.be/artikelen/verzoek-nietig-verklaren-vormmerk-wordt-afgewezen

EUIPO 17 december 2020, IEF 19693, IEFbe 3168; C 40365 (Looplabb tegen Izipizi) Het EUIPO oordeelt dat de door Izipizi geregistreerde verpakking als zodanig (dus zonder vermelding van het woord Izipizi) géén onderscheidend vermogen heeft. Omdat het merk is gedeponeerd met de omschrijving “driedimensionaal merk” en het depot vier kanten van het teken laat zien, is het duidelijk dat het om een vormmerk gaat. Uit de grafische vormgeving blijkt dat het om een doos voor brillen gaat. Voor vormmerken geldt geen verzwaarde eis dat zij onderscheidend vermogen zouden moeten hebben verkregen. De vereisten voor het aannemen van onderscheidend vermogen zijn hetzelfde als voor andere merken. Echter, de perceptie van het publiek kan wel anders zijn, doordat consumenten die de vorm van een product zien daar niet altijd de herkomst uit afleiden. Dit is alleen het geval bij een vorm die aanzienlijk afwijkt van de gebruikelijke norm in de industrie. Het onderscheidend vermogen moet beoordeeld worden ten aanzien van het gehele teken, en met betrekking tot de waren en/of diensten waarvoor het is geregistreerd. Als één element onderscheidend is, kan daarom het hele teken onderscheidend zijn. Het woord IZIPIZI heeft sterk onderscheidend vermogen. Om deze reden is het hele teken onderscheidend. Er hoeft geen onderzoek te worden gedaan naar de mate waarin de vorm afwijkt van de gebruiken in de industrie.

IEFBE 3167

Voorjaarsagenda deLex

Ook in 2021 komt deLex met diverse nieuwe initiatieven en opleidingen. Online zolang het moet en offline, op locatie, zodra het weer kan. Schuif aan en blijf op de hoogte!

Het programma:

  • Donderdag 22 april: Webinar E-Privacy
  • Donderdag 29 april: Webinar Kunst en Recht, Restitutievraagstukken
  • Dinsdag 18 mei: Jurisprudentielunch Privacyrecht
  • Woensdag 19 mei: Jurisprudentielunch Merken- Modellen- en Auteursrecht
  • Woensdag 2 juni: Actualiteitenlunch Reclamerecht
  • Dinsdag 8 juni: Nationaal Octrooicongres 2021
  • Donderdag 17 juni: Benelux Merkencongres 2021
  • Woensdag 8 september: Actualiteiten Entertainment en IE

Met in het najaar: het Nationaal Mediarechtcongres 2021, Actualiteiten IT&Recht, Retailmiddag, het Nationaal Reclamerechtcongres 2021 en de Jurisprudentielunch Octrooirecht. En natuurlijk start in het najaar ook weer een nieuwe leergang van de Mr.S.K. Martens Academie.

Voor meer informatie en/of aanmelden kijk hier of mail naar info@delex.nl

IEFBE 3166

FOG maakt inbreuk op het merk Kadine

Brussel - Bruxelles(Fr./Nl.) 11 dec 2020, IEFBE 3166; ( Kadine B.V. tegen Fear of God LLC), http://www.ie-forum.be/artikelen/fog-maakt-inbreuk-op-het-merk-kadine

Nederlandstalige Ondernemingsrechtbank Brussel 11 december 2020, IEFbe 3166; C/20/00060 (Kadine B.V. tegen Fear of God LLC) Kadine is houder van de "Essentiel-merken" voor o.a. handtassen, kleding en schoenen. Ze verkoopt en verdeelt haar kledingwaren via meer dan 50 eigen retailwinkels verspreid over de hele EU. FOG is de uitbater van het streetwear label 'Fear of God Essentials'. FOG lanceerde in 2018 een nieuw submerk 'Fear of God Essentials', dat voor kleding werd geregistreerd. Op de kleding figureert prominent het opschrift 'Essentials', al dan niet aangevuld met het onderschrift 'Fear of God'. Kadine vordert vast te stellen dat met het gebruik van de benaming 'Essentials', door FOG, zij daarmee inbreuk pleegt op de merkrechten van Kadine. Op 1 juli 2020 heeft FOG een nieuwe collectie Essentials kleding gelanceerd en ze maakt vanaf dan via haar website www.fearofgod.com reclame voor de Essentials kleding die mede op consumenten in de Benelux en de EU gericht is. Daarop heeft Kadine FOG op 18 september 2020 in kort geding gedagvaard. Geoordeeld wordt dat de vordering van Kadine gegrond is, waardoor het FOG verboden wordt om inbreuk te maken op de merkrechten van Kadine in de gehele EU, door het teken 'Essentials' voor waren en diensten commercieel te exploiteren. Dit onder verbeurte van een dwangsom van 500 euro per overtreding van dit verbod.

IEFBE 3164

Simone Vandewynckel nieuwe vennoot bij Inteo

Belgian intellectual property law firm Inteo welcomes Simone Vandewynckel as a partner on 4 January 2021. The hire is a boost for the boutique firm, adding depth and expertise to support its growth.

Simone started her career at Benelux law firm Stibbe in 2008 to move to an in-house role as global head of intellectual property at Velcro Companies in 2018. She is a board member of the Belgian AIPPI group. Simone co-authored a handbook on the procedural aspects of intellectual property
enforcement in Belgium. At Inteo, Simone will work with founding partners Sofie Cubitt and Kristof Neefs, and associates Stéphanie de Potter and Annouk Naze.

The Mechelen-based outfit opened for business in December 2016. Four years in, Inteo has become an active player in intellectual property litigation. The firm’s non-contentious service offering includes assisting technology and research-driven companies in negotiating licensing and research agreements. Clients and peers have labelled Inteo ‘a breath of fresh air’ and ‘one to keep on your radar’ in the Belgian IP scene.

IEFBE 3163

HvJ EU: beantwoording prejudiciële vragen over bewijslast gezondheidsclaims

10 sep 2020, IEFBE 3163; ECLI:EU:C:2020:693 (Konsumentombudsman tegen Mezina AB), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-beantwoording-prejudici-le-vragen-over-bewijslast-gezondheidsclaims

HvJ EU 9 september 2020, IEF 19670, RB 3472, LS&R 1895, IEFbe 3163; ECLI:EU:C:2020:693 (Konsumentombudsman tegen Mezina AB) Mezina is actief op het gebied van het vervaardigen en het in de handel brengen van natuurlijke remedies en voedingssupplementen. Bij het in de handel brengen van deze producten, gebruikt Mezina gezondheidsclaims. De verordening nr. 1924/20061 regelt dat, bij etikettering van en de reclame voor levensmiddelen, er voor moet worden gezorgd dat de stoffen waarvoor een claim wordt gedaan, een bewezen heilzaam nutritioneel of fysiologisch effect hebben. De richtlijn 2005/29 beschermt de consument en verbiedt handelaren een verkeerde indruk te geven van de aard van producten. De Konsumentombudsman heeft beroep ingesteld om daarmee Mezina te verbieden deze gezondheidsclaims te gebruiken. De behandeling van de zaak is geschorst en het Hof wordt de prejudiciële vragen gesteld of de bewijslast op de handelaar rust die een bepaalde gezondheidsclaim doet of op de autoriteit die de nationale rechter verzoekt de handelaar te verbieden deze claim nog te gebruiken. Geoordeeld wordt dat de betrokken exploitant de gebruikte claim met algemeen aanvaard wetenschappelijk bewijs dient te onderbouwen.

IEFBE 3162

The Original Chiever Letterquiz

Ook in dit vreemde jaar hebben we natuurlijk weer de Chiever Letterquiz gemaakt. Misschien iets makkelijker dan andere jaren, want we hebben geprobeerd alleen maar letters te gebruiken uit merken die op een of andere manier een link met de Covid-crisis hebben. Soms is het verband wat ver gezocht, maar mogelijk helpt het u toch bij het oplossen van deze 2020 Letterquiz. Veel succes!

Mail uw oplossingen vóór 22 februari 2021 naar nieuwsbrief@chiever.com en maak kans op een diner-voor-twee ter waarde van € 100,- (als de horeca weer open is).

IEFBE 3161

Octrooi kan ook in aangepaste vorm niet in stand blijven

9 dec 2020, IEFBE 3161; (Tinnus en Zuru tegen Koopman International), http://www.ie-forum.be/artikelen/octrooi-kan-ook-in-aangepaste-vorm-niet-in-stand-blijven

Rechtbank Den Haag 9 december 2020, IEF 19647; ECLI:NL:RBDHA:2020:12493 (Tinnus Enterprises en Zuru tegen Koopman International) Nietigheid. Tinnus is houder van het octrooi EP 948 getiteld “Apparatus, system and method for filling containers with fluids” en heeft voor de toepassing daarvan een licentie verstrekt aan Zuru, tevens partij in deze procedure. Tinnus stelt dat Koopman inbreuk maakt op EP 948 en dat voor zover het product van Koopman niet aan alle kenmerken van de conclusies zou beantwoorden, sprake is van equivalente inbreuk. Koopman vordert in reconventie vernietiging van het Nederlandse deel van het octrooi, omdat het niet nieuw is, niet inventief en subsidiair niet nawerkbaar is en heeft de inbreuk betwist.

IEFBE 3160

Eigenaar van 'sui generis' recht databankproducent op databank

Brussel - Bruxelles(Fr./Nl.) 25 nov 2020, IEFBE 3160; (Enhesa tegen Young & Global Partners), http://www.ie-forum.be/artikelen/eigenaar-van-sui-generis-recht-databankproducent-op-databank

Tribunal de l'entreprise francophone de Bruxelles 25 november 2020, IEFbe 3160; A/20/01469 (Enhesa tegen Young & Global Partners) Enhesa is een onderneming gespecialiseerd in het verstrekken van consultancydiensten aan bedrijven met betrekking tot het naleven van de regelgeving inzake milieu, gezondheid en veiligheid op het werk (EHS). Haar diensten zijn gebaseerd op databanken die haar in staat stellen aan haar klanten een geharmoniseerde en gestandaardiseerde benadering van de EHS-naleving te bieden. De heer P was gedurende zes jaar in dienst van Enhesa voordat hij ontslag nam en het concurrerende bedrijf Young & Global Partners (YGP) oprichtte.

De voorzitter van de ondernemingsrechtbank stelde een deskundige aan die, als onderdeel van zijn opdracht, met behulp van PlagScan-software (ontworpen voor detectie van plagiaat) de databanken van YGP vergeleek met de gelijkaardige databanken van Enhesa. De deskundige nam in zijn rapport tabellen op met daarin de plagiaatspercentages die hij verkreeg door de databanken met behulp van bovengenoemde software te vergelijken. De voorzitter van de ondernemingsrechtbank oordeelde dat: (i) Enhesa eigenaar is van het sui generis recht van databankproducenten op zijn databanken en (ii) dat de PlagScan-software betrouwbaar is met betrekking tot de vaststelling van de inbreuk.

Young & Global Partners heeft tegen het vonnis van de ondernemingsrechtbank beroep ingesteld door middel van een verzoekschrift ingediend op 4 januari 2021. Hierin betwist zij het bestaan van enige inbreuk van het sui generis recht. 

IEFBE 3159

Octrooi voor presentatiesysteem ClickShare niet nieuw en inventief

9 dec 2020, IEFBE 3159; (Barco NV tegen Delta Electronics), http://www.ie-forum.be/artikelen/octrooi-voor-presentatiesysteem-clickshare-niet-nieuw-en-inventief

Rechtbank Den Haag 9 december 2020, IEF 19656, IEFbe 3159; ECLI:NL:RBDHA:2020:12547 (Barco NV tegen Delta Electronics) Octrooirecht. Barco is een onderneming die onder meer presentatiehulpmiddelen op de markt brengt. Barco is daarbij houdster van Europees octrooi EP 668, voor een “Electronic tool and methods for meetings”. In het presentatiesysteem ‘ClickShare’ brengt Barco onderdelen op de markt waarin EP 668 wordt toegepast. Delta NL houdt zich bezig met de ontwikkeling en handel in elektrische systemen en apparaten. Sinds augustus 2017 brengt zij onderdelen van een presentatiesysteem, onder de naam ‘NovoConnect’, op de Europese markt. Net als bij 'Clickshare' maakt het systeem het mogelijk voor deelnemers aan een vergadering om beeldmateriaal op hun computer te delen met andere deelnemers, via een centraal presentatiescherm. Daarnaast heeft Barco het uiterlijk van haar ClickShare Button als Gemeenschapsmodel geregistreerd. Barco vordert een verbod op inbreuk op EP 668 en een verbod op inbreuk op het model. Delta voert verweer en vordert nietigverklaring van het octrooi en doet een beroep op het vormgevingserfgoed. De conclusies van EP 668 zouden in het licht van oudere modellen niet nieuw, althans niet inventief zijn. Geoordeeld wordt dat het oudere systeem de kenmerken van de conclusie 1 van EP 668 al heeft geopenbaard. Het in conclusie 2 geclaimde kenmerk wordt ook afgewezen, omdat het kenmerk niet als uitvinding kan worden aangemerkt. Daarnaast wordt geoordeeld dat het model een andere algemene indruk wekt ten opzichte van het vormgevingserfgoed. Barco wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld, waarvan de hoogte in redelijkheid wordt gematigd tot een bedrag van 160.000,-.

IEFBE 3151

Vertaalbureau Hendriks & James stelt zich voor

Nynke Hendriks & Ian James Gaukroger zijn de oprichters van juridisch vertaalbureau Hendriks & James. Hun bureau is inmiddels bijna 20 jaar in Amsterdam gevestigd en telt vele internationale advocatenkantoren tot zijn klantenkring. Zij vertalen uitsluitend juridische stukken Nederlands/Engels v.v. en zijn onder meer gespecialiseerd in vertalingen op het gebied van IE (www.hendriks-james.nl).

Wat vertalen jullie het liefst?

Nynke: Ik ben afgestudeerd op de octrooirechtelijke bepalingen van het TRIPs-verdrag en ben nog steeds graag bezig met octrooiteksten. En wetsbepalingen vind ik mooi om te vertalen omdat er geen woord te veel in staat. Elk woord is gewogen.

Ian:  Ik vind de manier waarop rechters denken altijd interessant. Hun logica en de manier waarop een gevolgtrekking tot stand komt: ‘Het feit dat … betekent niet dat…’.

IEFBE 3158

Wiggin in Brussel verwelkomt Carina Gommers en Carl De Meyer

, IEFBE 3158; http://www.ie-forum.be/artikelen/wiggin-in-brussel-verwelkomt-carina-gommers-en-carl-de-meyer

Media, technologie en intellectueel eigendom advocatenkantoor Wiggin versterkt haar kantoor in Brussel met de komst van de toonaangevende IE-specialisten Carina Gommers en Carl De Meyer, samen met twee extra teamleden, Eva De Pauw en Eleni Foscolos. De verhuizing weerspiegelt de aanhoudende groei van en investering in Wiggin's intellectuele eigendomspraktijk in het VK en de EU.
Lees verder.

IEFBE 3156

HvJ EU: besluit Europese Commissie over mededinging nietig verklaard

9 dec 2020, IEFBE 3156; ECLI:EU:C:2020:1007 (Groupe Canal tegen Europese Commissie), http://www.ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-besluit-europese-commissie-over-mededinging-nietig-verklaard

HvJ EU 9 december 2020, IEF 19638, IT 3353, IEFbe 3156; ECLI:EU:C:2020:1007 (Groupe Canal+ tegen Europese Commissie) Mededinging. Televisiedistributie. Uit het persbericht: het Hof verklaart een besluit van de Commissie nietig waarbij toezeggingen verbindend worden verklaard die door een onderneming zijn gedaan om de mededinging op de markten in stand te houden. De omstandigheid dat de medecontractanten van een onderneming die heeft toegezegd om bepaalde contractuele clausules niet na te komen, zich tot de nationale rechter kunnen wenden, kan de gevolgen van dat besluit van de Commissie voor de contractuele rechten van die medecontractanten niet opheffen.

IEFBE 3155

SABAM maakt geen misbruik van feitelijke machtspositie

HvJ EU - CJUE 25 nov 2020, IEFBE 3155; ECLI:EU:C:2020:959 (SABAM tegen Weareone.World en Wecandance), http://www.ie-forum.be/artikelen/sabam-maakt-geen-misbruik-van-feitelijke-machtspositie

HvJ EU 25 november 2020, IEF 19620, IEFbe 3155; ECLI:EU:C:2020:959 (SABAM tegen Weareone.world en Wecandance) Vervolg op [IEF 18572]. Sabam is een beheermaatschappij voor auteursrechten en heeft het recht een vergoeding te vragen voor het gebruik van haar repertoire. Weareone.World en Wecandance organiseren festivals waaronder Tomorrowland en Wecandance. In lijn met de conclusie van de A-G beslist het Hof dat SABAM geen misbruik maakt van haar feitelijke machtspositie door een auteursrechtelijke vergoeding te vragen die wordt gebaseerd op de bruto-ontvangsten van de ticketverkoop. Wel wordt het aan de nationale rechter overgelaten om per geval te oordelen of er geen alternatieve methoden bestaan om de daadwerkelijk uitgevoerde muziekwerken te identificeren. Hiermee zou een passender evenwicht kunnen worden bereikt tussen het belang van de bescherming van de auteurs en het belang van de gebruikers van die werken.

IEFBE 3154

Maarten Russchen: muziek in audio-visuele productie is geen fonogram

Op 18 november 2020 heeft het Hof van Justitie in de zaak Atresmedia/Agedi [IEF 19610] bepaald dat een geluidsopnamen zijn status als “fonogram” verliest wanneer het wordt opgenomen in een audio-visueel werk. De uitspraak is nog vers, maar lijkt mij verstrekkende gevolgen te hebben voor de praktijk.

In Nederland ontvangen de producenten en muzikanten die meewerken aan het maken van de geluidsopname een vergoeding van SENA wanneer de muziek op TV wordt uitgezonden. Meestal staat de muziek dan niet alleen, maar is onderdeel geworden van een audio-visueel werk. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor muziek bij TV-reclames. De uitvoerige jurisprudentie over de vergoeding die SENA zou moeten betalen voor TelSell reclames is niet meer relevant, want deze uitspraak van het Hof van Justitie betekent dat er helemaal geen recht is op een vergoeding van SENA. Die vergoeding ziet namelijk op verspreiding van fonogrammen.

IEFBE 3143

VMC webinar over desinformatie

Vrijdagmiddag 11 december 2020, 15.00-17.00 uur - Online

Iedereen kan in een oogwenk content online zetten. Ongefilterd en desgewenst anoniem. Een deel van die content is helaas onrechtmatig. Maar wat online staat is niet eenvoudig weg te krijgen.
De hoeveelheid desinformatie over COVID-19 neemt met de dag toe. Dit kan tot maatschappelijke ontwrichting leiden wanneer grote groepen mensen gaan geloven in complottheorieën en zich daardoor niet langer aan de richtlijnen van de overheid willen houden.
Denk ook aan het verspreiden van politieke advertenties waarbij de afzender zich niet bekend maakt. Advertenties die er uitzien als nieuws en worden gericht op zorgvuldig geselecteerde doelgroepen. Met de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 3 november 2020 achter de rug en met het oog op de Nederlandse parlementsverkiezingen van 17 maart 2021 is dit onderwerp belangrijker dan ooit.
‘Notice and takedown’ werkt in de praktijk onvoldoende. Welke praktische en juridische instrumenten kunnen desinformatie indammen? Wat is de juridische stand van zaken? Welke ontwikkelingen zijn er in regulering en zelfregulering?

IEFBE 3153

Invulling van het AVG toestemmingsvereiste

HvJ EU - CJUE 11 nov 2020, IEFBE 3153; ECLI:EU:C:2020:901 (Orange Romania tegen ANSPDCP), http://www.ie-forum.be/artikelen/invulling-van-het-avg-toestemmingsvereiste

HvJ EU 11 november 2020, IT 3338, IEFbe 3153; ECLI:EU:C:2020:901 (Orange Romania tegen ANSPDCP) Privacyrecht. Telecomrecht. Orange Romania levert mobiele telecommunicatiediensten op de Roemeense Markt. De Roemeense toezichthoudende autoriteit voor de verwerking van persoonsgegevens heeft een geldboete opgelegd aan Orange Romania, wegens het verzamelen en bewaren van kopieën van identiteitsbewijzen van haar klanten, zonder geldige toestemming. De Roemeense rechter heeft naar aanleiding hiervan prejudiciële vragen gesteld aan het HvJ EU. Geoordeeld wordt dat op grond van art. 4 lid 11 en art. 6 lid 1 sub a AVG, het de verantwoordelijkheid van de verwerker is om aan te tonen dat de betrokkene met een actieve gedraging blijk heeft gegeven van zijn toestemming voor de verwerking van zijn persoonsgegevens en dat de betrokkene vooraf op de juiste wijze is geïnformeerd. Een overeenkomst waarin een beding is opgenomen dat de betrokkene in kennis is gesteld en toestemming heeft gegeven, kan niet aantonen dat de betrokkene op geldige wijze toestemming heeft gegeven wanneer 1) het vakje van het beding vooraf door de verwerkingsverantwoordelijke is ingevuld, 2) het beding de betrokkene kan misleiden omtrent de mogelijkheid om de overeenkomst te sluiten zonder toestemming te geven voor de verwerking van zijn gegevens of 3) de vrije keuze om zich te verzetten tegen het verzamelen van gegevens onnodig wordt aangetast, doordat geëist wordt dat de betrokkene een aanvullend formulier invult waaruit die weigering blijkt.

IEFBE 3152

Geen billijke vergoeding voor fonogram in audiovisueel werk

HvJ EU - CJUE 18 nov 2020, IEFBE 3152; ECLI:EU:C:2020:935 (Atresmedia tegen AGEDI en AIE), http://www.ie-forum.be/artikelen/geen-billijke-vergoeding-voor-fonogram-in-audiovisueel-werk

HvJ EU 18 november 2020, IEF 19610, IEFbe 3152; ECLI:EU:C:2020:935 (Atresmedia tegen AGEDI en AIE) Naburige rechten. Prejudiciële verwijzing. Atresmedia heeft meerdere televisiezenders. Op deze zenders worden audiovisuele werken uitgezonden waarin fonogrammen zijn opgenomen. AGEDI en AIE zijn entiteiten die respectievelijk de intellectuele eigendomsrechten van producenten van fonogrammen en die van uitvoerende kunstenaars beheren. In 2010 hebben deze entiteiten een vordering ingesteld tot veroordeling van Atresmedia tot betaling van een schadevergoeding wegens de mededeling aan het publiek van voor handelsdoeleinden uitgegeven fonogrammen of van reproducties daarvan. Zij menen dat de door Atresmedia verrichte mededeling aan het publiek van audiovisuele werken recht geeft op de enkele billijke vergoeding waarin de richtlijnen betreffende bepaalde naburige rechten voorzien.

IEFBE 3150

Modelregistratie waterballonvuller terecht nietig verklaard

18 nov 2020, IEFBE 3150; ECLI:EU:T:2020:543 (Tinnus Enterprises tegen EUIPO), http://www.ie-forum.be/artikelen/modelregistratie-waterballonvuller-terecht-nietig-verklaard

Gerecht EU 18 november 2020, IEF 19589, IEFbe 3150; ECLI:EU:T:2020:543 (Tinnus Enterprises tegen EUIPO) Modellenrecht. Het Gerecht van de Europese Unie heeft bevestigd dat zowel de Invalidity Division als de Boards of Appeal van het EUIPO terecht de ongeldigheid hebben uitgesproken van de modelregistratie van Tinnus voor een waterballonvuller (fluid distribution equipment), omdat alle kenmerken van het model uitsluitend door de technische functie zijn bepaald. Het Gerecht verwijst naar de DOCERAM-uitspraak van het HvJ EU [IEF 17542] en zie ook [IEF 17701] en [IEF 18001], waarin de ‘multiplicity of forms’ theorie is afgewezen en bevestigd dat het bestaan van technische alternatieven niet betekent dat het model niet technisch is bepaald. Alle objectieve factoren moeten daarbij worden meegenomen, waaronder het bestaan van een octrooi voor hetzelfde product. Een getuigenverklaring van de ontwerper kan niet als objectieve factor worden aangemerkt.

IEFBE 3149

Schrijf je nu in voor de Beroepsopleiding voor Merken- en Modellengemachtigden

In januari 2021 gaat bij voldoende aanmelding een nieuwe tweejarige Beroepsopleiding van start. De lessen zullen - afhankelijk van de ontwikkelingen - voor een deel digitaal worden gegeven.

De Beneluxstichting Beroepsopleiding voor Merken- en Modellengemachtigden organiseert deze beroepsopleiding voor merken- en modellengemachtigden in opleiding. Voor deelname aan de beroepsopleiding is vereist dat kandidaten met een afgeronde master minimaal 1 jaar relevante werkervaring hebben in de merken- en modellenpraktijk. Voor kandidaten met een HBO-opleiding of een afgeronde bachelor geldt een minimum van 3 jaar werkervaring.

IEFBE 3148

Senftleben en Angelopoulos over art. 17 DSM-richtlijn

Martin Senftleben en Christina Angelopoulos hebben een lezenswaardige bijdrage gescheven over de nieuwe DSM-richtlijn: 'In het actuele debat over art. 17 van de nieuwe Richtlijn auteursrecht in de digital single market (DSM-richtlijn) wordt vaak een belangrijk aspect van de nieuwe regeling buiten beschouwing gelaten: de filterverplichting die uit deze bepaling volgt (art. 17 lid 4 sub (b)) mag niet zo ver strekken dat een algemene monitoringverplichting ontstaat. Art. 17 lid 8 bepaalt uitdrukkelijk dat content platform aanbieders niet verplicht mogen worden hun dienst op een algemene manier te controleren om de illegale activiteiten van hun gebruikers op te sporen en te voorkomen. De focus van art. 17 lid 4 sub (b) op "specifieke werken" maakt dat niet anders. In het licht van fundamentele rechten ontstaat een verboden algemene monitoringverplichting wanneer voor de opsporing van potentieel inbreukmakende content - hoe specifiek die ook is gedefinieerd - elke content upload of alle content op het online platform moet worden onderzocht. Op het moment dat de inhoud van het platform in zijn geheel moet worden gescreend, krijgt de monitoringverplichting een buitensporig algemeen karakter. Tegen deze achtergrond kan een filterverplichting alleen toelaatbaar worden geacht als deze specifiek is ten aanzien van zowel het beschermde werk alsook de groep van potentiële inbreukmakers.'

Lees de bredere analyse van deze aspecten hier.